Nederlandse Vereniging van Golfspelende Journalisten
Bekijk alle zoekresultaten voor "2027".
Onze preses verwoorde het keurig in zijn speech op de slotavond van de Redexim Nations Cup op Texel. “Everything is already said and done” True. Want van alle kanten kwamen de lovende woorden over de organisatie heen. Maar ook ik voel nog de behoefte om vanuit de buik van het peloton te reflecteren op wat een golfweek was van topgolf, chaos, vriendschap en een vleugje gezonde gekte. Friso, die hardnekkig links wil blijven - ik krijg hem elk jaar een beetje dichter bij de realiteit, maar het blijft trekken aan een dood paard. Stef, mijn avondmaatje, met wie ik elke ronde slag voor slag napraatte. Hannie, mijn pairingpartner, met wie het heerlijk spelen was, ook al telde onze score de eerste dag niet eens mee. En Marijke, die ’s ochtends in haar badjas even door de heg prikte op vakantiepark De Krim om me een koffie aan te reiken. Zij (en de rest) hadden namelijk wél de miljoen appjes voorafgaand aan het toernooi gelezen en cups meegenomen voor het apparaat in het chalet. Ik niet. Daar kreeg ik deze week meermaals op m’n kop voor van captain Hélène. “Je leest nooit wat, Anton.” En ze heeft gelijk. Hannie trouwens, die op de donderdag even verbaal uithaalde naar het Oostenrijkse duo, omdat onze Patrick Niederecker zo krankzinnig goed bleek te zijn, maar op zijn handicappasje vrolijk handicap 15 had staan. En met de 85%-regeling nog steeds 14 slagen meekreeg. Ik knapte gewoon op onze veertiende hole (hole 5). “Your handicap is an absolutely fucking joke” liet ik me ontvallen. En geloof me, daar was geen woord aan gelogen. Je moet het ook niet uitleggen als een verwijt (maar dat is het wel). Het was meer verbijsterende verwondering. Ik zou een been geven voor zijn ijzerspel. En zelf kan ik bij tijd en wijle een bal toch ook aardig raken? Geruchten gaan dat wij volgend jaar Peter van Weel (handicap -1,1) meenemen naar Engeland (South Sussex) en hem inschrijven met handicap 12. Louis dan. Elke avond was hij de hofnar van het Hanenhuus en gaf een optreden van formaat met danspasjes, zijn komische mimiek en ongebreideld enthousiasme. Wat is onze Friese vriend toch een vrolijke noot. En wat heb ik hem graag om me heen. Martijn, onze preses, vocht zich door de week heen met hevige rugpijn, maar bleef onverstoorbaar luisteren, lachen en motiveren. Is er iemand op aarde die beter kan luisteren dan Martijn? Ik betwijfel het. En wat ben ik blij dat ik hem inmiddels een echte vriend mag noemen. Sonja, ons culinaire wonder, die elke dag stiekem even een sigaretje met me ging doen. En daar zichtbaar van genoot. Sonja, het puntenwonder. Ze speelde twee dagen geweldig golf, maar kreeg het op de derde dag niet rondgebreid, tot haar grote frustratie. Pamela, mijn vriendinnetje. Als ik ze even mag lenen van Friso althans. Waarmee ik regelmatig even apart ging zitten om de wereld te fileren. We verbaasden ons over het zelfverklaarde intellectuele Nederland en haar dwalingen, over Ajax, over documentaires, over geldwolven, over Israël, over leeftijden die nooit bekend mogen worden… kortom: over alles wat belangrijk en onbelangrijk tegelijk is. En dan Hélène. Onze capitano. Wat ben ik trots op dit kanon. Hoe ze het neergezet heeft, hoe ze het team aanstuurde in haar debuut als captain van Team NL. En dat alles in nauwe samenwerking met de beste toernooidirecteur die de Nations Cup ooit gehad heeft: Cara. Ik weet nog goed dat ze ons mailde na de EMGJ in Portugal en vroeg wat er volgens ons nou echt anders moest als wij het zouden organiseren. Ik had een heel wensenlijstje opgestuurd, maar vooral gezegd: laten we het goed doen. Of niet. En dat kost centjes. Dat snapt iedereen. De kleine bijdrage die ik daaraan heb kunnen leveren door Redexim aan dit toernooi te koppelen als hoofdsponsor is dan ook bijzonder goed benut door Cara. En niet meer dan verdiend is ze ook uitgeroepen tot Lid van Verdienste voor de NVGJ. Meer dan waargemaakt. Wat een klasse. De Nations Cup was genieten. Met een grote G. Op de fantastische Texelse. Iwan, de eigenaar van De Krim, liep de hele week te glunderen. Herman de Bree van Redexim genoot zichtbaar van het internationale gezelschap. Het eten was elke dag geweldig geregeld door Anita Hiemstra en haar team. En de Orange Crew — René, Elaine, Ger, Madelon, Jolanda en Roland — draaide als een geoliede machine. Hans Botman hielp van afstand door het liveblog bij te houden. Honderden bezoekers op de site deze week door allerlei leden van de NVGJ en mensen van ver daarbuiten. We werden derde. Maar we wonnen op alle andere fronten. En dat bleek misschien nog wel het meest uit het minutenlange applaus dat kwam van de spelers zelf — de mensen die het op de baan hadden uitgevochten en zich elke dag volledig in de watten gelegd voelden. En nu, een paar dagen later, voel ik het nog. Niet alleen de spierpijn, maar ook het gemis van dat heerlijke, chaotische clubgevoel. De appgroep zwijgt inmiddels weer wat meer. Friso heeft ruzie met de stemwijzer, want hij blijft maar rechtser uitkomen dan hij eigenlijk wil zijn. Hélène is vermoedelijk al bezig met de teamsamenstelling voor 2026 als we de EMGJ Masters gaan spelen in Engeland. Of met 2027 als we naar Spanje lijken te gaan voor de volgende editie van de Nations Cup. Ikzelf zit op deze grijze zaterdagochtend met een kop echte bonenkoffie (zonder cup) terug te denken aan deze week. Aan Hannie, die de Oostenrijkers even ongemakkelijk deed voelen over hun handicap. En zorgde voor een paar holes Koude Oorlog. Waar iedereen last van had, ikzelf incluis, maar Hannie niet. Die maakte meteen een par voor drie punten op hole zes. Hahah! Maar ook aan Marijke, die in haar badjas de ochtendredding bracht. Aan Louis, die bewees dat dansen wél topsport is. Aan Martijn, die ondanks zijn rugpijn rechtop bleef. Aan Sonja, die lyrisch was over het eten in het Hanenhuus. Nou, dan weet je dat het goed zat. En aan Pamela — mijn sparringspartner, denker en wereldontleder. Het was geen golfweek. Het was een theaterstuk met heel veel hoofdrollen. Wat was het een mooie week! En ik? Ik stond er middenin. De man zonder cups, maar met een hart vol Texels geluk.
Omdat we elkaar in de winter zo’n vier maanden nauwelijks zien, leek het mij een goed idee om twee events in het midden van het land te organiseren. Indoor golf – of simulatiegolf – groeit wereldwijd hard. De locaties schieten als paddenstoelen uit de grond. Topgolf is waarschijnlijk de bekendste; dat werd in 2021 voor zo’n 2 miljard dollar overgenomen door Callaway. In Nederland heb je inmiddels een aantal locaties: Chi Chi, De Hoge Dijk, Birdie Golf en RUFF. Er wordt gewerkt met verschillende systemen, zoals Inflight, FlightScope en TrackMan – waarschijnlijk de bekendste, en het systeem dat bij RUFF wordt gebruikt. Voor wie er nog nooit is geweest: je staat in een soort slagkooi (zoals bij Jumbo Golf om clubs te testen) met een groot scherm waarop een driving range of een hole wordt geprojecteerd. Je slaat een gewone bal – je mag je eigen favoriete bal meenemen – in het scherm. De radar van TrackMan berekent op basis van de eerste paar duizendste seconden hoe de bal in werkelijkheid zou vliegen: afstand, spin, lanceerhoek, alles wordt gemeten om exact te bepalen waar je bal op de baan terecht zou komen. Dit was de eerste keer dat ik (samen met Paul) een event organiseerde voor de NVGJ. Mijn respect voor Hans en de anderen die dit normaal doen is alleen maar toegenomen. Met de stijgende prijzen in alles is het knap hoe Hans er telkens weer in slaagt onze wedstrijden – vaak op prachtige banen – voor een relatief gering bedrag te organiseren. Om een idee te geven: de eerste offerte die ik kreeg, op basis van ontvangst met koffie en taart, borrelhappen, driegangenmenu en zes drankjes, kwam uit op ongeveer € 90 per persoon. Na wat heen en weer mailen, iets eenvoudiger eten en dankzij een bestaande relatie is het gelukt het rond de € 60 te krijgen. Dat betekent feitelijk dat we in de zomer vaak de volledige greenfee (gemiddeld € 74 voor 18 holes in Nederland) cadeau krijgen dankzij de relaties en inspanningen van Hans en zijn team. De ervaring Het is even wennen, maar iedereen vond het leuk. Vooral de lange slagen van de tee en in de baan zijn realistisch: sla je buiten een slice, dan zie je die meestal ook op het scherm terug. Het korte werk is lastiger in te schatten, zeker met de snelle greens en run-offs van Adare Manor. Bijzonder bij RUFF is dat je ook kunt putten. Dat is even wennen, maar qua snelheid best accuraat; de slopes en breking van de greens blijven lastiger te lezen. We speelden de back nine van Adare Manor, de baan van de Ryder Cup 2027 in West-Ierland, met het indrukwekkende Manor als decor. Een greenfee voor 18 holes kost daar in de zomer zo’n € 550. In dat licht was ons uitstapje een koopje – en een stuk duurzamer. Opkomst Wat jammer was, is dat de opkomst laag was. Van de 11 NVGJ’ers die zich hadden opgegeven, stonden er op de dag zelf uiteindelijk 6 aan de start. In deze tijd van het jaar – met ziekte en andere redenen – kan dat gebeuren, maar richting onze host (waar we aanvankelijk op circa 20 deelnemers rekenden) en voor de organisatie was dat teleurstellend. Met de 6 aanwezigen hebben we overigens een prima middag/vooravond gehad en ook nog Jutta Leerdam op groot scherm goud zien pakken. Voor Part II van de Winterswing bij Chi Chi in Groenekan staan op dit moment 11 mensen ingeschreven. Hopelijk komen de afzeggers van RUFF daar massaal op af en sluiten er nog wat extra mensen aan die door dit verslag zijn geïnspireerd.