Nederlandse Vereniging van Golfspelende Journalisten
20.08.2025
Hoppa! Zesduizend woorden. Dat vind ik al een prestatie op zich. Ik ken mensen die niet eens 6.000 stappen tijdens een golfwedstrijd kunnen lopen, of daar al een buggy voor nodig hebben. Maar eerlijk is eerlijk: ik heb genoten. Niet zozeer van het wedstrijdverslag (voor de scrollers; dat begint ergens halverwege bij de tweede 3.000 woorden), maar wel van de welbekende Henri-cocktail: een snufje maatschappijkritiek, een sneertje naar de hem zo gehate en tegelijkertijd geliefde journalistiek, een scheut (euh.. waterval) links activisme en een flinke plens ironie. Waarvan die laatste dan soms maar moeilijk te ontwaren is.
Frenske
Henri maakt zich druk over de “verrechtsing”. Van de samenleving, van de media (hahah), maar ook van ons clubke. Hij ziet verrechtsing als een bedreiging voor onze democratie. Ik zie het als een correctie. Links vertelt ons maar wat graag hoe we hoe we moeten denken, eten en zelfs ademhalen (maar dan wel graag CO₂-neutraal). En dat is nog steeds dagelijks aan de orde. Want waar de Telegraaf volgens hem pro-auto is, kun je in het journaal de klok er op gelijk zetten dat er elke dag wel een anti-auto item in zit. Met Frenske voorop. En als het aan mensen als Henri ligt blijft dat voorlopig ook zo. Dat er ook mensen zijn die daar een beetje klaar mee zijn, lijkt me niet meer dan logisch. Is dat eng? Welnee. Dat heet democratie.
Wakkere krant
En De Telegraaf? Henri schildert het af als een soort gevaarlijk pamflet. Ik lees het niet vaak, maar als ik het lees doe ik dat met even zoveel plezier als dat ik de stukken van het extreem linkse en activistische De Correspondent tot me neem, om maar eens een voorbeeld te noemen. Ja, het schuurt. Maar journalistiek die niet schuurt is foldermateriaal. Dan moet je je beperken tot Jip en Janneke en de Grote Zwarte Kat. Ofzoiets.
Superlijm
Henri loopt voorop in de regen met “Grootouders voor het klimaat”. Oh ja? Loop je dan wel? Hebben ze daar geen handicarts, ouwe reus? Als ik weer eens vaststa omdat een handjevol zichzelfbenoemde wereldredders met superlijm op de A12 ligt, dan zakt mijn sympathie sneller weg dan mijn spel op de tweede negen van de Hoge Kleij. En geloof me, dat was indrukwekkend.
Wat ik geweldig vind aan onze NVGJ: we hebben ruimte voor dit alles. Voor Henri’s linkse zorgen, voor mijn rechtse gepruttel, voor Trump-bashers én Wilders-fans. Ik zie posts langskomen van NVGJ-vrienden die op z’n minst als extreem-links te classificeren zijn.
Anti-Trump, anti-Wilders, anti-Israël, ronduit antisemietisch (wat volgens Henri allemaal wel meevalt. In zijn kwaliteitskranten schrijven ze blijkbaar nooit over de hoon die doodgewone Israeli’s dagelijks ten dele valt), anti-alles wat maar niet progressief ruikt. Vind ik mijn geliefde NVGJ-vrienden daardoor minder als mens? Nee hoor. Hooguit wat naïef. Hahaha!
Wereldvrede
Uiteindelijk zitten Henri en ik dichter bij elkaar dan je denkt. We waarderen elkaar, we houden van een goed debat, en we weten: elk mens is vóór wereldvrede, alleen de route er naar toe verschilt.
Oké, op Hamas na dan, want dat is alleen maar uit op de vernietiging van één soort mens, de Jood. Al denkt Henri dat Israel vooral buitensporig bezig is en geen existentiële oorlog voert.
Een existentiële oorlog? Ja, hij noemde dat woord gisteren en ik moest zowaar even om verduidelijking vragen: ‘wat bedoel je precies?’ Een existentiële oorlog is een oorlog die nodig is om je voortbestaan te verdedigen. Ah zo!
Nee, welnee, Henri. Dat verandert de zaak wel. Laten we ook niet te moeilijk doen. Als ze (de Hamas loeders) het gewoon af en toe doen, bijvoorbeeld eens in de zoveel jaar, zo’n 7-oktobertje, en ze houden het dan bij 1200 slachtoffers per keer en een handjevol gijzelaars, dan zullen ze heus nog wel een tijdje blijven voortbestaan. Er wonen tenslotte nog wel een paar miljoen Israeli’s daar. Die heb je zomaar niet allemaal verkracht, uitgeroeid, onthoofd of anderszins naar het leven gestaan. Een paar miljoen Joden opruimen is best een intensief werkje, vraag maar aan Adolf. Nee, echt existentieel is het niet met zulke aantallen.
De ironie modus moet even uit, merk ik bij mezelf. Anders word ik er nog cynisch over ook. En waarom zouden we?
Koning, keizer, admiraal
Henri is koning, keizer en admiraal in het maken van pamfletten die talloze onderwerpen even aanstippen. Dat maakt het ietwat ingewikkeld om overal inhoudelijk op te reageren. Dat ga ik dan ook niet doen. Hij pakt op zijn dure gewonnen Adidas-patta’s de route langs klimaatactivisme en links idealisme, ik haal wat vaker rechts in op de snelweg van gezond verstand. Waarmee ik niet beweer dat zijn denken ongezond is. Voor we daar weer een debat over krijgen.
Goed gesprek
Aan het einde van de dag, zo’n dag waarop we voor een paar tientjes voortreffelijk verwend worden met de allermooiste banen en dito gezelschap, eindigen we allemaal op hetzelfde terras, met een glas wijn (ja, de scherpe opletters hadden het goed gezien, ik dronk gisteren een glaasje wijn, maar dat was vooral omdat de uiterst vriendelijke dame van de Hoge Kleij hem zo goed aan wist te prijzen) en een goed gesprek.
En dáár zit de kracht van deze club, wat mij betreft. Niet in gelijk krijgen, maar in het gesprek zelf. En natuurlijk in golf, dat heerlijke spel dat ons telkens leert relativeren. Want wie durft na een rondje van 27 punten op één van de mooiste banen van Nederland nog met een stalen gezicht zich druk te maken om zaken die de wereld verbeteren?
Prioriteiten nondejus! Eerst zorgen dat je drives rechtdoor gaan. Als we dan nog tijd over hebben, of er nog woorden voor over hebben, dan kunnen we eens kijken naar de politiek der trivialiteiten.
"Spelen we bij jou op de Veluwse of kom je naar Lauswolt?" appte Louis nadat bekend was geworden dat er een tussenronde aan de Mr. Glow Matchplay was toegevoegd. Ik had Louis eerder al eens op mijn homecourse verslagen en vond het daarom niet meer dan eerlijk om af te reizen naar het Hoge Noorden, naar de voor mij nog onbekende baan van Lauswolt.
Na het grandioze succes van de Nations Cup in eigen land is de schroom groot onder de leden. Maar de tien durfals die ook dit keer hun land willen verdedigen, dit keer op Sussex in Engeland, zijn bekendgemaakt door captain Hélène Wiesenhaan.
Pim schreef met de redactie. Hi Anton, Nadat Peter vorige week enkele uren voor ons matchplayduel om zeer begrijpelijke redenen moest afzeggen, moest ik dat doen voor ons duel op 1 juli… En zeker de eerste 2 weken daarna kan ik niet spelen! Ik krijg namelijk a.s. maandag een pacemaker (niets ernstigs, daar kun je 100 mee worden); die datum werd me plotseling op weg naar Welderen meegedeeld. Derhalve heb ik de winst aan Peter ‘geschonken’. Zal ik nog een piepklein stukkie plus foto doorsturen of niet? Of is dat mosterd na de maaltijd? Pim Pim, Stuur maar door hoor. Altijd leuk. Groet, Anton
Het was niet eenvoudig om een datum voor onze matchplay wedstrijd te vinden. Uiteindelijk werd het19 juni, een dag die als zeer warm de boeken in zal gaan. Nadat door clubtechnische zaken de afslag vervroegd werd van 15.00 naar 09.00 konden we op de verder rustige en mooie baan van de Golfresidentie in Dronten gaan afslaan.
Vooraf hoopte ik het moeten schrijven van een verslag nog een paar rondjes uit te kunnen stellen. We speelden op Haverley. Voor mij onbekend, en net zo onbekend was het voor mij dat er in brabant een woonkasteel is gebouwd waar de golfbaan omheen zwiert. De wedstrijd tegen Hannie voelde als Nederland-Japan. Het zou moeten kunnen, maar vooral Japan niet onderschatten. Waar de voetbalwedstrijd eindigde in een (teleurstellend) gelijkspel, ging het in onze matchplay met rasse schreden richting Duitsland-Curacao.
We beleefden op 19 juni twee primeurs op de Haarlemmermeersche Golfclub, met -sch. De eerste: het was de tot dusver warmste dag van 2026, met temperaturen die in het zuidoosten van het land opliepen tot 36 graden Celsius. Zo gek was het in Cruquius/Haarlemmermeer niet, maar de thermometer stond op 34,2 toen we ‘s middags om drie uur afsloegen op het Leeghwater-Lyndenparcours.