Nederlandse Vereniging van Golfspelende Journalisten
17.07.2024
Nee, zo wilde ik niet winnen. Maar tegelijkertijd schoot door mijn hoofd: stel nu dat ik straks verlies, dan sla ik mezelf voor mijn hoofd door mijn zojuist gemaakte gebaar.
Bij een stand van A/S op de par 4 vijftiende van Houtrak pakte Gerald zijn, op een kleine meter liggende, bal op in de veronderstelling dat hij de hole na mijn bogey verloren had. Hij kon immers alleen nog putten voor een dubbele bogey. 1UP met drie te gaan zou weliswaar een kleine voorsprong zijn, maar wel een waardevolle.
We waren nog niet van de green af toen we ons realiseerden dat Gerald hier echter zijn laatste van vier slagen kreeg en dus nog een kans had gehad de hole te halven. Wat nu? De hole op mijn naam schrijven? Zeggen dat we de hole alsnog deelden? Niet eerder maakte ik dit mee op zo'n cruciaal moment in de wedstrijd. In de verwarring die er toch even was stelde ik hem voor de putt alsnog even te maken voor de halve. Een optie die in het spelregelboek natuurlijk niet voorkomt maar die wel paste bij de sfeer van de dag en het motto van onze club. En hoewel Gerald zei dat hij de putt eigenlijk zou moeten missen deelden we de hole waardoor de laatste drie holes de beslissing moesten brengen. Want nee, zo wil je niet winnen. Al helemaal niet na de mooie middag die we tot dat moment beleefden op Houtrak.
'Ga je op Houtrak tegen Gerald spelen? Oef...dat is niet makkelijk', zei Pamela afgelopen vrijdag op Sluispolder nog toen ik zei dat we op zijn homecourse de strijd aan zouden gaan. Maar omdat het ook een beetje mijn homecourse is (Golfers Magazine is er businesslid) durfde ik de strijd wel aan. Daarbij hadden we na de regenronde op Sluispolder al besloten dat als het weer zo hard zou regenen we de ronde zouden spelen op een van de simulatoren op de driving range.
Ik wist sowieso dat mijn tegenstander een taaie zou zijn. Collega Collet mocht dan in de ochtend al een appje hebben gestuurd met suggesties voor onze partij in de kwartfinale, zelf was ik daar allerminst zeker van. De vier slagen die ik moest geven, zouden er wel eens een paar teveel kunnen blijken. Gerald is een steady handicapper 13, vanaf de tee doen we niets voor elkaar onder, en zijn korte spel is – zo bleek ook vandaag maar weer – jaloersmakend. Meer dan eens koos hij voor de verstandige lay-up om vanaf daar de bal akelig dicht bij de vlag te krijgen. Iets wat hem ook vaak lukte na een net gemiste green. Gerald 'Up&Down' van Dalen doopte ik hem op een gegeven moment in mijn hoofd.
Het maken van up & downs is een sterk wapen in de tas, altijd, maar helemaal in matchplay, omdat je tegenstander meer dan eens in schijnbaar gewonnen positie alsnog een mokerslag te verwerken krijgt. Mokerslagen waren er weinig op een zonnig Houtrak. Sterker, het spel ging de hele middag akelig gelijk op en het gros van de holes deelden we met dezelfde score. Als er al een hole gewonnen werd, werd die snel teruggewonnen en vormde het in elk geval niet de opmaat voor een grote(re) voorsprong. De turn bereikten we met een stand van 1UP voor Gerald die goed gebruik maakte van de twee holes waar hij een slag kreeg. Na de turn bleef het, naast heel gezellig, spannend en van een redelijk niveau bovendien. Bij het opmaken van de rekening bleken we (als we stableford hadden gespeeld) allebei op 35 punten uit te zijn gekomen. Het verschil werd nooit groter dan 2 in het voordeel van Gerald en de wedstrijd kon, net als bij Nederland-Engeland vorige week, tot het einde toe alle kanten op.
De eerste voorsprong voor ondergetekende kwam dus niet op hole 15 maar een hole later op de borden. Niet omdat Gerald zijn bal in het water sloeg op de par 4 16e (dat deed hij wel maar de bal stuiterde ondanks een grote 'plons' alsnog terug het land op) maar omdat mijn putt voor birdie de hole maar net miste en de par voldoende was tegen de bogey van Gerald. Een hole later had ik de deur in het slot kunnen gooien maar ook daar miste de birdie net de hole. En NET mocht best in hoofdletters geschreven worden. Vanaf een meter of tien bleef de bal op nauwelijks twee centimeter van de hole liggen waardoor de beslissing op de slothole moest komen.
Of het spanning was, de regen die alsnog kwam, vermoeidheid of een combinatie van deze factoren; de beste hole van de dag was het zeker niet. Een bunker, een bal onder een boom, allebei hadden we zo onze problemen al bleken die van mij het kleinst toen mijn parputt viel waardoor het doek viel voor Gerald. 'Hebben jullie het tot hole 18 volgehouden? Dat hadden jullie toch veel eerder af moeten maken', zei Willem Schouten die toevallig in het clubhuis aanwezig was toen we hem de 2UP uitslag vertelden.
Gelukkig niet Willem. Sommige rondjes zijn zo leuk, die kunnen niet lang genoeg duren.
Dit berichtje van onze Belgische vrienden bereikte ons: Beste Madelon, Langs deze weg wilde ik jou - en het hele organisatie-team - namens de BPGC van harte bedanken. Hopelijk is iedereen weer goed thuisgekomen. Deze editie van 2026 op De Herkenbosche was een fantastisch succes, en dat hebben we grotendeels aan jullie te danken. Een hele grote dankjewel voor jullie uitzonderlijke gastvrijheid, het voorbeeldige fair-play en de prachtige sportieve sfeer die onze ontmoetingen zo typeert. Hoewel de overwinning dit jaar naar het Belgische team gaat (278 tegen 259), zijn het vooral de gezelligheid, het plezier van het spel en de schoonheid van jullie golfbaan die deze dag hebben getekend. We kijken er nu al naar uit om jullie volgend jaar bij ons te mogen verwelkomen voor de return! Overweeg onze hartelijke en sportieve groeten aan al je spelers. Met vriendelijke groet en tot snel op de fairways, Namens de BPGC, Vincent.
Had ik mijzelf kansen toegedicht? Zeker. Het was goed doordacht dat ik besloten had van de blauwe tees te spelen. Omdat ik dan de meeste greens 'in regulation' zou kunnen halen, en dus 'gewoon' par moest kunnen spelen. Als je dan veel slagen meekrijgt, zoals in deze halve-finalewedstrijd tegen Peter van Weel (ik kreeg er 10), moet je tegenstander al birdies maken om te kunnen 'halven'. Welnu, Peter (hij speelde van de gele tees) máákte birdies. Maar liefst zes in de vijftien holes dat onze 'wedstrijd' duurde. Dat is precies één meer dan ikzelf maakte in de laatste twintig Q-ronden, die ik sinds half mei speelde. Peter ging sterk van acquit, met birdies op 1 en 2. De eerste kon ik nog matchen met een par en een slag cadeau, maar de tweede betekende het eerste verlies. Ronduit bemoedigend was dat ik op de derde hole weer gelijk maakte. Niet dankzij een par of een bonusslag, maar doordat Peter zijn bal in het bos sloeg en een - zeldzame - double bogey moest incasseren. Van slag was hij niet. Integendeel, op de vierde hole maakte hij opnieuw een birdie, dankzij een succesvolle putt van zo'n 15 meter. "Sorry Louis", zei hij, nadat zijn bal in de hole was verdwenen. Op dat moment kwam ik tot het besef dat Peter niet alleen prettig lang is van de tee, maar zijn plus-handicap (+0.6) vooral te danken heeft aan ijzersterk kort spel: pitchen, chippen en putten. Ja, het was in zijn voordeel dat hij, als thuisspeler op De Hoge Kleij, gewend was aan de snelheid van de greens. Ik had daar - hoewel ik aardig kan putten - meer moeite mee. Maar dat gaf vandaag niet de doorslag. Wat dan wel? Dat ik verzuimde te profiteren van de fouten die Peter maakte. Want ja, ook Peter maakt fouten, al zijn het er verdomd weinig. Oké, hij maakte 'gewoon' een par op de par-3 vijfde nadat hij zijn bal vanaf de tee in de greenside bunker had geslagen. Maar als je, zoals ik, dubbel bogeys maakte op par-3's, dan is winnen een illusie en je lot bezegeld: 4 down na acht holes. Ik moest denken aan de prestatie van Frank Huiges, die een jaar geleden op De Hoge Kleij de beste tweede negen uit zijn loopbaan speelde, en zodoende de halve-finalepartij van Peter wist te winnen. Zou ik niet ook...? Tuurlijk. Ik won negen en tien en kwam terug tot 2 down. Op de elfde, waarop ik geen slag kreeg, produceerde Peter een zeldzame afzwaaier: links in de hei. Ik meende te kunnen profiteren. Tot we zijn bal vonden: nog goed speelbaar. Het vervolg: beiden met twee op of bijna op de green. Peter maakte de birdieputt, ik par: 3 down. Over het vervolg beperk ik me tot het volgende: Peter won de partij in stijl, met een birdie op vijftien, na alweer een middellange putt. Ik schreef in de tweede alinea 'wedstrijd', tussen aanhalingstekens, want spannend is het geen tel geweest. Peter was vandaag gewoon te goed. Wat na afloop bij mij nog wel even knaagde, ondanks mijn stablefordscore van 36, was mijn gepruts op de par 3's. Al zou ik, als ik deze beter had gespeeld, de partij vermoedelijk ook hebben verloren. Tot slot: Peter eindigde op 72 slagen (gelijk par, 37 stablefordpunten) en kwalificeerde de partij als "relaxed, zoals een ronde golf hoort te zijn''. En dat allemaal op een echt fantastische baan, in uitstekende conditie. Inderdaad een genot om te spelen, ondanks het lawaai van twee regelmatig overvliegende Chinook-heli's van de nabij gelegen vliegbasis Soesterberg.
De genoeglijke interland op Herkenbosch ging dik verloren. Dat lag niet aan thuisspeler Ron Buitenhuis, die tien minuten van de baan woont en Herkenbosch als geen ander kent. Hij was nochtans niet geselecteerd voor de interland. Zijn revanche was zoet: eerste prijs in de B-categorie met een mooie score: 33. Na afloop was hij het middelpunt van een tafel met Onno, Fred, Pim en Paul. Aan een andere tafel zat een Nederlandse international die het in de baan minder goed deed dan na afloop. Leonard van Nunen was de enige die zich aan tafel zette tussen de Belgen. Praktische verbroedering, subliem gastheerschap, staaltje opofferingsgezindheid? Held!
De NVGJ verwelkomt een nieuwe columnist. Ben J. van der Voogdt (1968) schrijft vanaf vandaag elke twee weken op nvgj.nl. Hij leest alles wat er in Nederland over golf verschijnt en telt na wat er beloofd is. Zijn columns zijn altijd exact 444 woorden. Wij zijn blij dat hij zich hiertoe bereid heeft verklaard, al konden wij hem voorlopig nog niet bewegen om ook een keer mee te spelen.
Nadat we elkaar vorig jaar al mochten treffen in de finale op de PAN, reisden we dit keer af voor de halve finale in de verliezersronde naar de Zaanse. De dag begon van mijn kant al met een tegenvaller: een stroomstoring in mijn flatgebouw. Daardoor kon ik niet met de auto de garage uit.
Verliezen is iets minder leuk dan winnen, maar erg is anders. Het grootste nadeel van verliezen in onze matchplay-competitie is de afspraak dat de verliezer het verslag schrijft. Over een tegenstander die de uitzondering op elke regel is, en over de fout van het spelen van de verkeerde tee.