Nederlandse Vereniging van Golfspelende Journalisten
20.03.2020
Je verzint het toch niet? Dat mijn laatst geplaatste bijdrage ‘wachttijd’ heet en ging over een hopelijk lang seizoen en korter durende rondjes, maar dat vervolgens de banen sluiten en niemand ook maar een idee heeft wanneer deze periode van onzeker wachten voorbij is? De coronacrisis ontwricht de hele samenleving en maakt golfen, nog meer dan anders, tot een bijzaak.
Een van ‘s lands bekendste columnisten haalde in een recente column het lied ‘Dansen op de Vulkaan’ van De Dijk aan, en grappig genoeg (nou ja, helemaal niet grappig natuurlijk) loop ik zelf ook al dagen met een ander liedje van mijn favoriete band rond. Van de vele tientallen teksten van tekstdichter Huub van der Lubbe die van toepassing zijn op deze periode – van ‘kan ik iets voor je doen’ tot ‘niemand in de stad’ en van ‘ik kan het niet alleen’ tot dus ‘dansen op de vulkaan’ – komt ‘als ze er niet is’ het vaakst in mijn innerlijke juke-box omhoog.
Niet zozeer de titel, maar vooral het refrein zit vastgebeiteld in mijn hoofd.
een man weet niet wat hij mist
weet niet wat hij mist
weet niet wat hij mist
een man weet niet wat hij mist
maar als ze er niet is
als ze er niet is
weet een man pas wat hij mist
Huub zingt over een vrouw, maar zijn ‘ze’ kan op bijna alles slaan in deze periode. De vrijheid om gewoon te kunnen gaan en staan waar en wanneer je maar wilt. De mogelijkheid om iedereen te mogen ontmoeten op elk willekeurig moment. Ja, zelfs voor het lege schap van het toiletpapier hoor ik mezelf ineens ‘maar als ze er niet is, weet een man pas wat ie mist’ zingen. Maar het meest toch wel bij de gedachte aan golf.
In de tuin heb ik inmiddels een matje neergelegd waarmee ik dagelijks naar een emmer sta te chippen. Met luchtdoorlatende balletjes kan ik volle ijzers slaan die nauwelijks het einde van mijn tuin halen. En dagen was ik op zoek naar een fatsoenlijke puttingmat voor in de woonkamer. ‘Maar dat doe je normaal toch ook nooit?’, vroeg mijn lief al een paar keer verbaasd op de momenten dat ik achter de bank sta te putten. Nee, normaal niet, maar wat is normaal deze periode waarin het leven op zijn kop staat? Als je zoals ik altijd elke dag met golf bezig bent, dan is het ‘s avonds fijn om er niet altijd mee bezig te zijn, maar nu alles anders is en golf beperkt is tot het toetsenbord, ons volgende nummer en onze website, is de aandrang even te putten, even te chippen, onbedwingbaar groot.
Natuurlijk is golf deze dagen niet het belangrijkste dat er is. Verre van. Maar het is niet voor niets dat sport ook in tijden van oorlog en andere ellende meestal pas sneuvelt als het echt niet anders kan. We hebben het nodig. Voor de beweging en het gezondheidsaspect, maar zeker ook voor de afleiding die het biedt. Welk medium je ook aanzet of opslaat, het gaat echt alléén maar over de coronacrisis, en hoe logisch dat ook is, ook dat is niet gezond voor de mens. Niet voor niets las ik de afgelopen dagen dan ook meer dan eens het advies om je qua coronanieuws te beperken tot een paar momenten per dag. Gewoon, om jezelf rust te gunnen. Lastig, ik geef het toe, zeker in onze branche, maar het helpt wel.
In de uren dat je niets leest of hoort over het virus en zijn ontwrichtende slooptocht, voel je je misschien net even opgewekter, is het leven misschien zelfs bijna wel gewoon. Behalve dan dat je niet even naar de golfbaan kan. En juist op die momenten weet deze man pas wat ie mist. *
(* Geldt natuurlijk ook voor vrouwen)
Voorafgaand aan deze wedstrijd in de verliezersronde had ik mijn huiswerk gedaan, vond ik zelf. Ik had namelijk het wedstrijdverslag van Ronald Massaut over zijn partij tegen de mij onbekende Frank Huiges gelezen. Frank slaat heeeeeeeeel ver, maar niet altijd even recht. Dat had ik goed onthouden, dus toen bij het boeken op Het Rijk van Nijmegen de lus Groesbeek Zuid opdoemde, was ik daar niet ontevreden over. Voor wie het niet weet, het Rijk van Nijmegen beschikt over 5 lussen van 9 holes, waarvan Groesbeek Zuid verreweg de moeilijkste is, want relatief smal, lang en heuvelachtig. Mijn hoop was er op gevestigd dat door die lengte ook bij Frank de driver uit de tas zou komen. En dat zijn afslag dan niet altijd even recht zou zijn. Al bij de eerste hole bleek dat Frank andere ideeën had. Het is hier niet al te breed, hoorde ik hem hardop denken en hij pakte een houtje (of hybride) uit de tas. Om vervolgens de bal alsnog links de bomen in te slaan. Lang verhaal kort: tot en met de zesde hole hield ik hem bij, daarna was het met mij gedaan. Niet eens omdat Frank zo goed speelde (een ronde van 95 slagen is niet echt goed op zijn niveau), maar vooral omdat ik het zelf aardig af liet weten. Kernwoorden van de ronde waren ‘gezellig’ en ‘sociaal’, waarbij het sociale deel voornamelijk van mij afkomstig was. Speelde Frank zijn afslag naar links, dan deed ik dat ook. Ging zijn bal naar rechts, dan ging die van mij ook die kant op. Helaas deed ik dat niet met opzet, maar het voordeel is dat je wel gezellig doorpraten op weg naar de ballen. We spraken over van alles, onder andere over zijn honkbalverleden (vandaar die lengte) en zijn liefde voor windsurfen bij Hawaii en Kaapstad, waar hij drie maanden per jaar samen met zijn gezin de Nederlandse winter ontvlucht. Een van de voordelen van Kaapstad is dat je daar ook prachtige golfbanen hebt. Ook mooi is de Tafelberg, waarvan Frank een tatoeage op een van zijn armen heeft. Er viel me trouwens nog iets op. Zowel op onze foto, als die van Frank met Ronald (7&6), maakt hij met zijn hand het shaka-teken (niet te verwarren met tsjakka!). Een Hawaïaans handgebaar, dat veel gebruikt wordt onder surfers en zoiets betekent als “relax, alles komt goed.” Precies het gebaar dat ik na zo’n afdroogpartij wel kon gebruiken. Bedankt voor een fijne middag, Frank.
Onze verliezersronde-wedstrijd stond oorspronkelijk gepland op Noordwijk, maar vanwege de warmte werd uitgeweken naar De Hoge Dijk. Op de lus Bullewijk/Holendrecht ontspon zich een echte jojo-partij tussen Ruud Onstein en Peter Luijer, die pas op een beslissende extra hole werd beslecht.
Annette de Jong speelde op De Zaanse een matchplaywedstrijd tegen Jeroen van Leeuwen. Na drie dagen achter elkaar 18 holes bleek dat net iets te veel gevraagd. Een verslag van een zware, maar bijzonder gezellige golfdag.
In de kwartfinale van de Mr. Glow Matchplaycompetitie stond ik oog in oog met Peter van Weel, NVGJ's topgolfer met een handicap +0.5. Peter versus Peter dus. Spannend? Absoluut! Een verslag van een mooie strijd op Wilnis, met een prachtig tafereel bij de sprinkler.
De zon scheen, het was voor mij een thuiswedstrijd en ons vorige potje op de Veluwsche zou ik – zo rekende Elaine na afloop van die ronde uit – gewonnen hebben als we matchplay hadden gespeeld. Vandaag was dan de échte matchplay wedstrijd. De winnaar mocht de halve finale op de Hoge Kleij spelen en daar hadden we allebei - competitief als we zijn - wel oren naar. Maar eerst deze ronde nog op Anderstein.
De Texelse golfbaan is veranderd in een droog steppenlandschap. Reden, het uitblijven van regen en – net als elders -, waterschaarste. Zeker op Texel. Maar goed nieuws: de greens zijn nog steeds écht ‘green’, net als de tee-boxen. En de baan zelf, die ligt er ondanks de droogte gewoon prima bij. Baanmanager Anita Hiemstra vertelt het meerdere keren per dag aan de gasten. ,,Sinds mei is er geen noemenswaardige regen meer gevallen. Tenminste, niet genoeg om het gras van de fairways te kunnen blijven beregenen. En zou het ineens gaan regenen, dan is het morgen niet meteen weer groen. We hebben de voorbije winter zelfs extra waterbassins aangelegd, maar hier valt niets tegen te doen. Het is wat het is’’, zegt ze berustend. Was alles in juni, bij de start van de klimatologische zomer, nog prachtig groen, actueel kleuren de fairways van beige tot bruin. Alleen langs de waterkanten is het nog groen. De grond van de fairways is keihard. Heel Cruijffiaans betekent dat ook: ‘Elk nadeel heb z’n voordeel’. In dit geval is het dat de bal vele meters verder doorrolt dan normaal. En belandt je bal in het helmgras dan vind je ’m zeker terug. Bij een rondje Texel, afgelopen week, maakten de harde fairways zomaar dertig meter verschil. De bal stuitert tientallen meters verder dan ‘normaal’. Ach, wat is normaal? Maar als ik ineens in twee slagen (hole 1 en hole 17) op de green lig, dan wordt er 2 september geweldig gescoord. Wordt het misschien wel legendarisch. Net als die keer dat de regen met bakken uit de lucht kwam vallen. Toch stug door gaan. Bikkels, al begreep de marshall er weinig van: ,,Wat zijn jullie aan het doen?’’ Nou, waar lijkt het op? Dit is ook golf. ,,Jullie zijn nog de enige flight in de baan. De wedstrijd is afgelast. Iedereen zit in het clubhuis.’’ De inschrijving van het jaarlijkse zomerrondje Texel is geopend. Partners zijn ook dit jaar weer van harte welkom op onze eigen homecourse. Alleen is Texel dit jaar geen tweedaagse, maar telt het één wedstrijddag. En toch, wat weerhoudt je ervan om een paar dagen eerder te komen of langer te blijven. Het eiland heet je welkom. Net als het hele team van De Texelse. Woensdag 2 september, Texel. Partners zijn welkom. NB: Bij de foto’s. Openen met verdorde landschap. Onderschrift: De fairways zijn veranderd in een steppenlandschap. C: Ronald Massaut Afsluiten met foto van groene fairway. Onderschrift: Bij de start van de zomer op 21 juni was alles nog groen op de Texelse. C: Ronald Massaut