Nederlandse Vereniging van Golfspelende Journalisten
15.02.2022
Kruimels. Zo noemen ze officieel alle sporen die je online achterlaat. Of het nu bewust geposte, of onbewust achtergelaten fragmenten van je (digitale) leven zijn, we laten ze allemaal achter. Henri van der Steen gebruikte die sporen de afgelopen weken om van vrijwel alle leden een (klein) portret(je) te maken. Hier en daar aangevuld met wat persoonlijke meningen. Hoog tijd om ook over de kwartaalschrijver een digitaal boekje open te doen.
Type de naam van onze vriend uit St. Michielsgestel in op Google en je krijgt binnen een halve seconde (0,47 seconde om precies te zijn) welgeteld 47.500.000 treffers die voldoen aan deze zoekterm. Na van de eerste schrik bekomen te zijn, bleek gelukkig dat het gros niet over onze Henri ging. Al op de eerste pagina met door Google als treffer aangemerkte resultaten treedt vervuiling op. Letterlijk. Want de daar beschreven Henry van der Steen is 27 jaar en rijdt al vanaf zijn derde motor en is nu trotse bestuurder van een 500cc raceduivel. Of neem de treffer op de vijfde pagina met resultaten. Daar maakten we kennis met Henry VanderSteen, een in 1903 geboren en in 1967 in Wisconsin overleden medewerker van een oliemaatschappij. En op pagina tien tenslotte, als laatste voorbeeld, komen we uit bij uitvaartverzorger Van der Steen, een kleine familieonderneming die u alle zorgen uit handen neemt in deze verdrietige tijd.
Goed, vooral veel missers dus, maar natuurlijk is er over Henri wel degelijk veel te vinden via de grootste zoekmachine. Al blijkt niet elke bron even rijk. De door LinkedIn geplaatste opmerking dat hij ‘hasn’t posted much lately’ mag gerust een understatement genoemd worden op zijn vooral lege pagina op het grote netwerk voor professionals. Twitter levert zelfs helemaal geen treffer op die naar onze golfvriend leidt. De twee Henri van der Steens die een account hebben, hebben deze allebei op slot staan, maar zijn duidelijk allebei niet degene waar we naar op zoek zijn: de een is gepensioneerd adviseur in de vollegrondsgroenteteelt en kleinfruit, de ander meldt niet meer dan ‘what’s up’. Niet bepaald Henri-taal. Facebook dan? Daar is hij wel te vinden. Met 213 vrienden liefst, waarvan vijf gemeenschappelijk. Ook hier weinig noemenswaardigs. Henri is in 2019 eens meegeweest naar een concert van Wende Snijders, maar voor de rest zijn het vooral jaarlijks terugkerende felicitaties op 30 juli, zijn verjaardag.
Op Youtube is het aantal treffers gelukkig stukken groter. De meeste clipjes zijn kort, minder dan een halve minuut, en bevatten een aankondiging van een later te houden interview. Mooi te zien hoe Henri zich ontwikkelt als camjo. In het eerste filmpje is het kader scheef en filmt hij zichzelf van onderaf. Even later is het beeld recht maar worstelt hij nog met de belichting. Om nog weer later rustig licht en een goed kader af te leveren, maar niet ín, maar naast de camera te kijken, naar de plek waar het in zijn bril weerspiegelende worddocument zijn script bevat. Dat hij ook nadrukkelijk voorleest.
We kennen Henri niet voor niets ook vooral als brenger van het geschreven woord en daar ligt dan ook het zwaartepunt van de treffers. Het zal niemand verbazen, want wie boeken zegt, denkt aan Henri, wie Henri zegt, denkt tegelijkertijd ook aan boeken. In welke volgorde je de woorden ook zet: ze zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. Of het nu als verkoper (een 9,4 gemiddeld voor zijn handel op bol.com!), als lezer, als recensent of als schrijver is. Ze beheersen zijn leven. Zo’n vijf uur per dag zit hij met zijn neus in de boeken, althans, dat schreef hij zelf in 2012. Dat er nog tijd is om te golfen is nauwelijks voorstelbaar. En toch doet hij dat. Vaak zelfs. En sinds enkele jaren niet meer alleen per openbaar vervoer of meerijdend met een andere nvgj-er. Principes zijn goed, maar soms verdomde lastig als je op een afgelegen golfbaan een starttijd moet zien te halen. Hoe hij ook op de baan kwam en komt: het leverde hem tal van titels op, maar die handicap wil maar niet verder omlaag. Net de verkeerde instructiefilmpjes op Youtube gekeken? De spanning van de laatste holes toch te hoog? (Aanrader: Golf is not a game of perfect van Bob Rotella) Of toch dat abonnement op Golfers Magazine te snel opgezegd?
Van de boeken die hij schreef staat er één (Penalty, het trauma van oranje) in de kast van huize Paehlig, maar hij schreef meer sportboeken. Alleen al bij de webshop van De Slegte vonden we nog drie titels van zijn hand, al staat daar niet zijn biografie van Ruud van Nistelrooy tussen, oud-spits en misschien wel nieuwe hoofdtrainer van PSV. Bij een biografie van de hand van Henri vraag je je onwillekeurig af hoe dat tot stand is gekomen. Voetballers, geinterviewden in het algemeen, willen toch graag wat te zeggen hebben over hoe hetgeen ze zeiden op papier komt. Maar valt daarover met Henri te ‘onderhandelen’? Met zijn strenge opstelling dienaangaande is het nauwelijks voor te stellen. Vrij geinterpreteerd: er mag in de journalistiek best meer doorgebeten worden, mede door ondergetekende, al worden ook een aantal niet-leden op de vingers getikt. Ooit vertelde Henri me dat de term ‘off the record’ wat hem betrof niet bestond. “Dan had je het maar niet moeten zeggen”. Zelf ervoer ik dat eens toen ik, na een lange autorit, al mijn tijdverdrijvende gebabbel terugvond in het niet lang daarna gepubliceerde wedstrijdverslag. Ik probeer me voor te stellen hoe van Nistelrooy, of een van de vele andere topsporters, schrijvers of kunstenaars die hij beroepsmatig sprak, verzochten om een passage te schrappen of anders op te schrijven, en vooral hoe daar dan op gereageerd werd. Zou Henri ook bij het interview uit 1971 met Cruijff, waarvan ik op een foto stuitte bij mijn zoektocht, voet bij stuk hebben gehouden en daarbij hebben gezegd, ‘maar dat is logisch’?
Hoe dan ook. Het speuren naar kruimels van Henri leverde tal van interessante vondsten op, met als meest in het oog springende bericht misschien wel een profiel dat hij over zichzelf schreef. Het korte stukje bracht me voor mijn gevoel bij de kern van zijn schrijven, zijn ‘zijn’ misschien zelfs wel, en hoe dan ook bij de reden dat in zijn stukjes op deze site zo vaak naar boeken verwezen wordt. Een citaat: ‘Wat me ook stoort is dat er voor goede boeken, waaraan door plichtsgetrouwe, ernstige mensen soms jaren is gewerkt, nauwelijks plaats is. Daarom mag ik het boek graag, desnoods op gluiperige wijze, een plekje geven in mijn stukken.’
Nu is het woord ‘gluiperig’ volledig voor zijn rekening, maar er is dus een reden dat in een wedstrijdverslag zomaar een passage uit Misdaad en Straf kan staan of dat de titel van een favoriet her- of gelezen titel wordt gedeeld. Net zo goed als me volstrekt duidelijk werd waarom er vaak diep op zaken in wordt gegaan, meningen worden gegeven, stellingen worden ingenomen, maatschappelijk duiding doorsijpelt. ‘Ik ben niet voor niets journalist van roeping’, schreef hij in datzelfde profiel immers ook.
Het is mede door die roeping dat zijn stukken op onze site vaak lang zijn, lang niet altijd over golf gaan, en soms onbarmhartig eerlijk zijn. Ook in de grote voorstelronde van de afgelopen weken zal een enkeling iets over zichzelf of een ander gelezen hebben waarbij hij of zij dacht ‘moest dat nu zo?’ Al viel me vooral wat anders op. Als je geen stelling neemt dan wordt dat al snel als ‘slap’ – ik parafraseer — gezien of als meelopend aan de hand van marketing of commercie als het wat al te enthousiast wordt gevonden. Nog los van de vraag of dit dan ook laakbaar is, ís het wat mij betreft ook niet zo. Lang niet iedereen heeft immers over alles een uitgesproken mening, velen vinden dingen niet wit of zwart, maar veel vaker iets ergens er tussenin of zelfs niets. Zoals iemand terecht opmerkte: we leven al zo in een tijd waarin iedereen de hele tijd maar van alles vindt. ‘Héérlijk dat niet iedereen zo uitgesproken is.’ Er is een tijd, plek en podium voor alles (zo is een glossy over een hobby inderdaad geen journalistiek product waar aan diepgravende onderzoeksjournalistiek wordt gegaan…) en niet iedereen heeft zin of behoefte de arena van het debat te betreden. Een plek die Henri juist als zijn thuis beschouwt.
In de aankondiging van zijn reeks schreef Henri: ‘Wees niet bang voor de stijl van schrijvertje dezes, want als er al sprake zal zijn spot, is het de lichtst denkbare spot, een kleine ironie die wij als doorgewinterde lui van de media wel kunnen hebben.’ Het was bedoeld als aankondiging maar is tegelijkertijd een van de vele plekken waar Henri, net als velen van ons hier of elders, een stukje van zichzelf blootgeeft. En dan te bedenken dat ik in de zoektocht naar kruimels over Henri de stukken op onze site voor het gemak goeddeels heb overgeslagen. Stel je voor, al die verslagen van drieduizend woorden… Daarin vind je geen kruimels informatie, maar hele broden.
Van Galen vs Van Leeuwen Ai, 7 down 6 to go Aan de vooravond van mijn matchplay speelde er van alles door mijn gonzende golfhoofd. Jeroen van Leeuwen - aan wie ik was gekoppeld - mocht zich al tweemaal eerder finalist noemen en hij won er een. Zijn handicap: 11. De mijne: 25. Het gekozen strijdtoneel: Houtrak, Jeroens thuisbasis. Ik speelde er ooit een keer, maar ik had geen enkele actieve herinnering aan welke hole dan ook. Eerlijk zijn tegen jezelf, dacht ik. Geen valse hoop koesteren. Tegen een betere golfer raak je door zijn verre drives en zuivere approches toch al snel ontmoedigd. Aan de andere kant was er toch enige reden tot optimisme. Mijn ballen vlogen de laatste tijd naar behoren. Op de Hoge Dijk had ik twee dagen daarvoor zomaar 32 stablefordpunten bijeen gesprokkeld. Actueel sta ik nu zelfs op plaats 6 in de Order of Merit. Ook al is dat in de B. Het weer zou fijn zijn en de baan lag er florissant bij, aldus de website. Ik kreeg ook nog eens dertien slagen mee. Even kwam de wekelijkse lijfspreuk van Telstarfans in mij op: ,,Voor hetzelfde geld winnen we.'' De wedstrijddag zelf begon goed. Jeroen toonde zich een warm gastheer. De greenfee had-ie al betaald en er stond direct koffie voor mijn neus. Wij kenden elkaar nog niet zo goed, maar in ons geanimeerd gesprek bleken wij veel raakvlakken met elkaar te hebben en zelfs wederzijdse kennissen. Jeroen zou mij – sportief als hij is - bij iedere hole op mogelijke gevaren wijzen. Drie-putt Bij het inslaan voelde ik mij dan ook tamelijk ontspannen. Bij de afslag zelfs op mijn gemak. De eerste hole verloor ik weliswaar, zij het nipt. Reden: een drie-putt op een voor mij erg snelle green. De tweede hole trok ik wel naar mij toe, maar verloor de vier daaropvolgende holes. Maar telkens met slechts één slag verschil. Met name opnieuw door het putten. De hole daarop halfden we. Hole 8 was wel voor mij. Lang leve de handicapverrekening, maar hole 9 ging wederom naar Jeroen. Al stond ik dan 4 down, ik bleef toch mogelijkheden zien. Jeroen speelde dan wel prima, maar mijn afslagen en approches mochten er ook wezen. Beslist niet kansloos. Tenminste, als je mijn fouten wat baanmanagement buiten beschouwing laat. Ik ging telkens voor de vlag. Ook al lag er een diepe bunker voor - of naast de green. Of erger: een waterpartij. Het verlangen om groots en meeslepend te spelen was opnieuw sterker dan het gezond verstand. Ken uzelf. Veilige ruimte Wilde ik dus nog terugkomen, dan moest ik vanaf hole 10 kiezen voor de veilige ruimte, beheerst slaan, rustig ademen en beseffen dat ik nog zes extra slagen mee had. Kortom vrij baan voor andere valkuilen in dat gonzende golfhoofd. Ik ging nadenken, ik ging kracht zetten, ik ging opkijken. Op de drie holes die volgden ging ik volledig de mist in. Jeroen scoorde intussen louter parren. Op hole 12 was het dan ook gedaan. 7 down voor mij, 7 up voor Jeroen, met nog maar 6 holes te gaan. De terechte winnaar stelde voor om toch nog even lekker door te spelen. En zo belandden wij nog op de schitterende hole 14, die, zo schijft men terecht op de Houtrak-site, op Augusta niet zou misststaan. De dag eindigde in het clubhuis met wat biertjes, bitterballen en wederom een prettig gesprek. Het NVGJ-adagium 'Elkaar een fijne dag bezorgen', viel hier helemaal op zijn plek. Met dank aan Jeroen, de baan en het weer.
Ik had al een paar jaar niet meer meegedaan aan onze matchplay competitie. Waarom eigenlijk weet ik niet. Ik speel graag matchplay en was ook altijd een enthousiast deelnemer aan de NGF Competitie. Toen ik in Zuid Afrika de oproep las van organisator Louis Westhof om je aan te melden, besloot ik mij op te geven en dat leverde een loting op die mij plaatste tegenover Hannie Verhoeven, onze huidige penningmeester en dinsdag 21 april was het zover. Hannie wilde wel graag eens op Noordwijk spelen, zij had gehoord dat het een oude en mooie baan was en dat wilde zij wel eens ervaren. Ik denk dat zij, nu de wedstrijd achter de rug is, graag nog eens terug wil komen naar Noordwijk.
'Het was gezellig, man', zegt Roland, terwijl hij nog een keer op zijn scorekaart kijkt, die niet alleen 44 Stablefordpunten laat zien, maar ook 4&3 winst in de eerste ronde van de matchplaycompetitie. Gezellig? GEZELLIG?! Ik neem nog een slok van mijn bier en denk terug aan achttien holes geleden. Toen mijn goedlachse, en ogenschijnlijk zo sympathieke tegenstander me op de eerste green een puttje van veertig centimeter liet maken... herstel, liet missen. 'Het is niets persoonlijks hoor, maar soms gaan dat soort puttjes er niet in', voegde hij er ten overvloede nog even aan toe. Vertel mij wat. De rest van de ronde drukte ik er nog vier van binnen de meter langs de hole – er zat zelfs een 4-putt bij – zodat de teller pas stopte na 40 putts. Au.
De NVGJ won na jaren weer eens de interland tegen de Duitsers, deze keer op de baan van Landgoed Bleijenbeek in Afferden. Weliswaar met een krap verschil, van in totaal 253 punten tegen 249, de trots was er niet minder om. Nederland lijkt sinds de geweldige prestatie bij de Nations Cup in Texel, de stijgende lijn moeiteloos door te trekken. Non-playing captain Madelon nam de afschuwelijk grote beker in ontvangst. Waar andere jaren nog wel eens de slechtste twee (of de beste en de slechtste) score van de tien werden geschrapt, gebeurde dat dit jaar niet, en dat maakte net het verschil, door een score van 8 punten bij de Duitsers, waar Nederland niet lager scoorde dan een 21. De hoogste scores vielen met 31 en 35 trouwens ook aan de kant van de Duitsers, waar Sonja de meeste binnen haalde voor Nederland (30). Alle scores met ¾ handicap verrekening.
Het is 'reisleider' Hans Terol - samen met Christa Konijn van sponsor Fairway Golftravel - weer gelukt om een pareltje uit te zoeken als Surprisereis. Als Sinterklaas in Nederland is gaat de NVGJ naar Spanje. Dat pareltje is het internationaal bekende 5-sterren golfresort El Rompido, in het zuidwesten van Spanje. Een toplocatie.
Soms win je een prijs die je niet zomaar in de kast zet, maar die je echt moet beleven. Afgelopen oktober was zo'n moment op de Scherpenbergh, toen ik de eerste prijs in ontvangst mocht nemen: een compleet verzorgd rondje op de legendarische Haagsche, inclusief een uitgebreide lunch, aangeboden door Jolanda van Mr. Glow. Dinsdag 8 april, was het na lang uitkijken eindelijk zover. Een serene start in de vroege ochtend De wekker ging vroeg, maar dat was geen enkel probleem. Met een grote glimlach reed ik om 08:00 uur de oprit van de Haagsche op. Aankomen op een nog volledig verlaten golfbaan is een ervaring op zich; het voelt bijna als een goed bewaard geheim. Terwijl de eerste zonnestralen door de bomen prikten en de dauw nog glinsterde op de fairways, spotte ik een reetje, waarschijnlijk op zoek naar haar moeder. Die absolute stilte en de serene sfeer van de natuur in de vroege ochtend gaven me direct het gevoel van pure luxe. 18 holes in het paradijs Iets later ontmoette ik Jolanda, en na een hartelijk ontvangst sloegen we om 08:30 uur af. Het was alsof de wereld even stilstond; we hadden de hele baan nagenoeg voor onszelf. Spelen op de Haagsche is altijd een uitdaging, maar met de zon op ons gezicht, de perfecte staat van de greens en het fantastische gezelschap voelde elke hole als een cadeautje. We namen de tijd om te genieten van de prachtige uitzichten en het goede spel, wat deze dag echt een gouden randje gaf. Nagenieten met een glansrol voor Mr. Glow Na 18 holes vol sportiviteit en gezelligheid was het tijd voor het volgende hoogtepunt: een heerlijke lunch op het zonnige terras. Onder het genot van goed eten en mooie gesprekken lieten we de dag nog eens de revue passeren. Als kers op de taart bracht ik Jolanda na afloop nog even naar huis (en de wasstraat), waardoor niet alleen mijn humeur, maar ook mijn auto weer een complete opfrisbeurt kreeg. Mijn auto glanst weer als nooit tevoren, maar die typische Mr. Glow-glimlach? Die staat nog steeds op mijn gezicht en zal daar voorlopig ook niet verdwijnen. Jolanda, ontzettend bedankt voor de uitnodiging, de gastvrijheid en deze onvergetelijke dag op een van de mooiste banen van Nederland!