Nederlandse Vereniging van Golfspelende Journalisten
04.07.2020
Dank Ruud voor het doorgeven van het stokje en nog fijner dat het weer beter met je gaat! Mijn eerste herinneringen aan golf? Dat was een familieweekeinde in Knokke waar mijn oom en tante, neven en nicht hadden besloten om op zaterdag met z’n allen te gaan golfen. Omdat ik zelf toen nog niet golfde, mocht ik slechts meewandelen… Na drie holes meelopen wist ik zeker dat ik deze sport echt nooit zelf zou willen spelen.
Ik kon niet begrijpen dat het leuk was om urenlang achter een klein balletje aan te wandelen, waarbij je ook nog eens een groot deel van de tijd geacht werd stil te zijn. En daarbij kwam – ongeduldig als ik ben – dat je netjes op je beurt moest wachten voor je mocht slaan. Snelheid deed er dus al helemaal niet toe…
Maar het ergste moest toen nog komen: het diner ‘s avonds. Er bleek over niets anders te worden gepraat dan de slagen van die middag en wat absoluut anders had gemoeten. Als een (ver)vreemde zat ik die avond bij mijn familie aan tafel en voor de tweede keer die dag wist ik: golf is niets voor mij!
Jaren later werkte ik bij Sleeswijk Entertainmaint, het bedrijf van Hans Sleeswijk. In die jaren was hockey mijn grote passie en speelde ik bij Laren Dames 1. Hans was zelf een fervent golfer – en lid op de Hilversumsche — en adviseerde mij vrijwel wekelijks dat ik toch echt moest beginnen met golfen, want “eenmaal boven de veertig was het te laat”, zei hij. Nog steeds had ik een grote aversie tegen het spelletje, maar wel groot respect voor Hans. Het leidde ertoe dat ik uiteindelijk toch mijn GVB haalde. Maar daar bleef het jarenlang bij…
Totdat ik bij Palm Plus werkte en Ruud van Breugel tegen me zei: “Doe een keer mee met een wedstrijdje van de Nederlandse Vereniging van Golfspelende Journalisten. We zoeken nog vrouwen…” Dat laatste begreep ik niet helemaal, maar voor een wedstrijdje was ik wel te porren.
In mijn herinnering was die eerste wedstrijd met de NVGJ in de letterlijke vrieskou op de Lage Vuursche, waar de waterpartijen bevroren waren en ik tot hilariteit van veel mensen een gele skibroek had aangetrokken. Ondanks die kou (oud-lid Ben Visser heeft me toen nog heel lief zijn handwarmers gegeven) wist ik de bal best aardig te raken en kwam ik met een ongeloofwaardig hoog aantal stablefordpunten het clubhuis binnen. Officieel lid was ik nog niet, waardoor die score helaas niet meetelde voor de echte wedstrijd. Dat was een van de redenen dat ik besloot per direct NVGJ-lid te worden, en vanaf die dag op de Lage Vuursche was ik ook gegrepen door het spel.
De aversie is inmiddels getransformeerd in een ongelofelijke liefde voor de sport.
Hoogtepunten bij de NVGJ zijn voor mij onder anderen de wedstrijden — in mooi weer :-) — op prachtige banen waar ik anders niet had kunnen spelen, de speeches van Pieter Landman en Ruud Onstein, de matchplay-wedstrijden tegen Rob H en Louis, de weekeinden Hardelot, de hilarische busreis naar Berlijn waar de buschauffeur verplicht iedere anderhalf uur moest stoppen en wij meliger en meliger werden, de interland tegen de Duitsers waarbij we eindelijk een keer wonnen, een flight met Louky tegen de Belgen waar wij op het nippertje
toch nog gelijk wisten te spelen, de laatste wedstrijd van Mignon Buls op de Noordwijkse waarbij ze in de B-categorie won, het blije gezicht van Henrie na het eindelijk winnen van de Order of Merit, de verschrikkelijke lol die we – ondanks onze wanprestatie — in Puglia hadden met het team, de eerste keer dat ik meedeed op de Keppelse en dat Breukink sr. aan tafel anecdotes vertelde, en zo kan ik nog zo lang doorgaan.
De NVGJ is een vreemd stel mensen (lees mannen) bij elkaar, maar ik kan me nog steeds verheugen op een wedstrijdje en het slap ouwehoeren na afloop. Laten we het vooral niet te serieus nemen allemaal, een beetje lief zijn voor elkaar, de mooie banen en uitjes nooit als iets vanzelfsprekend zien en onze ego’s – lees niet egaa’s — lekker thuislaten!
Ik geef het stokje graag door aan Marijke Brouwers.
249 keer gelezen
Zonder te spelen afscheid nemen van de Mr Glow Matchplay, dat is even slikken. Zeker als dat afscheid niet het gevolg is van een blessure of nederlaag maar van een (veel) te volle agenda. Het stukje moeten tikken voor de Mr. Glow competitie is eigenlijk nooit goed nieuws. Heel soms, als je na een zege iemand matst door de tekst ook voor je rekening te nemen, maar meestal zit je toch je nederlaag weg te tikken en zie je letter voor letter verschijnen waarom het mis ging.
Dinsdag 28 april stond onze matchplay op de kalender en wel op de thuisbaan van Christel, het altijd mooie Anderstein. Ik had haar voorgesteld om op mijn thuisbaan te spelen, de ook mooie Heelsumse, maar naar later bleek had zij daar een wel heel vervelend akkefietje gehad. Iets met parkeren en veel schade, waar zij part noch deel aan had, dus liever niet opnieuw naar de Heelsumse. Geen punt, het is geen straf om op Anderstein te spelen. Ook had Christel gezorgd dat wij de lussen B en C konden spelen, de mooiste van de drie. Ik had mij goed voorbereid. Niet te veel Oranjebitter de dag er voor t.g.v. de verjaardag van Wim-Lex en vroeg naar bed, wat kon er fout gaan? Na de koffie en wat putten konden wij op weg. Het zou een stralende dag worden en niets bleek minder waar, prachtig zonnetje wel met wat wind. De B lus kende ik niet maar is werkelijk wonderschoon, bosrijk en zeer afwisselend. De C lus ligt meer in het open veld en daar kreeg de wind dus meer vat op de bal. Ook komt er water in het spel bij beide lussen. Dat Anderstein geen gemakkelijke baan is blijkt uit het feit dat ik met mijn handicap van 30,8 maar liefst 41 slagen mee kreeg. Na wat rekenwerk moest Christel mij 17 slagen geven. Een verslag van hole na hole is niet bijster interessant. Bij de turn stond Christel 4 up. We halfden wel een paar holes, maar met nog 3 holes te gaan was het toch 4 up voor Christel. Ze speelt mooi en steady, recht en lang van de tee, en zuiver met de approaches. De volgende tegenstander heeft er een hele kluif aan! Op het heerlijke terras in het zonnetje onder het genot van een Gele Peter leerden wij elkaar wat beter kennen. Christel is een bezige bij! Naast haar freelance journalistieke werk heeft ze ook al een paar boeken geschreven en biedt zij zichzelf aan als 'house-sitter'. Ze past op huizen als de bewoners weg zijn en verzorgt dan ook de dieren. Meestal in Frankrijk, ze spreekt de taal vloeiend, maar binnenkort ook tweemaal in Denemarken. Ze krijgt heel goede reviews en wordt daarom vaak gevraagd. Wel zoekt ze de huizen uit die niet te ver bij een golfbaan vandaan liggen. Het nuttige kun je met het aangename verenigen, nietwaar? Dankjewel Christel, voor een fijne golfronde! We hebben het motto van onze club eer aan gedaan en elkaar een gezellige dag bezorgd. Ik wens je heel veel succes met het vervolg van de matchplay!
Van Galen vs Van Leeuwen Ai, 7 down 6 to go Aan de vooravond van mijn matchplay speelde er van alles door mijn gonzende golfhoofd. Jeroen van Leeuwen - aan wie ik was gekoppeld - mocht zich al tweemaal eerder finalist noemen en hij won er een. Zijn handicap: 11. De mijne: 25. Het gekozen strijdtoneel: Houtrak, Jeroens thuisbasis. Ik speelde er ooit een keer, maar ik had geen enkele actieve herinnering aan welke hole dan ook. Eerlijk zijn tegen jezelf, dacht ik. Geen valse hoop koesteren. Tegen een betere golfer raak je door zijn verre drives en zuivere approches toch al snel ontmoedigd. Aan de andere kant was er toch enige reden tot optimisme. Mijn ballen vlogen de laatste tijd naar behoren. Op de Hoge Dijk had ik twee dagen daarvoor zomaar 32 stablefordpunten bijeen gesprokkeld. Actueel sta ik nu zelfs op plaats 6 in de Order of Merit. Ook al is dat in de B. Het weer zou fijn zijn en de baan lag er florissant bij, aldus de website. Ik kreeg ook nog eens dertien slagen mee. Even kwam de wekelijkse lijfspreuk van Telstarfans in mij op: ,,Voor hetzelfde geld winnen we.'' De wedstrijddag zelf begon goed. Jeroen toonde zich een warm gastheer. De greenfee had-ie al betaald en er stond direct koffie voor mijn neus. Wij kenden elkaar nog niet zo goed, maar in ons geanimeerd gesprek bleken wij veel raakvlakken met elkaar te hebben en zelfs wederzijdse kennissen. Jeroen zou mij – sportief als hij is - bij iedere hole op mogelijke gevaren wijzen. Drie-putt Bij het inslaan voelde ik mij dan ook tamelijk ontspannen. Bij de afslag zelfs op mijn gemak. De eerste hole verloor ik weliswaar, zij het nipt. Reden: een drie-putt op een voor mij erg snelle green. De tweede hole trok ik wel naar mij toe, maar verloor de vier daaropvolgende holes. Maar telkens met slechts één slag verschil. Met name opnieuw door het putten. De hole daarop halfden we. Hole 8 was wel voor mij. Lang leve de handicapverrekening, maar hole 9 ging wederom naar Jeroen. Al stond ik dan 4 down, ik bleef toch mogelijkheden zien. Jeroen speelde dan wel prima, maar mijn afslagen en approches mochten er ook wezen. Beslist niet kansloos. Tenminste, als je mijn fouten wat baanmanagement buiten beschouwing laat. Ik ging telkens voor de vlag. Ook al lag er een diepe bunker voor - of naast de green. Of erger: een waterpartij. Het verlangen om groots en meeslepend te spelen was opnieuw sterker dan het gezond verstand. Ken uzelf. Veilige ruimte Wilde ik dus nog terugkomen, dan moest ik vanaf hole 10 kiezen voor de veilige ruimte, beheerst slaan, rustig ademen en beseffen dat ik nog zes extra slagen mee had. Kortom vrij baan voor andere valkuilen in dat gonzende golfhoofd. Ik ging nadenken, ik ging kracht zetten, ik ging opkijken. Op de drie holes die volgden ging ik volledig de mist in. Jeroen scoorde intussen louter parren. Op hole 12 was het dan ook gedaan. 7 down voor mij, 7 up voor Jeroen, met nog maar 6 holes te gaan. De terechte winnaar stelde voor om toch nog even lekker door te spelen. En zo belandden wij nog op de schitterende hole 14, die, zo schijft men terecht op de Houtrak-site, op Augusta niet zou misststaan. De dag eindigde in het clubhuis met wat biertjes, bitterballen en wederom een prettig gesprek. Het NVGJ-adagium 'Elkaar een fijne dag bezorgen', viel hier helemaal op zijn plek. Met dank aan Jeroen, de baan en het weer.
Ik had al een paar jaar niet meer meegedaan aan onze matchplay competitie. Waarom eigenlijk weet ik niet. Ik speel graag matchplay en was ook altijd een enthousiast deelnemer aan de NGF Competitie. Toen ik in Zuid Afrika de oproep las van organisator Louis Westhof om je aan te melden, besloot ik mij op te geven en dat leverde een loting op die mij plaatste tegenover Hannie Verhoeven, onze huidige penningmeester en dinsdag 21 april was het zover. Hannie wilde wel graag eens op Noordwijk spelen, zij had gehoord dat het een oude en mooie baan was en dat wilde zij wel eens ervaren. Ik denk dat zij, nu de wedstrijd achter de rug is, graag nog eens terug wil komen naar Noordwijk.
'Het was gezellig, man', zegt Roland, terwijl hij nog een keer op zijn scorekaart kijkt, die niet alleen 44 Stablefordpunten laat zien, maar ook 4&3 winst in de eerste ronde van de matchplaycompetitie. Gezellig? GEZELLIG?! Ik neem nog een slok van mijn bier en denk terug aan achttien holes geleden. Toen mijn goedlachse, en ogenschijnlijk zo sympathieke tegenstander me op de eerste green een puttje van veertig centimeter liet maken... herstel, liet missen. 'Het is niets persoonlijks hoor, maar soms gaan dat soort puttjes er niet in', voegde hij er ten overvloede nog even aan toe. Vertel mij wat. De rest van de ronde drukte ik er nog vier van binnen de meter langs de hole – er zat zelfs een 4-putt bij – zodat de teller pas stopte na 40 putts. Au.
De NVGJ won na jaren weer eens de interland tegen de Duitsers, deze keer op de baan van Landgoed Bleijenbeek in Afferden. Weliswaar met een krap verschil, van in totaal 253 punten tegen 249, de trots was er niet minder om. Nederland lijkt sinds de geweldige prestatie bij de Nations Cup in Texel, de stijgende lijn moeiteloos door te trekken. Non-playing captain Madelon nam de afschuwelijk grote beker in ontvangst. Waar andere jaren nog wel eens de slechtste twee (of de beste en de slechtste) score van de tien werden geschrapt, gebeurde dat dit jaar niet, en dat maakte net het verschil, door een score van 8 punten bij de Duitsers, waar Nederland niet lager scoorde dan een 21. De hoogste scores vielen met 31 en 35 trouwens ook aan de kant van de Duitsers, waar Sonja de meeste binnen haalde voor Nederland (30). Alle scores met ¾ handicap verrekening.