Nederlandse Vereniging van Golfspelende Journalisten
14.10.2022
Haviksoord - het verslag
EN TOEN WAREN ER NOG TIEN
In het voorjaar, meteen bij het verschijnen van de wedstrijdagenda blokkeerde ik in mijn agenda al meteen de data van de wedstrijden op Houthalen en Haviksoord. Allebei bijzondere locaties met heerlijk te spelen golfbanen. Die wilde ik zeker niet missen! Ondanks het heerlijke weer en gezellige flight bakte ik er op woensdag niet zo heel veel van. Mijn plan voor vandaag, de donderdag op de altijd goed verzorgde en onderhouden Haviksoord is om toch in ieder geval boven de dertig stableford punten te scoren.
In vergelijking met andere wedstrijden is het ritje heel kort voor mij. Ik hoef zelfs niet te rijden, want logé Louis Westhof is vandaag ‘mijn’ chauffeur. ‘Haviksoord is een van mijn favoriete banen’, vertel ik hem nog onderweg. ‘Zo’n fijne baan! En vandaag krijg ik maar liefst 17 strokes wat natuurlijk ook heel lekker speelt’. De Brabantse gastvrijheid in het clubhuis is zoals altijd top. Het maakt niet uit of je er als greenfee-speler komt óf zoals wij nu met de NVGJ. Oorspronkelijk zouden er 21 deelnemers zijn, tenminste dat is waar de cateraar op rekende. Net zoals de koffie, heel bijzondere thee’tjes en heerlijke vlaai klaar staan, doet ook het supervriendelijke personeel er alles aan om het ons naar de zin te maken.
Net zoals gister neemt John Dekker de wedstrijdleiding op zich (dat doet hij heel goed). Hij ziet zich genoodzaakt om nogal wat te schuiven in de startlijst, want er blijken vandaag nog maar 12 spelers te zijn. En Onno Hansum verhuist vanwege zijn werk naar de eerste flight; hij moet direct na de wedstrijd vertrekken.
Ruimschoots op tijd staan we met een paar spelers bij hole 1 en zien de afslag van de eerste flight niet echt lekker weg gaan. De ene bal komt niet verder dan de rode tee, een andere afslag gaat richting de splinternieuwe auto van Anna van Lennep; de derde kan ik niet volgen. Oei, denk ik nog, als dat maar goed gaat en we vandaag niet al te veel moeten wachten. Wachten hoeft helemaal niet, we zien de eerste flight heel af en toe in de verte de bosjes in schieten en er ook snel weer uitkomen. Pas als wij op de green van 17 staan, zien we pas het drietal voor ons.
Op de laatste tee. Met mijn flightgenoten Martijn Paehlig — die gisteren een topdag had door maar liefst 40 punten te scoren – en Paul Boehlé genieten we ondanks het druppeltje regen dat af en toe valt van een heerlijke middag. Bij Martijn gaan de drives lang niet zo goed als gisteren, maar Martijn blijft zoals altijd positief. Zelfs als hij uiteindelijk zijn ‘gouden’ provisionele bal in de vijver bij hole 18 ziet verdwijnen. Paul is blij dat hij vandaag zo goed speelt. Af en toe belandt zijn bal wel in de bossen, maar hij weet zijn bal er dan heel gemakkelijk uit te slaan. En ik? Zelf speel ik ondanks een paar domme fouten niet onverdienstelijk en kom met 36 punten binnen. ‘Had ik vorige week tijdens het EMGJ in Tsjechië maar zo goed gespeeld’, zo verzucht ik.
Eenmaal terug in het clubhuis is het erg gezellig. Helaas is Eric Korver inmiddels al naar huis. Zo jammer, gisteren op Houthalen was hij nog mijn ‘Kissmister’. Onverstoord zijn Jolanda Swart en Louis Westhof na zijn vertrek met z’n tweetjes verder gegaan. Anna van Lennep, William Wollring en Jan van Galen komen als laatste flight binnen. Nog met slechts tien personen – wel een heel gezellig clubje – worden we door drie dames van Haviksoord in de watten gelegd. Unaniem besluiten we niet te douchen en om te kleden zodat we lekker op tijd aan tafel kunnen. Fijn voor de mensen die nog ver moeten rijden. Het Italiaans buffet is echt ongelooflijk goed. Carpaccio, diverse mediterrane voorgerechten, hoofdgerechten met allerlei sausjes en bijgerechten. En zelfs een tafel met allerlei kazen staat voor ons klaar. En wel voor 21 personen. We zijn nog maar met tien..
Op verzoek van John verricht Jan van Galen — die een van de dames (met een Russische naam, maar in Nederland geboren zo vertelt ze) van de horeca als ‘Kissmiss’ naast zich weet te krijgen — de prijsuitreiking. Vervolgens wordt ons zelfs nog Italiaanse ijstaart (keuze uit vier smaken) met slagroom aangeboden, veel te veel om nog op te eten, maar wel heel erg lekker!
Chapeau voor de organisatie, wedstrijdleiding, cateraar en natuurlijk het personeel van Haviksoord! En beste uit- en afvallers: wat hebben jullie veel gemist!
1. Marijke Brouwers 17 36
2. Jolanda Swart 15 33
3. Paul Boehlé 27 32
4. Ron Buitenhuis 18 31
5. Anna van Lennep 29 31
6. Louis Westhof 12 30
7. John Dekker 27 30
8. Onno Hansum 32 30
9. Jan van Galen 27 29
10. Martijn Paehlig 8 26
11. William Wollring 27 13
12. Eric Korver 15 NR
‘Doe je wel mee aan de verliezerscompetitie’, vroeg matchplay-wedstrijdleider Louis me nadat ik in de ‘echte’ matchplaycompetitie kansloos had verloren van oud-winnaar Peter Luijer. Ach ja, dacht ik, misschien maak ik daar dan nog kans. Maar dan moet je niet tegen Cara de Vlaming loten!
Van speedgolf naar matchplay Mijn matchplaywedstrijd tegen Roland eindigde op de zeventiende hole. Met 2&1 trok hij verdiend aan het langste eind. Hij speelde solide, sloeg een aantal uitstekende afslagen en liet bovendien zien hoe waardevol een goede bunkerslag kan zijn. Zelf speelde ik zoals ik mezelf helaas maar al te goed ken: met veel ups, maar vooral ook veel downs. Tijdens de ronde met Roland dwaalden mijn gedachten regelmatig af naar een week eerder, toen ik in Parijs meedeed aan het Open France Speed Golf Championship. Op aandringen van een goede vriendin uit Parijs – al jaren enthousiast ambassadeur van deze bijzondere sport – besloot ik het avontuur aan te gaan. Speedgolf is even 'eenvoudig' als meedogenloos: leg 18 holes af in zo weinig mogelijk tijd en met zo weinig mogelijk slagen. Je score is de optelsom van je speeltijd en je aantal slagen. Ik stelde nog voorzichtig voor om twee keer negen holes te spelen. Tenslotte had ik dit nog nooit gedaan. Maar mijn vriendin lachte dat weg. "Doe gewoon twee keer achttien. Anders ben je veel te snel klaar en verveel je je rot." Met dat vooruitzicht zei ik toch maar ja tegen twee keer achttien holes. Zoals bij ieder serieus toernooi begon het met een oefenronde. Ik kreeg een piepklein draagtasje mee waarin precies vier van mijn clubs pasten: een putter, een 7-ijzer, een 4-hybride en een wedge. We verkenden de baan en ik werd gewezen op de oh zo belangrijke afsnijpunten. Tot mijn nog grotere schrik zag ik op een aantal holes ook nog een paar stevige beklimmingen. Op dat moment begon ik me serieus af te vragen waarom ik hier eigenlijk ja tegen had gezegd. Na een stuk of twaalf holes wist ik echter één ding zeker: met dit tasje zou ik de wedstrijddagen niet overleven. Mijn schouder protesteerde luidkeels - alles voelde zwaar - en ik begon te piekeren over een alternatief. In het clubhuis ontdekte ik vervolgens dat ik in heel ander gezelschap was beland dan ik had verwacht. Nog nooit had ik zoveel afgetrainde golfers bij elkaar gezien. Al snel bleek waarom. Veel deelnemers kwamen helemaal niet uit de traditionele golfwereld, maar uit de wereld van de duursport: triatleten, Ironman-deelnemers en ultralopers. Ook liepen er recordjagers rond. Zo ontmoette ik de Zwitser Jürg Randegger, die in het Guinness World Records staat met het record van maar liefst 252 gespeelde holes in twaalf uur, wandelend, met slechts één club – een 7-ijzer. Daarvoor legde hij zo'n 93 kilometer af, sloeg 1.348 ballen en maakte onderweg ook nog vijf birdies. Ook sprak ik een jong stel met twee kleine kinderen. Voor hen was speedgolf dé manier om het golfen niet op te geven: vóór het werk of voordat de kinderen wakker werden een snelle ronde spelen en daarna weer naar huis. Op dat moment besefte ik dat speedgolf echt een wereld op zichzelf is. Voor de eerste wedstrijddag besloot ik met slechts twee clubs op pad te gaan: de 7 en de 4-hybride. Eén in iedere hand. Putten zou met de hybride gebeuren. Het voelde als een verademing vergeleken met het draagtasje. Eén detail had ik alleen over het hoofd gezien: na iedere slag moest ik de andere club weer van de grond oprapen. Na een paar kilometer rennen blijkt dat een flinke aanslag op je onderrug. Niet voor niets lopen de meeste ervaren speedgolfers met een speciaal holster waarin vier clubs passen... Iedere speler krijgt een vrijwilliger in een buggy mee die de score bijhoudt en de weg wijst. Mijn begeleider was een uiterst vriendelijke Fransman die echter geen woord Engels sprak en de baan eigenlijk ook niet goed kende. Toen ik onderweg vroeg: "Can you please give me some water?" dacht hij blijkbaar dat hij in de weg stond. Met piepende banden scheurde hij vooruit, terwijl ik juist om water had gevraagd. Uiteindelijk slaagde ik er tijdens achttien holes in ruim dertig graden slechts twee keer in mijn eigen waterfles uit de buggy te pakken. Ook de belangrijke shortcuts waren voor hem een mysterie. Op mijn vragen, in mijn beste schoolfrans, volgde steevast: "Non... je ne sais pas." Achteraf schat ik dat ik daardoor zeker twee kilometer extra heb gelopen. Na 1 uur en 19 minuten kwam ik compleet uitgeput binnen. Met 110 slagen, een vuurrood hoofd en vooral de vraag: waarom doen mensen zichzelf dit aan? Maar eerlijk is eerlijk: het is wel een belevenis. De tweede dag voorspelde de vriendin dat het nu vast beter zou gaan. Ik had het mezelf ook iets gemakkelijker gemaakt: in plaats van twee clubs ging alleen mijn 7-ijzer mee. Mijn rug was me dankbaar, al gold dat iets minder voor mijn korte spel, want chippen met een 7-ijzer blijkt toch niet helemaal ideaal. De baan bleef ondertussen onveranderd heuvelachtig, met venijnige hellingen en eindeloos vals plat. Speedgolf is geen ontspannen hardlooprondje met af en toe een golfslag; het is echt afzien. Daarom koos ik die tweede dag bewust voor negen holes. Die speelde ik in 31 minuten en 45 slagen. Voor een eerste kennismaking vond ik dat prima. Ik weet nu wat speedgolf van je lichaam vraagt. Eén ding staat vast: volgend jaar kom ik terug maar dan beter voorbereid. Want zelfs als je een redelijke hardloper bent, moet je voor speedgolf echt specifiek gaan trainen. En toen ik na afloop de uitslagen bekeek, besefte ik pas echt hoe bizar hoog het niveau ligt. De Engelsman James Hardy speelde de 18 holes in 45 minuten en 54 seconden en deed dat ook nog eens in 74 slagen (+2). De tweede dag liep hij de baan in 46 minuten en 30 seconden met 76 slagen! Op een baan van bijna negen kilometer betekent dat vrijwel onafgebroken hardlopen, terwijl je ondertussen golf op topniveau speelt. Er viel wel een kwartje. Op beide wedstrijddagen sloeg ik vrijwel al m'n afslagen kaarsrecht. Niet één grote afzwaaier. Omdat je voortdurend rent, heb je simpelweg geen tijd om na te denken. Je remt af, stapt in je routine, slaat en rent weer verder. Geen 'technische' gedachten. Geen twijfel. Geen oefenswings. Gewoon staan en slaan. En terwijl ik gisteren in mijn verloren matchplay tegen Roland weer ouderwets boven de bal stond te twijfelen over grip, swingbaan, balpositie en nog twintig andere technische details, dacht ik ineens met weemoed terug aan die Franse speedgolfdagen. Misschien ligt de oplossing voor mijn golfspel helemaal niet in nóg meer analyses of weer een nieuwe swing-, chip- of putttechniek. Misschien moet ik mezelf gewoon wat minder tijd gunnen. Gewoon gaan staan, slaan en door! Roland, nogmaals van harte gefeliciteerd met je overwinning. Het was hoe dan ook een prachtige middag op Golfclub Wilnis.
Zoals me vorig jaar overkwam, heb ik ook dit seizoen verloren in de losersronde. Pijnlijk natuurlijk. Maar ook weer niet onverwacht, want in de reguliere competitie variëren mijn resultaten ook nogal. Tegenstander Peter Luyer had een vroege start op de Hoge Dijk geregeld en zoals je in Amsterdam kunt verwachten waren in onze flight 2 man bijgeplaatst. Aardige kerels, die ook nog eens verdomd goed konden golfen. Omdat ik bijna op elke hole een extra punt 'had', was het voor Peter aanpoten op het moment dat ik een redelijke score had. Bij de turn stond Peter pas 1 'up'. De jaloersmakende slagen van onze flightgenoten stimuleerden zeker en Peter was zo aardig bij mijn enige echte mispeer (een afslag in het water) ook een waterbal te nemen. Uiteindelijk is de match pas op de 18e hole beslist en wist Peter met 2 Up te eindigen. Tijdens de Amsterdamse lunch (broodje bal op witbrood) bleek dat hij als regisseur bij SBS en ik als sponsor- cq. communicatieman vooral raakvlakken te delen bij de grote sport-events als de Olympische Spelen. En daaraan gelieerd samenwerking met bedrijven als Heineken. Het was een prima duel dat geheel paste in het adagio van de NVGJ: "elkaar een leuke dag bezorgen". Peter, succes met de volgende loser....
"Spelen we bij jou op de Veluwse of kom je naar Lauswolt?" appte Louis nadat bekend was geworden dat er een tussenronde aan de Mr. Glow Matchplay was toegevoegd. Ik had Louis eerder al eens op mijn homecourse verslagen en vond het daarom niet meer dan eerlijk om af te reizen naar het Hoge Noorden, naar de voor mij nog onbekende baan van Lauswolt.
Na het grandioze succes van de Nations Cup in eigen land is de schroom groot onder de leden. Maar de tien durfals die ook dit keer hun land willen verdedigen, dit keer op Sussex in Engeland, zijn bekendgemaakt door captain Hélène Wiesenhaan.
Pim schreef met de redactie. Hi Anton, Nadat Peter vorige week enkele uren voor ons matchplayduel om zeer begrijpelijke redenen moest afzeggen, moest ik dat doen voor ons duel op 1 juli… En zeker de eerste 2 weken daarna kan ik niet spelen! Ik krijg namelijk a.s. maandag een pacemaker (niets ernstigs, daar kun je 100 mee worden); die datum werd me plotseling op weg naar Welderen meegedeeld. Derhalve heb ik de winst aan Peter ‘geschonken’. Zal ik nog een piepklein stukkie plus foto doorsturen of niet? Of is dat mosterd na de maaltijd? Pim Pim, Stuur maar door hoor. Altijd leuk. Groet, Anton