Nederlandse Vereniging van Golfspelende Journalisten
06.02.2021
Golf en sneeuw is een weinig gelukkige combinatie. Natte banen zijn tot daar aan toe, maar met sneeuw is het feest snel voorbij. Een enkeling waagt zich ook in de witte wereld op de baan, al heeft dat met golf niet veel te maken. Niets misschien wel. Maar leuk dat het kan zijn!
‘En jongens? Wordt de sneeuwpop mooi?’, las ik – zittend in de schuilhut van Golfbaan Liemeer schaterlachend het bericht voor dat even daarvoor binnen was gekomen op mijn telefoon. Ik kan me de opmerking van collega K. nog herinneren als de dag van gisteren, ook al is het inmiddels alweer dertien of veertien jaar geleden dat het schermpje van mijn toestel oplichtte en haar boodschap in beeld verscheen. Collega F. en ik keken elkaar aan, keken naar buiten waar de sneeuw inderdaad steeds harder begon te vallen, lachten nog eens hardop, en besloten dat doorspelen geen zin meer had. Een sneeuwpop bouwen kon misschien nog niet, maar de meewarige blik die we kregen toen we eerder die dag aankondigden ‘gewoon’ te gaan golfen ondanks de voorspelde sneeuw, kreeg gelijk.
Golfen in de sneeuw. Het lijkt een bij voorbaat gedoemde missie. Zelfs als er maar een flinterdun laagje ligt, is de conclusie meestal al snel dat het weinig zin heeft door te spelen. Toch heeft bijna elke golfer wel eens een paar ballen geslagen terwijl het wit uit de hemel dwarrelde. Overvallen door een paar vlokken meestal, heel soms omdat de afspraak al stond en afzeggen geen pas gaf omdat de baan immers open was, en in héél uitzonderlijke gevallen omdat de verleiding en uitdaging te groot waren om te negeren.
Want een uitdaging is het. Putten op een green met een laagje sneeuw? Het sneeuwbaleffect ontrolt zich voor je ogen. Een teeshot bij een stevige laag sneeuw? Hoe tee je op dan? En ook een ijzertje vanaf het sneeuwdek valt nog lang niet mee: alsof je probeert te slaan vanuit heel los bunkerzand.
Om over de verloren geraakte bal nog maar te zwijgen.
‘Je moet ook met een gele of oranje bal spelen!’, hoor ik al tegen het scherm roepen, maar nee, ook dat biedt lang niet altijd soelaas. Natuurlijk, spelen met een witte bal is niets minder dan kamikazegolf. Russisch roulette met elke slag. Maar ook gekleurde ballen ben je zó kwijt. Vraag maar aan collega F. Hij dacht een jaar of tien geleden bij een andere sneeuwspeelexpeditie (wij zijn hardleers) slim te zijn door geen oranje of gele, maar een zwarte bal mee te nemen. Al bij de eerste slag zwiepte hij deze rechts tussen de bosjes waar weinig sneeuw, maar des te meer omgewoelde aarde lag. Kwijt. Net als die van mij, die toch echt ergens op het midden van de fairway moest liggen. Ook daar is een bal zó verdwenen. Zelfs als je de plek van de landing gevonden hebt. Na het neerkomen rolt de bal onder de sneeuw nog even door, maar hoe ver precies, en waar je dan moet gaan zoeken, heb je nog niet zomaar bepaald. Weet ik uit ervaring. Sneeuwdikte en hardheid van het onderliggende gras kunnen meters schelen. Het moet een gek gezicht zijn als de dooi toe heeft geslagen en de sneeuw verdwenen is; al die ballen die zomaar midden op de fairway liggen. Lost in snow.
Maar hoe erg is dat? Een verloren bal in de sneeuw? Gaat een stukje wandelen met een golfclub door een mooi winters landschap echt over golf? Of is het vooral een leuke ervaring, iets om na afloop met een lekker glas bij na te gloeien? Koning Winter hoeft niet lang te blijven – liever niet zelfs — maar even een paar ballen slaan in de sneeuw?
Je bent nooit te oud voor een beetje sneeuwpret.
(De meeste banen sluiten overigens de deuren bij sneeuw, dit om de baan niet stuk te lopen en schimmelvorming tegen te gaan. En dat de drivingrange dicht is, is ook niet gek: als jij al moeite hebt om één bal te vinden, hoe moet de ballenraper zijn werk dan wel kunnen doen?)
Terugblik op de prachtige Redexim Nations Cup op Texel van vorig jaar oktober.
Het woord ‘ontspullen’ is voor mij nu al het woord van het jaar. Een woord overigens dat meneer van Dale nog maar sinds kort erkent. De hoeder van onze moedertaal is wat behoudend zullen we maar zeggen. Erger is dat mijn automatische spellingscontroleur het woord niet herkent en mij steeds wenst te corrigeren met het woord ‘onthullen’. Tijd om het emotieloze tech-wonder, onze nieuwste pennenvriend ChatGPT te hulp te roepen. ‘Het’ geeft in een mum van tijd een uitvoerig antwoord. Het dichtst bij ‘ontspullen’ komt het begrip ‘bewust wegdoen van overbodige zaken om zo meer rust, ruimte en overzicht in je hoofd te creëren.’ Of zoals een erkend minimalismespecialist (die bestaan echt) mij tracht te inspireren: ‘je leven simpeler maken en je focus verleggen naar wat écht belangrijk is’. Het lijkt verdomme wel golf. Maar de harde kernaspecten van het woord bevatten nog meer. Ontspullen is ook een actieve manier om de geest te verlichten met mentale rust als doel. Niet klakkeloos opruimen dus, maar dat doen op basis van de vraag ‘of die spullen je nog vreugde brengen’. Mooi hè? Een aanstaande verhuizing - wij gaan kleiner wonen en gelijkvloers, want dat móet als je ouder wordt - dwingt me tot die ultieme gelukstest. Terwijl ik hardnekkig probeer ‘The Old Man Out’ te houden, staar ik naar een breed scala aan verwaarloosde objecten en stel mezelf de vraag: ‘ben ik hier überhaupt ooit blij van geweest?’ Maar ook de keuze die ik mijzelf opleg bemoeilijkt het vreugde-proces: wordt het een hiernietsmaals of een tweede kans? De Milieustraat of de Kringloop? Of toch nog maar even bewaren? Onder het motto ‘bijna alles moet weg’ duiken ook enkele ontspulkandidaten uit NVGJ-hoek op. Ooit als prijs (of als vriend) verworven. Zoals twee romans van René Brouwer en diens pseudo Renee van Amstel, ‘De vrouw van de ambassadeur’ en ‘Het spel van Floor’ (nb: het laatste boek is beter dan de film), waar de erotiek van de omslagen afdruipt. In schrille tegenstelling tot de gebronsde kop van Rob, ‘in chamois-tint’, op de cover van 'De Grote Hoogland’. Ze zijn slecht vergelijkbaar met het succesvolle ‘Complete Margriet Kookboek’ (vijfhonderdste druk schat ik in) van Sonja van de Rhoer of het 'NVGJ’- verzamelwerk van Hans Terol met een sierlijke poze van Willem van DEN Elskamp tegen een regenboog, van mijzelf, op de voorplaat. Van de meer tastbare ontspulattributen heeft ‘Bartje’, ooit de Drenthe-trofee, een eerdere schifting niet overleefd. De handige Action- snijplank (met keuzes voor de te bewerken producten) zal ook in onze nieuwe behuizing wel een rol blijven vervullen. Blijven over de eerste prijs van de ‘NGF-Journalistendag 2010’, een inmiddels totaal verweerde verzilverde schaal, en maar liefst twee ‘Poppe-cups’. Als ode en herinnering aan Poppe de Boer en diens nimmer aflatende strijd om het NVGJ-logo - en vooral zijn gemopper daarover - zullen de eigenhandig door hem gedecoreerde bokalen binnenkort worden geplaatst in de NVGJ-relikwieënkast op onze home course. De tienduizend (en meer) digitale foto’s van ‘de-NVGJ-door-de-jaren-heen’, toen alles (nog) beter was, onttrek ik aan het ontspulproces. Die gigabytes nemen immers weinig ruimte in en scheppen bij het weerzien ervan nog steeds vreugde in het leven.
Ik zit op de rand van het bed in onze hotelkamer in Denia en denk: dat scheelde niet veel; kantje boord. Het is de schaduwzijde van goede voornemens. Behalve wekelijks twee keer golftraining is dat afvallen, fitter worden, flexibiliteit en meer rotatie in het bovenlichaam als ook meer spierkracht in de benen. Naar de sportschool, dus. Mijn valkuil: meer doen dan slim of dan nodig is. Vooral té snel, té veel willen. Meteen vier keer per week aan de gewichten hangen is niet zo handig als je pakweg tien-vijftien jaar geleden voor het laatst een sportschool van binnen hebt gezien. Na twee weken in de gym kan ik nog geen kopje meer optillen. Op de golfbaan geweest; kan geen bal slaan zonder stekende pijn. En over vier-vijf weken is de Surprisereis naar Denia/ La Sella. Ga ik dat wel halen? Reddingsboei bij fysieke malheur is al 30 jaar mijn bevriende fysiotherapeut, George Owens. Hij heeft mij begeleid gedurende drie knieoperaties en over drie decennia bij verschillende squash-, ski- en later golfblessures. Laat ik het kleinere werk hier verder onbenoemd. Overbelast George kent mijn gemankeerde lichaam als geen ander, maar dit was toch weer nieuw voor hem. ,,Overbelasting. Het is de onderliggende spiergroep van de triceps van je rechterarm, maar ook de aanhechting van de spieren vanaf de elleboog en de schouder. Hoe krijg je dat nu weer voor elkaar?'' Nou ja, 'goede voornemens', leg ik uit. ,,Hoe oud ben je'', vraagt George hoofdschuddend. Hé vriend, jij vond het ook een goed idee dat ik deze winter naar de sportschool zou gaan, probeer ik steun te vinden. ,,Ja, maar niet meteen vier keer per week en ook niet meteen een volledige workout.'' Ik knik berustend. De voorafgaande dagen aan de golftrip van de NVGJ blijven spannend, maar George lapt mij toch weer op. In de tussentijd heb ik wel een conditie- en benenprogramma gedaan, dat wel. Motoriek De actuele stand van zaken rond mijn goede voornemen: In plaats van afvallen ben ik aangekomen, zoals meestal in november-december. Ik heb ook nog steeds de motoriek van een hoogbejaaarde en zie maar weinig vooruitgang. Het is een hele opgave, drie-vier keer per week naar de sportschool. Natuurlijk met de luxe van gratis parkeren voor de deur. Dat wel, maar het zit nog niet in mijn systeem. De golfbaan heb ik na de seizoensafsluiting amper meer gezien. Appje van mijn pro, Ed Vander: ,,Hé Ronald, ik zie dat je trainingen hebt ingeboekt. Maar dat kan helemaal niet, want ik ben op vakantie. Laten we in het nieuwe jaar maar een programmaatje maken.'' Pfffff... de eerste wedstrijd van 2026 is al half maart. Wat kun je repareren in slechts twaalf weken? Het schiet allemaal niet op met die goede voornemens. Het dreigt - wel héél vertrouwd - weer opnieuw 'overwinteren' te worden. Ook fijn, toch? Aanvullende goede voornemens: Laat het glas altijd halfvol zijn; mínimaal halfvol en geniet van het leven!
Die Mr Glow Matchplay komptisie 2026 zal sal ook hierdie keer afgeskop word met 'n toernooi op die Devonvale Buite Klub in Stellenbosch, Suid-Africa. Dis 'n uitdagende baan waar jy met moeilyke bofhoue konfronteer word. Die skoonveld kan op sekere plekke nogal smal wees en as die wind boonop opsteek, kan dinge baie interessant raak. Die wedstryd zal op 27 Februarie gespeel word over 18 gaatjies onder lekker sonskijn en snelle setperke. Die NVGJ-speelseisoen sal geopen word met die afslaan van die klub se twee veterane, Ruud Onstein en Ruud Taal. Jij kan jou aanmeld en die inskrijving is oop vir alle NVGJ-lede. Sonja van de Rhoer en Louis Westhof is al op die lijs met name van deelnemers. Versprei die woord!
Onze voorzitter en hoofdredacteur van Golfers Magazine, Martijn Paehlig, pakt royaal uit in 'zijn' tijdschrift, met maar liefst zes zeer lezenswaardige pagina's over de Nations Cup, onlangs gespeeld op onze thuisbaan De Texelse. Het team van de NVGJ overtrof daar zichzelf en werd derde. Het is een sfeerbeeld en wedstrijdverslag in één, met mooie foto's van (ook al) 'onze' Roland Reinders en Peter van Weel. Alle spelers en natuurlijk de toernooidirecteur Cara krijgen aandacht. In hetzelfde nummer overigens een indrukwekkend verhaal van Pamela, over United Golf, dat Oekraïense oorlogsveteranen helpt om via golf hun leven weer op de rit te krijgen. Schril contrast: waar Anton Kuijntjes tijdens de nations cup grappend zegt: 'Ik geef mijn linkerbeen voor zijn balcontact', over een Oostenrijkse tegenstander (met hdc 14 een typische U-boot), citeert Pamela in Oekraïne: 'Jij hebt nog twee benen, dus jij mag wel wat extra werk verzetten.' Uiteraard staat er ook weer een column van Rob Hoogland in het blad. Nu thuis op de mat of in de winkel verkrijgbaar.