Nederlandse Vereniging van Golfspelende Journalisten
22.04.2024
Op maandag 22 april schreef Willem Vissers in het sportkatern van De Volkskrant een mooi eerbetoon over Leo. We zijn hem dankbaar dat we deze column hier mogen delen.
Leo hield van Zoetemelk, Kuiper en de Kneet, van Rienks en Florijn, van de Holland Acht, van Ajax en Feyenoord, van Vitesse en NEC, van golf ook. Leo hield van avonturiers in de sport. Hoe wervelend Pogacar ook fietste zondag rond Luik, hoe indrukwekkend de sliert van duizenden supporters uit Nijmegen ook over de snelwegen kroop, op weg naar het grote doel in de Kuip, mijn gedachten dreven af naar Leo. Want Leo is plotseling gestopt met leven.
Leo van de Ruit, mijn tweede chef bij mijn eerste werkgever, het ANP, leerde me hoe je een fijn leven kunt leiden als verslaggever en kunt laveren tussen alle vormen van gekte om je heen. Nou ja, het woord fijn verdient een correctie. Hij schreef me jaren later een berichtje dat ik het woord fijn te vaak gebruikte. Stop daarmee. Vooruit, Leo. Hij was de leermeester die iedereen zich wenste. Streng doch rechtvaardig, altijd met katholieke vergevingsgezindheid en de eeuwige lach bungelend aan zijn broekspijp. Als zijn kuif omhoog stond, de lach ondeugend was en de gebaren wild, was hij op zijn scherpst.
Hij leerde me te bewonderen in de sport, zonder het kritisch vermogen te verliezen. Blijf redelijk, verplaats je in de gevoelens van de ander. Hij was onverbiddelijk toen mijn stuk veel te laat binnen was, na de eerste keer ooit in een vliegtuig, bij Guimaraes - Roda JC in 1988. Maar hij bood nieuwe kansen. Ga naar Barcelona - AC Milan en maak meteen een verhaal op de dag van vertrek. Ik stikte van de zenuwen, maar Ronald Koeman zat in hetzelfde vliegtuig. Beginnersgeluk. Trainer Cruijff had Koeman de bruiloft van zijn broer Erwin gegund, een dag voor de wedstrijd.
Zoals Cruijff dat deed met een sportploeg, zo deed Leo dat ook. Hij was net de joviale variant van een trainer. Werk en geniet. Niet morgen, niet na je pensioen. Nee, vandaag. Bij de Spelen van Atlanta bestelden de twee jongste verslaggevers in een chique tent een grotere sigaar dan hij, om aan te geven dat ze hun meester durfden los te laten. Leo vroeg me, in januari 1995, meteen af te reizen naar Frimley Green, waar een of andere darter aardig met pijltjes stond te gooien. Nooit van gehoord, van Raymond van Barneveld. In het pre-Google-tijdperk wees de receptioniste van de speelzaal de Haagse postbode even onopvallend aan.
Leo stuurde me een maand door Afrika, voor Parijs - Kaapstad, van de Libische woestijn met gevechtsvliegtuigen van plastic, via Niger, Tsjaad en de Centraal Afrikaanse Republiek langzaam omlaag naar de Tafelberg. Maar eerst zei hij: ‘Neem je meisje (nu 32 jaar mijn echtgenote) mee naar een persconferentie in Parijs, om haar goed te stemmen en gerust te stellen.’ En we vertrokken op 2 januari 1997 in alle vroegte naar Leeuwarden, want Henk Kroes ging ‘It giet oan’ zeggen, om de Elfstedentocht aan te kondigen. De ogen van Leo twinkelden.
Vrijdag vond zijn dochter Robin Lisa hem toen hij niet reageerde op een appje. Gevallen in huis. Zijn golftas stond klaar voor een rondje. Het is prettig als je in het leven een paar mensen als Leo tegenkomt.
Met nog het laatste restje van een driedaagse migraine in mijn hoofd en lijf begon ik aan de wedstrijd tegen Jeroen. Geen excuus hoor maar dat uit zich meestal in een paar holes waarin ik werkelijk geen idee meer heb hoe het golfen ook alweer moet. Aldus .... ik verloor de eerste twee holes. Tja… het was niet anders. We liepen vervolgens heel gezellig door de baan en gelukkig ging mijn spel hier en daar best wel weer aardig. De baan lag er prachtig bij, de temperatuur was misschien nét iets te enthousiast hoog, maar onze humeur(tjes) leden daar gelukkig helemaal niet onder. Maar op hole 17 stond ik weer twee down. Met nog twee holes te gaan kon Jeroen de wedstrijd eigenlijk niet meer verliezen. Op de 17de, een par 3, sloeg ik helaas mijn bal, met een hele mooie slag (dat dan weer wel) de bunker in, terwijl Jeroen net buiten de green lag. Dat moet lukken dacht ik... Misschien iets té vol vertrouwen… Maar de bal eindigde over de green tegen een boom. Daarmee kwam er toch een enigszins roemloos einde aan mijn gezellige golfmiddag. Gelukkig waren er toen de pilsjes en bitterballen! Jeroen, heel veel succes met je wedstrijd tegen Sonja!
Voorafgaand aan deze wedstrijd in de verliezersronde had ik mijn huiswerk gedaan, vond ik zelf. Ik had namelijk het wedstrijdverslag van Ronald Massaut over zijn partij tegen de mij onbekende Frank Huiges gelezen. Frank slaat heeeeeeeeel ver, maar niet altijd even recht. Dat had ik goed onthouden, dus toen bij het boeken op Het Rijk van Nijmegen de lus Groesbeek Zuid opdoemde, was ik daar niet ontevreden over. Voor wie het niet weet, het Rijk van Nijmegen beschikt over 5 lussen van 9 holes, waarvan Groesbeek Zuid verreweg de moeilijkste is, want relatief smal, lang en heuvelachtig. Mijn hoop was er op gevestigd dat door die lengte ook bij Frank de driver uit de tas zou komen. En dat zijn afslag dan niet altijd even recht zou zijn. Al bij de eerste hole bleek dat Frank andere ideeën had. Het is hier niet al te breed, hoorde ik hem hardop denken en hij pakte een houtje (of hybride) uit de tas. Om vervolgens de bal alsnog links de bomen in te slaan. Lang verhaal kort: tot en met de zesde hole hield ik hem bij, daarna was het met mij gedaan. Niet eens omdat Frank zo goed speelde (een ronde van 95 slagen is niet echt goed op zijn niveau), maar vooral omdat ik het zelf aardig af liet weten. Kernwoorden van de ronde waren ‘gezellig’ en ‘sociaal’, waarbij het sociale deel voornamelijk van mij afkomstig was. Speelde Frank zijn afslag naar links, dan deed ik dat ook. Ging zijn bal naar rechts, dan ging die van mij ook die kant op. Helaas deed ik dat niet met opzet, maar het voordeel is dat je wel gezellig doorpraten op weg naar de ballen. We spraken over van alles, onder andere over zijn honkbalverleden (vandaar die lengte) en zijn liefde voor windsurfen bij Hawaii en Kaapstad, waar hij drie maanden per jaar samen met zijn gezin de Nederlandse winter ontvlucht. Een van de voordelen van Kaapstad is dat je daar ook prachtige golfbanen hebt. Ook mooi is de Tafelberg, waarvan Frank een tatoeage op een van zijn armen heeft. Er viel me trouwens nog iets op. Zowel op onze foto, als die van Frank met Ronald (7&6), maakt hij met zijn hand het shaka-teken (niet te verwarren met tsjakka!). Een Hawaïaans handgebaar, dat veel gebruikt wordt onder surfers en zoiets betekent als “relax, alles komt goed.” Precies het gebaar dat ik na zo’n afdroogpartij wel kon gebruiken. Bedankt voor een fijne middag, Frank.
Onze verliezersronde-wedstrijd stond oorspronkelijk gepland op Noordwijk, maar vanwege de warmte werd uitgeweken naar De Hoge Dijk. Op de lus Bullewijk/Holendrecht ontspon zich een echte jojo-partij tussen Ruud Onstein en Peter Luijer, die pas op een beslissende extra hole werd beslecht.
Annette de Jong speelde op De Zaanse een matchplaywedstrijd tegen Jeroen van Leeuwen. Na drie dagen achter elkaar 18 holes bleek dat net iets te veel gevraagd. Een verslag van een zware, maar bijzonder gezellige golfdag.
In de kwartfinale van de Mr. Glow Matchplaycompetitie stond ik oog in oog met Peter van Weel, NVGJ's topgolfer met een handicap +0.5. Peter versus Peter dus. Spannend? Absoluut! Een verslag van een mooie strijd op Wilnis, met een prachtig tafereel bij de sprinkler.
De zon scheen, het was voor mij een thuiswedstrijd en ons vorige potje op de Veluwsche zou ik – zo rekende Elaine na afloop van die ronde uit – gewonnen hebben als we matchplay hadden gespeeld. Vandaag was dan de échte matchplay wedstrijd. De winnaar mocht de halve finale op de Hoge Kleij spelen en daar hadden we allebei - competitief als we zijn - wel oren naar. Maar eerst deze ronde nog op Anderstein.