Nederlandse Vereniging van Golfspelende Journalisten
10.06.2023
In de weken voorafgaand aan onze partij hadden we elkaars medische dossiers uitgewisseld, bij wijze van voorbehoud mocht onze afspraak toch niet kunnen doorgaan. Fred (van 1949) loopt bij een osteopaat, vanwege aanhoudende nek- en rugklachten die niet goed matchen met een vloeiende golfswing. Zelf (hoewel aanzienlijk jonger, van 1960) had ik net een bezoek aan een orthopeed en een fysiotherapeut achter de rug, vanwege knieslijtage. Mij is inmiddels een brace aangemeten, die de pijn in het gewricht inderdaad aanzienlijk verzacht.
Daarnaast was er nog de wetenschap dat we al vorig jaar tegen elkaar hadden geloot, maar dat ik die partij toen jammerlijk moest opgeven zonder te spelen, vanwege een rugkwetsuur die me enkele maanden buitenspel zette. “Houd er rekening mee dat de klachten zo maar weer kunnen terugkeren”, had de fysio bemoedigend medegedeeld.
“De lamme en de blinde”, sprak Fred dan ook toen hij me welkom heette op zijn baan Euregio in Bad Bentheim, net over de grens voorbij Oldenzaal. Hij was op de fiets; het is alweer twintig jaar geleden dat Fred even buiten Bad Bentheim een fraai huis liet bouwen, en van Denekamp naar Duitsland verhuisde. Zelf had ik er een autoritje van bijna twee uur op zitten, deels over de Autobahn. Dat was me aanbevolen door de routeplanners van Google Maps, die je maar beter niet blind moet volgen. Voor de terugweg koos ik daarom voor de route die Fred me adviseerde. Qua tijd niet eens zo veel sneller, zo bleek, maar het scheelde aanzienlijk in de kilometers.
Tijdens de terugreis kwam ik tot de slotsom dat het qua spel was meegevallen met de lamme en de blinde. Fred, ooit een single handicapper, is weliswaar niet meer zo ver van de tee als voorheen, maar met handicap 16 niettemin een zeer serieus te nemen bogeyspeler. Bovendien lest hij regelmatig. Nota bene daags voor onze partij had hij van zijn pro een waardevolle tip gekregen die zijn spel geweldig zou helpen: houd de backswing korter en zwaai rustiger.
Zelf was ik kort geleden, door mee te doen aan een golfclinic, hoewel bedoeld voor beginners, met de neus op het feit gedrukt dat mijn golfswing nogal afwijkt van hoe ik het ooit, decennia geleden, moet hebben geleerd: qua grip, set-up, houding, schouderdraai, heupdraai, polsknik. Qua de hele mikmak eigenlijk. Resetten, schijnt dat te heten, maar wat je in jaren hebt aangeleerd krijg je er niet in een paar weken uit.
Hoe dan ook, in het begin van onze partij stond ik heel even 1 up, en Fred was op enig moment, na elf holes, zelfs even 2 up. Maar veel verschil was er niet. Na veertien holes was het dan ook weer all square. Opmerkelijk was Freds score op hole 11, een par 4 van 375 meter, stroke-index 2. “Deze kan ik niet meer in regulation halen”, zei Fred op de tee. Maar hij maakte doodleuk een par, door
zijn bal van net buiten de green in de hole te chippen, over ten minste 15 meter… Hij maakte nog excuses ook, omdat hij op deze hole een slag kreeg. Over de hele partij moest ik Fred op vier holes een slag geven. Vier, dat was er voor mij net eentje te veel. Na een enorme misser vanaf de vijftiende tee was ik weer op achterstand gekomen (Fred profiteerde geroutineerd) en op de zestiende, waar Fred zijn laatste slag kreeg, nam ik te veel risico om dat nadeel te compenseren: Fred 2 up. Nog was de partij niet gespeeld. Dankzij winst op de zeventiende (met maar weer eens een par; we maakten samen best veel parren vandaag) kwam het op aan op de achttiende. Helaas voor mij kon ik daar het verschil niet maken.
Drieënhalf uur in de auto, drieënhalf uur in de baan, dan nog zo’n drie uur met voorbereiding/nazit en dan met het kleinst mogelijke verschil je verlies moeten nemen. Toch zijn er beroerdere dagbestedingen denkbaar. Dat was mede te danken aan de fijne nazit waarin we onder andere de actualiteit bespraken (Inez Weski vrijgelaten) en het voetbal als kijkspel fileerden, na opnieuw een belachelijke vertoning die Europa League wordt genoemd. Fred bedankt!
Louis Westhof
(En Duitsland mag dan klinken als ‘ver weg’, Het klinkt misschien ver weg, Duitsland, maar Bad Bentheim is de moeite van het ritje zeker waard)
Onze verliezersronde-wedstrijd stond oorspronkelijk gepland op Noordwijk, maar vanwege de warmte werd uitgeweken naar De Hoge Dijk. Op de lus Bullewijk/Holendrecht ontspon zich een echte jojo-partij tussen Ruud Onstein en Peter Luijer, die pas op een beslissende extra hole werd beslecht.
Annette de Jong speelde op De Zaanse een matchplaywedstrijd tegen Jeroen van Leeuwen. Na drie dagen achter elkaar 18 holes bleek dat net iets te veel gevraagd. Een verslag van een zware, maar bijzonder gezellige golfdag.
In de kwartfinale van de Mr. Glow Matchplaycompetitie stond ik oog in oog met Peter van Weel, NVGJ's topgolfer met een handicap +0.5. Peter versus Peter dus. Spannend? Absoluut! Een verslag van een mooie strijd op Wilnis, met een prachtig tafereel bij de sprinkler.
De zon scheen, het was voor mij een thuiswedstrijd en ons vorige potje op de Veluwsche zou ik – zo rekende Elaine na afloop van die ronde uit – gewonnen hebben als we matchplay hadden gespeeld. Vandaag was dan de échte matchplay wedstrijd. De winnaar mocht de halve finale op de Hoge Kleij spelen en daar hadden we allebei - competitief als we zijn - wel oren naar. Maar eerst deze ronde nog op Anderstein.
De Texelse golfbaan is veranderd in een droog steppenlandschap. Reden, het uitblijven van regen en – net als elders -, waterschaarste. Zeker op Texel. Maar goed nieuws: de greens zijn nog steeds écht ‘green’, net als de tee-boxen. En de baan zelf, die ligt er ondanks de droogte gewoon prima bij. Baanmanager Anita Hiemstra vertelt het meerdere keren per dag aan de gasten. ,,Sinds mei is er geen noemenswaardige regen meer gevallen. Tenminste, niet genoeg om het gras van de fairways te kunnen blijven beregenen. En zou het ineens gaan regenen, dan is het morgen niet meteen weer groen. We hebben de voorbije winter zelfs extra waterbassins aangelegd, maar hier valt niets tegen te doen. Het is wat het is’’, zegt ze berustend. Was alles in juni, bij de start van de klimatologische zomer, nog prachtig groen, actueel kleuren de fairways van beige tot bruin. Alleen langs de waterkanten is het nog groen. De grond van de fairways is keihard. Heel Cruijffiaans betekent dat ook: ‘Elk nadeel heb z’n voordeel’. In dit geval is het dat de bal vele meters verder doorrolt dan normaal. En belandt je bal in het helmgras dan vind je ’m zeker terug. Bij een rondje Texel, afgelopen week, maakten de harde fairways zomaar dertig meter verschil. De bal stuitert tientallen meters verder dan ‘normaal’. Ach, wat is normaal? Maar als ik ineens in twee slagen (hole 1 en hole 17) op de green lig, dan wordt er 2 september geweldig gescoord. Wordt het misschien wel legendarisch. Net als die keer dat de regen met bakken uit de lucht kwam vallen. Toch stug door gaan. Bikkels, al begreep de marshall er weinig van: ,,Wat zijn jullie aan het doen?’’ Nou, waar lijkt het op? Dit is ook golf. ,,Jullie zijn nog de enige flight in de baan. De wedstrijd is afgelast. Iedereen zit in het clubhuis.’’ De inschrijving van het jaarlijkse zomerrondje Texel is geopend. Partners zijn ook dit jaar weer van harte welkom op onze eigen homecourse. Alleen is Texel dit jaar geen tweedaagse, maar telt het één wedstrijddag. En toch, wat weerhoudt je ervan om een paar dagen eerder te komen of langer te blijven. Het eiland heet je welkom. Net als het hele team van De Texelse. Woensdag 2 september, Texel. Partners zijn welkom. NB: Bij de foto’s. Openen met verdorde landschap. Onderschrift: De fairways zijn veranderd in een steppenlandschap. C: Ronald Massaut Afsluiten met foto van groene fairway. Onderschrift: Bij de start van de zomer op 21 juni was alles nog groen op de Texelse. C: Ronald Massaut
In de matchplay moest ik het opnemen tegen Louis. Louis had mij uitgenodigd om op Lauswolt te komen spelen. Omdat iedereen die ik sprak zei dat het een prachtige baan is, nam ik die uitnodiging maar al te graag aan. En iedereen had gelijk. Lauswolt is best een stukkie rijden, maar dan krijg je ook waar voor je moeite. Ik denk dat ik tijdens de ronde wel een keer of twaalf heb gezegd dat ik het zo’n mooie baan vond. Tot ik uiteindelijk aankondigde dat ik het nu echt niet meer ging zeggen.