Nederlandse Vereniging van Golfspelende Journalisten
08.09.2026
Verliezen is iets minder leuk dan winnen, maar erg is anders. Het grootste nadeel van verliezen in onze matchplay-competitie is de afspraak dat de verliezer het verslag schrijft. Dat is nog tot daar aan toe, maar de lezer verwacht dan ook een echt verslag. Geen gelul eromheen over de achtergronden van beide spelers, hun maatschappelijke positie en relevante opvattingen, geen woord uiteraard over de journalistiek, het onderwerp dat nergens zo angstvallig wordt vermeden als onder het in onze club verenigde golfspelende journaille. Nee, op deze plaats wordt de verliezer geacht uit de doeken te doen wanneer niet hij maar de ander het potje heeft gewonnen.
Als ik ergens een hekel aan heb is het dit golfersgelul achteraf.
Je kunt ze nochtans na afloop van onze wedstrijden met de neus aanwijzen, de leden die een kennelijk onweerstaanbare drift voelen om iedereen te laten weten hoe hun ronde is verlopen, hoe ze aan hun 26, 28, 32 of 35 punten zijn gekomen. ‘Ik lag met 2 voor de green en kwam er met een 6 af.’ ‘Ik sloeg een schitterende bal, maar kon ‘m nergens meer vinden.’ ‘Ik miste een puttje van 25 centimeter.’
Wie goed luistert – en ik luister al meer dan 30 jaar naar dit doorgaans klagerige gezemel – komt tot de slotsom dat het steeds weer een selectie is van de bekende factoren die onze spel nu eenmaal bepalen: verkeerde club, geen concentratie bij de afslag, een beetje pech, een beetje geluk, een bal in de bunker in een voetstap, een flight-genoot die hinderlijk in de weg staat of de vlag achter de hole legt of andere irritaties die worden opgewekt en zonder succes bestreden.
Wat mij betreft valt er niet zo veel te analyseren aan ons spel; we zijn gewoon niet goed genoeg voor een analyse. Ja, een ronde van Peter van Weel, die kun je analyseren. En dan hebben we nog twee of drie leden die single-handicapper zijn, maar die we tegelijk zo weinig zien dat er om díe reden nauwelijks een analyse van te maken valt.
Spelers met een handicap tussen 10 en 25 behoren tot de categorie die een beetje tot aardig kan golfen, maar die niet voor niets zelden of nooit een serie wedstrijdkaarten inleveren met een vrij identieke score. Het gaat op en af met ons, gemiddelde golfers. We zijn onderhevig aan weersomstandigheden, pijntjes hier of daar, een gunstige dan wel een ongunstige flight-indeling, geluk en pech, focus ook wel.
Hoe kwam derhalve de uitslag uit de kop van dit stukje tot stand? Heel eenvoudig. Elaine de Boer is nou net de uitzondering op elke hierboven geopperde regel. Elaine heeft geen last van welke factor dan ook. Ze gaat staan, concentreert zich en slaat het balletje dan 100 of meer meter verder, altijd even recht. Het verleidde me, wandelend over hole 12, te informeren of ze de rest van de week ook zo saai was. Nu was dit natuurlijk bekend: Elaine slaat altijd rechtdoor. Maar tijdens onze partij toverde ze ook nog een serie verrukkelijke approaches en putts uit haar stokken. Na afloop vertelde ze dat ze tijdens de partij haar stablefordpunten had bijgehouden; het waren er 38.
Stelde ik er gepruts tegenover? Nee, maar ik maakte enkele domme fouten, eentje kan ik wel vermelden omdat hier lering uit getrokken kan worden door sommige lezers. Mijn belangrijkste fout was dat ik van de verkeerde tee speelde. In een weer eens ondoorgrondelijke neiging het leven niet nog complexer te maken dan het al is, was ik op het idee gekomen van geel te spelen. Dat doe ik al twee jaar niet meer, vanwege fysieke beperkingen, bovendien bevalt me spelen van rood prima. Spelen van geel op de Hoge Kleij levert echter 25 slagen op, precies evenveel als Elaine er kreeg, spelend van rood. Dit had ik dus niet moeten doen, tenminste niet op de Hoge Kleij, waar het verschil in afstand tussen geel en rood extreem groot is, 50 meter, 60 meter, zelfs 94 meter op hole 15.
Het was niettemin een boeiende strijd met op de eerste 9 holes vrijwel allemaal halves. Daarna ontstond er een gaatje en was het na 17 holes voorbij. Elaine was de terechte winnaar, die ook nog eens uitstekend speelde. Als ze zo speelt in de finale…
De nazit was niet alleen reuze gemoedelijk en interessant, maar bleek bijna net zo lang te duren als de wedstrijd, want we hadden honger als een paard en genoeg te vertellen en te delen. Ik zal de lezer niet vermoeien met de gespreksonderwerpen, die we kunnen samenvatten als typisch links praatjes, verrijkt met lange episodes uit ons beider opwindende liefdesleven. Uiteraard bespraken we de literatuur en ook de ontwikkelingen in de wereld van de media. Maar dat is, zoals al gezegd, geen onderwerp voor de site van onze bloeiende vereniging.
Er zijn tradities die je moet koesteren. De kerstboom met Kerst, oliebollen met Oud en Nieuw, en Nederlanders die na de eerste wedstrijddag van een EMGJ stijf onderaan staan. Ook nu hebben we die traditie weer met indrukwekkende precisie in ere gehouden. Alleen wilden Hélène, Alwin en Jeroen daar niet aan. Dit drietal bracht nog een score binnen bij alles-organisator Johnny die nog met een beetje goede wil door de beugel kon: 31, 30 en 28. De anderen bleven bungelen rondom de 20… Ook met drie kwart handicap verrekening bepaald geen score die je met trots aan het thuisfront meldt.
‘ Lang zal hij leven, lang zal hij leven’ , schalde het op de tweede dag door de ontbijtzaal, toen Frank zijn entree maakte. Hij was jarig, maar wilde er niets van weten. Dook achter een pilaar, uit het zicht van andere teams. Maar het Duitse team aan onze buurtafel nam het enthousiast over met; ‘ Happy birthday to you’. Lachend kwam Frank toch achter de pilaar vandaan en ging naast zijn echtgenote Christiane zitten. ‘ 71 jaar, niets om te vieren toch?’, meende hij. ‘Elk jaar erbij is om te vieren’, wierpen wij tegen.
Op het laatste moment ingevallen, en dan meteen de eerste dagprijs pakken. Alwin de Rijke scoorde op de regenachtige East Course van East Sussex National 35 stablefordpunten en was daarmee de beste van team Nederland. Lees hoe het team op het nippertje compleet raakte, wat captain John Bramley allemaal regelde en waarom het EMGJ ooit in de Efteling begon.
Team NL is geland in East Sussex voor het EMGJ. De reis was nog maar net begonnen of er was al de nodige verwarring, en die had alles te maken met wijn. Niet met de baan, niet met de wedstrijdformule, niet met de vraag wie er op welke dag tegen wie speelt. Gewoon wijn. Zoals het hoort bij een vereniging die het spel serieus neemt en zichzelf niet. East Sussex is golfland zoals wij dat kennen van plaatjes: glooiende fairways, heggen die je niet moet onderschatten, greens die er vriendelijker uitzien dan ze zijn. Team NL trok er op af met de gebruikelijke mix van ambitie en realisme, want we weten inmiddels hoe internationaal gezelschap eruitziet als het de stablefordpunten telt. Hard werken, en daarna gezellig zijn. Niet andersom. Het EMGJ brengt journalisten uit heel Europa samen op een baan, wat betekent dat je tegenstanders kent van naam, van reputatie of van een vorige editie waar iemand iets te diep in het bunkerwerk was beland. De sfeer is vertrouwd ook als je elkaar nog nooit hebt ontmoet; mediamensen herkennen mediamensen, zeker met een club in de hand. Hoe het verder afliep met de wijn, en wat Team NL uiteindelijk presteerde op de baan: dat leest u hieronder.
Een schilderachtige dag op de Pan Donderdagmiddag 1 oktober, 13:00 uur. Het strijdtoneel: de schilderachtige UGC de Pan. Hoewel mijn sporthart normaal gesproken net iets sneller klopt van een pure, winderige linksbaan, voelt het betreden van deze bosrijke klassieker telkens weer als een absoluut voorrecht. Zeker vandaag. De lucht trekt open, de laatste wolken maken plaats voor een strakblauwe hemel, gelukkig heb ik thuis nog net even mijn korte broek aan gedaan. The indian summer, heerlijk. Alles wijst op een perfecte middag voor de ontknoping van het jaar: de finale van de MR. Glow NVGJ Matchplay. De focus van de winnaar Ik heb mijn ochtend bewust rustig gehouden. Lekker chillen, energie sparen, want één ding stond vast: ik was hier gekomen om te winnen. Op de schattige driving range van de Pan tref ik mijn tegenstander, Elaine. Ze heeft er duidelijk al een flinke sessie op zitten en is warmgedraaid. Ik sla zelf slechts een paar ballen, maar alles voelt raak. Mijn lichaam is ontspannen, de swing zit in de flow. Klaar voor de strijd. Maar zodra we de baan in stappen, merk ik dat er een interne tweestrijd in mijn lijf woedt. Niet alleen de strijd tegen Elaine, maar de strijd tussen de meedogenloze golfer en de dromerige fotograaf. Een schilderij als decor De Pan presenteert zich vandaag namelijk niet zomaar als een golfbaan, maar als een levend schilderij. De manier waarop de lage herfstzon de schaduwen over de glooiende fairways laat schijnen, het is ronduit betoverend. Terwijl ik me eigenlijk moet focussen op mijn volgende slag, dwalen mijn gedachten af naar composities, sluitertijden en het perfecte licht. Elaine moet het gemerkt hebben; ik raakte maar niet uitgepraat over de waanzinnige vergezichten en de esthetiek van de holes. Het enige minpuntje aan de baan waren de greens, die net geprikt en gezand waren. Maar ach, als fotograaf weet je: dat zie je gelukkig toch niet op de foto's. De overrompeling Dan de wedstrijd zelf. Ik durf het bijna niet in detail op te schrijven, want het voelt stiekem een beetje gênant. We kennen Elaine allemaal als de 'altijd rechte' speler, een stabiele factor vanaf de tee. Maar vandaag was ik ongenaakbaar en Elaine niet zo recht als gewoonlijk. Mijn tactiek was simpel maar keihard: full power uit de startblokken schieten, intimideren met vlekkeloos spel en daarna consolideren. Die strategie werkte misschien iets te goed. Voordat we het goed en wel doorhadden, stond ik na 10 holes maar liefst 8 up. Au. Sorry, Elaine. Als je tegenstander niet in haar ritme komt en jij werkelijk elke bal raakt alsof je het spelletje zojuist hebt uitgevonden, dan wordt het een ongelijke strijd. (Elaine speelde een dag later overigens een nieuwe matchplay ronde op haar eigen club. Dat ging gelukkig stukken beter, al verloor ze daar na een zwaarbevochten strijd op de allerlaatste hole). Ik besef me heel goed hoe frustrerend het is om tegen iemand te spelen die zó uit de startblokken schiet. Het was intimiderend, maar eerlijk is eerlijk: voor mij voelde het fantastisch. De metamorfose Na die razendsnelle overwinning viel de sportieve prestatiedruk volledig van mijn schouders. En precies daar, ergens op de back nine, gebeurde er iets moois. Elaine vatte het later feilloos samen: "Zodra de winst binnen was, verdween de golfer en nam de fotograaf het over." En ze had gelijk. Nu ik niet meer hoefde te presteren, kon ik me volledig overgeven aan de omgeving. Het licht werd met de minuut zachter. De rest van de ronde was geen wedstrijd meer, maar een gezamenlijke wandeling door een prachtig natuurgebied, vol gelach, opluchting en puur plezier. Een gouden randje Er is één zekerheid die een finale op de Pan helemaal af maakt: de wetenschap dat Jolanda (Mr. Glow) je bij het clubhuis opwacht. De warme omhelzing en de prachtige bloemen bij binnenkomst gaven deze overwinning precies de afsluiting die het verdiende op de prachtige indian summer dag. Na afloop zakten we met een voldaan gevoel neer op het terras. De drankjes vloeide, de schalen met bitterballen en gehaktballen kwamen door, en terwijl de zon langzaam achter de bomen zakte, besefte ik hoe uniek zo'n dag is. De perfecte mix van keiharde focus, visuele overdaad en bourgondische gezelligheid. Ik neem de titel met trots mee naar huis. Op naar volgend jaar. Wie durft?
Heden bereikte ons het verdrietige bericht dat Taco Mulder is overleden. Ons lid van verdienste en oud-penningmeester mocht 75 jaar worden. 'Ach Taco, nog één jaartje?', met die woorden wist Hans Terol Taco meer dan eens te verleiden nog een jaar aan te blijven als penningmeester, al had hij bij eerdere gelegenheid aangegeven dat hij bij de volgende Algemene Leden Vergadering nu echt een punt wilde zetten achter zijn bestuurstaken. De functie van penningmeester was de eerste 23 jaar van het bestaan van de NVGJ altijd in handen geweest van Ruud Onstein dus toen deze er na bijna een kwart eeuw een punt achter zette, was de eerste reactie van het bestuur er dan ook een van schrik. Hoe deze leegte te vullen? Het was echter Ruud zelf die precies wist aan wie deze belangrijke taak het beste kon worden toevertrouwd. Taco Mulder. Dat bleek. In de acht jaar dat Taco de financiën van onze club beheerde gingen de reserves van gezond naar zeer gezond. Niet omdat hij zo streng op de penning was (niet zelden zei hij met een knipoog dat we dat nog net moesten kunnen betalen) maar omdat hij de zaakjes goed voor elkaar had. Scherp, helder, duidelijk. Dat Taco bij de ALV van dit jaar, na acht jaar penningmeester te zijn geweest, werd benoemd tot lid van verdienste was dan ook niet meer dan terecht. Veel meer echter dan een gedegen kasbeheerder was Taco een aimabel mens. Rustig, zachtaardig, bedachtzaam en alle andere woorden die zijn geliefden op zijn rouwkaart zetten, waren allemaal van toepassing. Plus natuurlijk de eretitel de eerste maker van een hole in one binnen ons clubverband te zijn geweest. Ook die herinnering zal voor altijd met hem verbonden zijn. Het bestuur wenst zijn naasten, vrienden en alle leden van de NVGJ sterkte met dit verlies.