Nederlandse Vereniging van Golfspelende Journalisten
16.11.2023
Een bont gezelschap verzamelde zich 15 november in Brasserie Nel in Amsterdam om niet alleen de 73ste verjaardag van Rob Hoogland te vieren, maar ook om het glas te heffen op zijn laatste bundel columns.
Of, nou ja, laatste..?
Sinds Hoogland in 1989 begon met het schrijven van columns tikte hij een slordige achtduizend stukjes
bij elkaar. Een groot deel daarvan bundelde hij in 2015 in 'De Grote Hoogland', een ruim driehonderd
pagina's dik boek met daarin enkele honderden van zijn beste columns. Niet alleen sneuvelden er acht jaar geleden al veel, sinds hij officieel met pensioen ging, schreef hij vrolijk door, voor zijn krant De
Telegraaf, maar ook voor onder meer Golfers Magazine waar hij inmiddels ook alweer bijna honderd stukjes tikte over de sport die hem zo na aan het hart ligt.
Hoog tijd dus om een nieuwe bundeling te maken, de laatste die hij meemaakt, zo voorzag hij bij de
lancering. 'Na de Grote Hoogland en de Oude Hoogland ligt de Dode Hoogland nogal voor de hand, maar dat is dan niet meer aan mij', kreeg hij de lachers op zijn hand in de Amsterdamse horecagelegenheid waar een bont gezelschap (o.a. Guus Hiddink, tal van Telegraafcollega's, collega-columnisten als Sylvia Witteman en Theodor Holman, voormalig minister Ronald Plasterk en demissionair staatssecretaris Gunay Uslu en een handvol NVGJ-leden) zich op de 73ste verjaardag van Hoogland verzameld had.
De Oude Hoogland is een uitgave van EzoWolf en bevat naast columns uit de Telegraaf ook enkele
columns die eerder in Golfers Magazine hebben gestaan en enkele speciaal voor dit boek geschreven bijdragen. Het kost €23,95 en is verkrijgbaar bij de boekhandel en online.
Zonder te spelen afscheid nemen van de Mr Glow Matchplay, dat is even slikken. Zeker als dat afscheid niet het gevolg is van een blessure of nederlaag maar van een (veel) te volle agenda. Het stukje moeten tikken voor de Mr. Glow competitie is eigenlijk nooit goed nieuws. Heel soms, als je na een zege iemand matst door de tekst ook voor je rekening te nemen, maar meestal zit je toch je nederlaag weg te tikken en zie je letter voor letter verschijnen waarom het mis ging.
Dinsdag 28 april stond onze matchplay op de kalender en wel op de thuisbaan van Christel, het altijd mooie Anderstein. Ik had haar voorgesteld om op mijn thuisbaan te spelen, de ook mooie Heelsumse, maar naar later bleek had zij daar een wel heel vervelend akkefietje gehad. Iets met parkeren en veel schade, waar zij part noch deel aan had, dus liever niet opnieuw naar de Heelsumse. Geen punt, het is geen straf om op Anderstein te spelen. Ook had Christel gezorgd dat wij de lussen B en C konden spelen, de mooiste van de drie. Ik had mij goed voorbereid. Niet te veel Oranjebitter de dag er voor t.g.v. de verjaardag van Wim-Lex en vroeg naar bed, wat kon er fout gaan? Na de koffie en wat putten konden wij op weg. Het zou een stralende dag worden en niets bleek minder waar, prachtig zonnetje wel met wat wind. De B lus kende ik niet maar is werkelijk wonderschoon, bosrijk en zeer afwisselend. De C lus ligt meer in het open veld en daar kreeg de wind dus meer vat op de bal. Ook komt er water in het spel bij beide lussen. Dat Anderstein geen gemakkelijke baan is blijkt uit het feit dat ik met mijn handicap van 30,8 maar liefst 41 slagen mee kreeg. Na wat rekenwerk moest Christel mij 17 slagen geven. Een verslag van hole na hole is niet bijster interessant. Bij de turn stond Christel 4 up. We halfden wel een paar holes, maar met nog 3 holes te gaan was het toch 4 up voor Christel. Ze speelt mooi en steady, recht en lang van de tee, en zuiver met de approaches. De volgende tegenstander heeft er een hele kluif aan! Op het heerlijke terras in het zonnetje onder het genot van een Gele Peter leerden wij elkaar wat beter kennen. Christel is een bezige bij! Naast haar freelance journalistieke werk heeft ze ook al een paar boeken geschreven en biedt zij zichzelf aan als 'house-sitter'. Ze past op huizen als de bewoners weg zijn en verzorgt dan ook de dieren. Meestal in Frankrijk, ze spreekt de taal vloeiend, maar binnenkort ook tweemaal in Denemarken. Ze krijgt heel goede reviews en wordt daarom vaak gevraagd. Wel zoekt ze de huizen uit die niet te ver bij een golfbaan vandaan liggen. Het nuttige kun je met het aangename verenigen, nietwaar? Dankjewel Christel, voor een fijne golfronde! We hebben het motto van onze club eer aan gedaan en elkaar een gezellige dag bezorgd. Ik wens je heel veel succes met het vervolg van de matchplay!
Van Galen vs Van Leeuwen Ai, 7 down 6 to go Aan de vooravond van mijn matchplay speelde er van alles door mijn gonzende golfhoofd. Jeroen van Leeuwen - aan wie ik was gekoppeld - mocht zich al tweemaal eerder finalist noemen en hij won er een. Zijn handicap: 11. De mijne: 25. Het gekozen strijdtoneel: Houtrak, Jeroens thuisbasis. Ik speelde er ooit een keer, maar ik had geen enkele actieve herinnering aan welke hole dan ook. Eerlijk zijn tegen jezelf, dacht ik. Geen valse hoop koesteren. Tegen een betere golfer raak je door zijn verre drives en zuivere approches toch al snel ontmoedigd. Aan de andere kant was er toch enige reden tot optimisme. Mijn ballen vlogen de laatste tijd naar behoren. Op de Hoge Dijk had ik twee dagen daarvoor zomaar 32 stablefordpunten bijeen gesprokkeld. Actueel sta ik nu zelfs op plaats 6 in de Order of Merit. Ook al is dat in de B. Het weer zou fijn zijn en de baan lag er florissant bij, aldus de website. Ik kreeg ook nog eens dertien slagen mee. Even kwam de wekelijkse lijfspreuk van Telstarfans in mij op: ,,Voor hetzelfde geld winnen we.'' De wedstrijddag zelf begon goed. Jeroen toonde zich een warm gastheer. De greenfee had-ie al betaald en er stond direct koffie voor mijn neus. Wij kenden elkaar nog niet zo goed, maar in ons geanimeerd gesprek bleken wij veel raakvlakken met elkaar te hebben en zelfs wederzijdse kennissen. Jeroen zou mij – sportief als hij is - bij iedere hole op mogelijke gevaren wijzen. Drie-putt Bij het inslaan voelde ik mij dan ook tamelijk ontspannen. Bij de afslag zelfs op mijn gemak. De eerste hole verloor ik weliswaar, zij het nipt. Reden: een drie-putt op een voor mij erg snelle green. De tweede hole trok ik wel naar mij toe, maar verloor de vier daaropvolgende holes. Maar telkens met slechts één slag verschil. Met name opnieuw door het putten. De hole daarop halfden we. Hole 8 was wel voor mij. Lang leve de handicapverrekening, maar hole 9 ging wederom naar Jeroen. Al stond ik dan 4 down, ik bleef toch mogelijkheden zien. Jeroen speelde dan wel prima, maar mijn afslagen en approches mochten er ook wezen. Beslist niet kansloos. Tenminste, als je mijn fouten wat baanmanagement buiten beschouwing laat. Ik ging telkens voor de vlag. Ook al lag er een diepe bunker voor - of naast de green. Of erger: een waterpartij. Het verlangen om groots en meeslepend te spelen was opnieuw sterker dan het gezond verstand. Ken uzelf. Veilige ruimte Wilde ik dus nog terugkomen, dan moest ik vanaf hole 10 kiezen voor de veilige ruimte, beheerst slaan, rustig ademen en beseffen dat ik nog zes extra slagen mee had. Kortom vrij baan voor andere valkuilen in dat gonzende golfhoofd. Ik ging nadenken, ik ging kracht zetten, ik ging opkijken. Op de drie holes die volgden ging ik volledig de mist in. Jeroen scoorde intussen louter parren. Op hole 12 was het dan ook gedaan. 7 down voor mij, 7 up voor Jeroen, met nog maar 6 holes te gaan. De terechte winnaar stelde voor om toch nog even lekker door te spelen. En zo belandden wij nog op de schitterende hole 14, die, zo schijft men terecht op de Houtrak-site, op Augusta niet zou misststaan. De dag eindigde in het clubhuis met wat biertjes, bitterballen en wederom een prettig gesprek. Het NVGJ-adagium 'Elkaar een fijne dag bezorgen', viel hier helemaal op zijn plek. Met dank aan Jeroen, de baan en het weer.
Ik had al een paar jaar niet meer meegedaan aan onze matchplay competitie. Waarom eigenlijk weet ik niet. Ik speel graag matchplay en was ook altijd een enthousiast deelnemer aan de NGF Competitie. Toen ik in Zuid Afrika de oproep las van organisator Louis Westhof om je aan te melden, besloot ik mij op te geven en dat leverde een loting op die mij plaatste tegenover Hannie Verhoeven, onze huidige penningmeester en dinsdag 21 april was het zover. Hannie wilde wel graag eens op Noordwijk spelen, zij had gehoord dat het een oude en mooie baan was en dat wilde zij wel eens ervaren. Ik denk dat zij, nu de wedstrijd achter de rug is, graag nog eens terug wil komen naar Noordwijk.
'Het was gezellig, man', zegt Roland, terwijl hij nog een keer op zijn scorekaart kijkt, die niet alleen 44 Stablefordpunten laat zien, maar ook 4&3 winst in de eerste ronde van de matchplaycompetitie. Gezellig? GEZELLIG?! Ik neem nog een slok van mijn bier en denk terug aan achttien holes geleden. Toen mijn goedlachse, en ogenschijnlijk zo sympathieke tegenstander me op de eerste green een puttje van veertig centimeter liet maken... herstel, liet missen. 'Het is niets persoonlijks hoor, maar soms gaan dat soort puttjes er niet in', voegde hij er ten overvloede nog even aan toe. Vertel mij wat. De rest van de ronde drukte ik er nog vier van binnen de meter langs de hole – er zat zelfs een 4-putt bij – zodat de teller pas stopte na 40 putts. Au.
De NVGJ won na jaren weer eens de interland tegen de Duitsers, deze keer op de baan van Landgoed Bleijenbeek in Afferden. Weliswaar met een krap verschil, van in totaal 253 punten tegen 249, de trots was er niet minder om. Nederland lijkt sinds de geweldige prestatie bij de Nations Cup in Texel, de stijgende lijn moeiteloos door te trekken. Non-playing captain Madelon nam de afschuwelijk grote beker in ontvangst. Waar andere jaren nog wel eens de slechtste twee (of de beste en de slechtste) score van de tien werden geschrapt, gebeurde dat dit jaar niet, en dat maakte net het verschil, door een score van 8 punten bij de Duitsers, waar Nederland niet lager scoorde dan een 21. De hoogste scores vielen met 31 en 35 trouwens ook aan de kant van de Duitsers, waar Sonja de meeste binnen haalde voor Nederland (30). Alle scores met ¾ handicap verrekening.