Nederlandse Vereniging van Golfspelende Journalisten
27.05.2021
Met vastberaden tred stapte Bert van der Toorn van de baan op me af. Hier liep duidelijk een man die wat te melden had. ‘Drie strepen had ik, maar wel 38 punten!’, glunderde hij van oor tot oor. Een puike prestatie, anders kan ik het niet omschrijven. Omdat Waterland lastig speelde, zeker, maar ook omdat ik van dichtbij heb mogen zien dat onze lange vriend de afgelopen jaren nogal eens worstelde met zijn swing. Goed te zien dat het lek – zie ook zijn winst in Dronten – boven is. Even twijfelde ik dus. Moest ik alleen antwoorden met een ‘Mooi man, goed gespeeld’, of moest ik direct tot de kern komen? De twijfel duurde niet lang. Zoals goede vrienden dat plachten te doen was mijn antwoord niet voor tweeërlei uitleg vatbaar. ‘Jammer joh. Dat is net één puntje te weinig’.
‘Ik heb nog wel een suggestie voor de kop van het verslag’, appte Ruud Taal, die de baan na een zeer onfortuinlijke val vroegtijdig moest verlaten, ‘Waterloo op Waterland’. Het had gekund want de baan deed zijn naam eer aan. In de afgelopen twintig jaar viel er volgens de watermeters op de baan zelden zoveel water in zo’n korte tijd en dat was te merken ook. Drassige fairways, ondergelopen bunkers, en dus gladde plekken die niet door iedereen goed werden verteerd. Daar konden ook het uitstekende lunchpakket en de versnapering bij de turn niets aan veranderen. Maar voor wat betreft het spel? Gelet op de scores voor velen was Waterland inderdaad Waterloo, maar niet voor ondergetekende.
Het was duidelijk zó’n dag. Zo’n dag die we allemaal wel eens hebben op de baan. Héél af en toe. Zo’n dag dat werkelijk alles goed gaat, alles meezit en je zowaar denkt dat je nu dan toch eindelijk weet hoe je dit spel moet spelen. Anders dan velen denken heb ik die ook niet vaak. Sterker, dit jaar is in mijn beleving tot nu toe een aaneenschakeling geweest van ‘net niet rondjes’ tot ‘helemaal niets rondjes’. Niet voor niets verloor ik sinds de invoering van het WHS al een vol punt en mocht ik mezelf na Dronten geen ‘7’ meer noemen, maar een ‘8’.
Niets, maar dan ook helemaal niets wees er dus op dat aan die reeks op Waterland een einde ging komen. Ga maar na. Bij een bezoek aan de driving range, een dag voor ons treffen, sloeg ik de ene topper na de andere shank. Vanaf de dijk waren de plassen op de baan al te zien waarmee zeker was dat de baan loodzwaar zou spelen. Ook al door de stevige wind die op veel holes mee was, maar op iets meer holes toch vooral fors tegen. En, met verwijzing naar de schrijver van de uitslag: al te veel kennis van de baan werkt eerder tégen dan vóór je. Niet alleen omdat je als geen ander weet waar je altijd in de problemen komt, het is ook niet voor niets dat veel leden van Waterland op hun home-course voornamelijk oefenrondes spelen en hun Q-kaarten elders: de baan is veel lastiger dan de lengte en het aantal slagen mee doen vermoeden. Scoren op Waterland is niet makkelijk.
Maar het is al zo vaak gezegd. Golf is een buitengewoon raar spel. Elke bal was raak, drives kwamen harder dan hard van het blad en kaarsrecht bovendien, ijzers naar de green waren scherp en leverden tal van birdie- en zelfs een eaglekans op en de putter deed ook wat hij moest doen. Dubbels of erger bleven van de kaart, twee keer mocht een cirkeltje gezet worden ten teken dat er een birdie was gemaakt, en voor de rest werden er louter parren en bogeys gemaakt om uiteindelijk tot een ‘career best’ 75 te komen, met 39 punten bovendien.
Dus ja, als je dan Bert tegenkomt op weg naar het clubhuis dan is het ook wel héél veel gevraagd om niets te zeggen. Zelfs als later blijkt dat hij zichzelf een puntje benadeeld had door een verkeerde score te noteren op een hole is een kwinkslag zo gemaakt. En ook bij de nazit op het terras (wat fijn dat dat weer mag!) en bij de maaltijd in klein gezelschap daarna, bleef de grijns op het gezicht staan. Wat een dag.
Langzaam maar zeker wordt alles weer normaal. Nog een paar weken en we sluiten de wedstrijden weer af met een prijsuitreiking en een gezamenlijk diner, al was de borrel na afloop op het terras – aangeboden door Waterland en de NVGJ – nu al reden tot een klein feestje.
Nu maar hopen dat deze ronde niet eenmalig bleek en ik dan toch eindelijk weet hoe…
(Nabrander: natúúrlijk weet ik dat niet. Vrijdagochtend, op de eerste mooie lentedag, besloot ik voor dag en dauw even negen holes te spelen. Drie dubbels en een triple stonden er op de kaart. De koets met witte paarden van donderdag was weer gewoon een pompoen met muizen ervoor. Zo snel kan het gaan. Ook de andere kant op)
Martijn Paehlig kent de Waterlandse als geen ander. Van die kennis maakte hij handig gebruik, want de hoofdredacteur van Golfers Magazine sloeg maar liefst 39 stablefordpunten bij elkaar. En dus weer een verlaging van zijn toch al respectabele lage handicap. In de B-categorie sloeg Ger Laan — sinds deze week officieel met pensioen — zijn slag. Of zijn redelijke score (31) en die pensionering nu verband met elkaar houden..? De geleerden buigen zich er nog over.
A-categorie plhc stbf
1. Martijn Paehlig 7 39
2. Bert van der Toorn 16 38
3. Willem Schouten 7 26
4. Jeroen van Leeuwen 14 26
5. Pim Donkersloot 16 26
6. Charles Taylor 17 24
7. Jolanda Swart (sponsor) 16 22
8. Rob Hoogland 14 17
B-categorie plhc stbf
1. Ger Laan 22 31
2. Etienne Poulissen (gast) 34 28
3. Paul Mansoor 21 27
4. Paul Boehlé 24 25
5. Anna van Lennep 30 25
6. Andy Houtkamp 19 24
7. Ron Peereboom Voller 20 24
8. Ronald Massaut 26 22
9. Cor Groeneweg 29 22
10. Annette de Jong 19 21
11. Lucy Prijs 30 20
12. Henk Koster 29 18
13. René Brouwer 25 17
14. Hannie Verhoeven 29 17
15. Pieter Landman 30 17
16. Lex Hiemstra 22 16
17. Willem Buijteweg 28 16
18. William Wollring 22 15
19. Jan van Galen 20 14
20. Guus van Holland 26 14
21. Willem van den Elskamp 28 14
– Ruud Taal 25 NR
.. Ronald Speijer 14 NR
Het woord ‘ontspullen’ is voor mij nu al het woord van het jaar. Een woord overigens dat meneer van Dale nog maar sinds kort erkent. De hoeder van onze moedertaal is wat behoudend zullen we maar zeggen. Erger is dat mijn automatische spellingscontroleur het woord niet herkent en mij steeds wenst te corrigeren met het woord ‘onthullen’. Tijd om het emotieloze tech-wonder, onze nieuwste pennenvriend ChatGPT te hulp te roepen. ‘Het’ geeft in een mum van tijd een uitvoerig antwoord. Het dichtst bij ‘ontspullen’ komt het begrip ‘bewust wegdoen van overbodige zaken om zo meer rust, ruimte en overzicht in je hoofd te creëren.’ Of zoals een erkend minimalismespecialist (die bestaan echt) mij tracht te inspireren: ‘je leven simpeler maken en je focus verleggen naar wat écht belangrijk is’. Het lijkt verdomme wel golf. Maar de harde kernaspecten van het woord bevatten nog meer. Ontspullen is ook een actieve manier om de geest te verlichten met mentale rust als doel. Niet klakkeloos opruimen dus, maar dat doen op basis van de vraag ‘of die spullen je nog vreugde brengen’. Mooi hè? Een aanstaande verhuizing - wij gaan kleiner wonen en gelijkvloers, want dat móet als je ouder wordt - dwingt me tot die ultieme gelukstest. Terwijl ik hardnekkig probeer ‘The Old Man Out’ te houden, staar ik naar een breed scala aan verwaarloosde objecten en stel mezelf de vraag: ‘ben ik hier überhaupt ooit blij van geweest?’ Maar ook de keuze die ik mijzelf opleg bemoeilijkt het vreugde-proces: wordt het een hiernietsmaals of een tweede kans? De Milieustraat of de Kringloop? Of toch nog maar even bewaren? Onder het motto ‘bijna alles moet weg’ duiken ook enkele ontspulkandidaten uit NVGJ-hoek op. Ooit als prijs (of als vriend) verworven. Zoals twee romans van René Brouwer en diens pseudo Renee van Amstel, ‘De vrouw van de ambassadeur’ en ‘Het spel van Floor’ (nb: het laatste boek is beter dan de film), waar de erotiek van de omslagen afdruipt. In schrille tegenstelling tot de gebronsde kop van Rob, ‘in chamois-tint’, op de cover van 'De Grote Hoogland’. Ze zijn slecht vergelijkbaar met het succesvolle ‘Complete Margriet Kookboek’ (vijfhonderdste druk schat ik in) van Sonja van de Rhoer of het 'NVGJ’- verzamelwerk van Hans Terol met een sierlijke poze van Willem van DEN Elskamp tegen een regenboog, van mijzelf, op de voorplaat. Van de meer tastbare ontspulattributen heeft ‘Bartje’, ooit de Drenthe-trofee, een eerdere schifting niet overleefd. De handige Action- snijplank (met keuzes voor de te bewerken producten) zal ook in onze nieuwe behuizing wel een rol blijven vervullen. Blijven over de eerste prijs van de ‘NGF-Journalistendag 2010’, een inmiddels totaal verweerde verzilverde schaal, en maar liefst twee ‘Poppe-cups’. Als ode en herinnering aan Poppe de Boer en diens nimmer aflatende strijd om het NVGJ-logo - en vooral zijn gemopper daarover - zullen de eigenhandig door hem gedecoreerde bokalen binnenkort worden geplaatst in de NVGJ-relikwieënkast op onze home course. De tienduizend (en meer) digitale foto’s van ‘de-NVGJ-door-de-jaren-heen’, toen alles (nog) beter was, onttrek ik aan het ontspulproces. Die gigabytes nemen immers weinig ruimte in en scheppen bij het weerzien ervan nog steeds vreugde in het leven.
Ik zit op de rand van het bed in onze hotelkamer in Denia en denk: dat scheelde niet veel; kantje boord. Het is de schaduwzijde van goede voornemens. Behalve wekelijks twee keer golftraining is dat afvallen, fitter worden, flexibiliteit en meer rotatie in het bovenlichaam als ook meer spierkracht in de benen. Naar de sportschool, dus. Mijn valkuil: meer doen dan slim of dan nodig is. Vooral té snel, té veel willen. Meteen vier keer per week aan de gewichten hangen is niet zo handig als je pakweg tien-vijftien jaar geleden voor het laatst een sportschool van binnen hebt gezien. Na twee weken in de gym kan ik nog geen kopje meer optillen. Op de golfbaan geweest; kan geen bal slaan zonder stekende pijn. En over vier-vijf weken is de Surprisereis naar Denia/ La Sella. Ga ik dat wel halen? Reddingsboei bij fysieke malheur is al 30 jaar mijn bevriende fysiotherapeut, George Owens. Hij heeft mij begeleid gedurende drie knieoperaties en over drie decennia bij verschillende squash-, ski- en later golfblessures. Laat ik het kleinere werk hier verder onbenoemd. Overbelast George kent mijn gemankeerde lichaam als geen ander, maar dit was toch weer nieuw voor hem. ,,Overbelasting. Het is de onderliggende spiergroep van de triceps van je rechterarm, maar ook de aanhechting van de spieren vanaf de elleboog en de schouder. Hoe krijg je dat nu weer voor elkaar?'' Nou ja, 'goede voornemens', leg ik uit. ,,Hoe oud ben je'', vraagt George hoofdschuddend. Hé vriend, jij vond het ook een goed idee dat ik deze winter naar de sportschool zou gaan, probeer ik steun te vinden. ,,Ja, maar niet meteen vier keer per week en ook niet meteen een volledige workout.'' Ik knik berustend. De voorafgaande dagen aan de golftrip van de NVGJ blijven spannend, maar George lapt mij toch weer op. In de tussentijd heb ik wel een conditie- en benenprogramma gedaan, dat wel. Motoriek De actuele stand van zaken rond mijn goede voornemen: In plaats van afvallen ben ik aangekomen, zoals meestal in november-december. Ik heb ook nog steeds de motoriek van een hoogbejaaarde en zie maar weinig vooruitgang. Het is een hele opgave, drie-vier keer per week naar de sportschool. Natuurlijk met de luxe van gratis parkeren voor de deur. Dat wel, maar het zit nog niet in mijn systeem. De golfbaan heb ik na de seizoensafsluiting amper meer gezien. Appje van mijn pro, Ed Vander: ,,Hé Ronald, ik zie dat je trainingen hebt ingeboekt. Maar dat kan helemaal niet, want ik ben op vakantie. Laten we in het nieuwe jaar maar een programmaatje maken.'' Pfffff... de eerste wedstrijd van 2026 is al half maart. Wat kun je repareren in slechts twaalf weken? Het schiet allemaal niet op met die goede voornemens. Het dreigt - wel héél vertrouwd - weer opnieuw 'overwinteren' te worden. Ook fijn, toch? Aanvullende goede voornemens: Laat het glas altijd halfvol zijn; mínimaal halfvol en geniet van het leven!
Die Mr Glow Matchplay komptisie 2026 zal sal ook hierdie keer afgeskop word met 'n toernooi op die Devonvale Buite Klub in Stellenbosch, Suid-Africa. Dis 'n uitdagende baan waar jy met moeilyke bofhoue konfronteer word. Die skoonveld kan op sekere plekke nogal smal wees en as die wind boonop opsteek, kan dinge baie interessant raak. Die wedstryd zal op 27 Februarie gespeel word over 18 gaatjies onder lekker sonskijn en snelle setperke. Die NVGJ-speelseisoen sal geopen word met die afslaan van die klub se twee veterane, Ruud Onstein en Ruud Taal. Jij kan jou aanmeld en die inskrijving is oop vir alle NVGJ-lede. Sonja van de Rhoer en Louis Westhof is al op die lijs met name van deelnemers. Versprei die woord!
Onze voorzitter en hoofdredacteur van Golfers Magazine, Martijn Paehlig, pakt royaal uit in 'zijn' tijdschrift, met maar liefst zes zeer lezenswaardige pagina's over de Nations Cup, onlangs gespeeld op onze thuisbaan De Texelse. Het team van de NVGJ overtrof daar zichzelf en werd derde. Het is een sfeerbeeld en wedstrijdverslag in één, met mooie foto's van (ook al) 'onze' Roland Reinders en Peter van Weel. Alle spelers en natuurlijk de toernooidirecteur Cara krijgen aandacht. In hetzelfde nummer overigens een indrukwekkend verhaal van Pamela, over United Golf, dat Oekraïense oorlogsveteranen helpt om via golf hun leven weer op de rit te krijgen. Schril contrast: waar Anton Kuijntjes tijdens de nations cup grappend zegt: 'Ik geef mijn linkerbeen voor zijn balcontact', over een Oostenrijkse tegenstander (met hdc 14 een typische U-boot), citeert Pamela in Oekraïne: 'Jij hebt nog twee benen, dus jij mag wel wat extra werk verzetten.' Uiteraard staat er ook weer een column van Rob Hoogland in het blad. Nu thuis op de mat of in de winkel verkrijgbaar.
We gaan met de NVGJ terug naar De Goyer. Terug naar die baan die bij iedereen in het geheugen gegrift staat: waar ooit een slagboom naast lag en wij dat dagdeel het enige gezelschap waren. Niemand heeft ooit schuld bekend, al vond het bestuur destijds dat we de helft van de kosten moesten dragen. Zo gaat dat bij ons.