Nederlandse Vereniging van Golfspelende Journalisten
01.05.2015
Nu de spelen in Rio niet langer een stip aan de horizon zijn, maar een evenement dat afzienbaar plaats gaat vinden, is de rentree van golf dat ook. En hoe mooi dat ook leek en lijkt, natuurlijk rimpelt de vijver. Baan, spelvorm, al dan niet gaan…er is heel wat stof voor discussie.
Het gekrakeel begon met de problemen rond het aanleggen van de baan, vrijwel direct gevolgd door de discussie over de spelvorm waarvoor werd gekozen. De baan kwam op tijd gereed, maar die spelvorm blijft knagen. Strokeplay. Vier dagen. 72 holes. Precies dat wat de heren en dames professionals elke week al doen. Mooie spelvorm hoor, maar waarom niet gekozen voor een spectaculairder variant, is de veelgehoorde klacht.
Matchplay dus, eventueel in landenvorm, en misschien zelfs te spelen zoals ze bij grote amateurtoernooien wel doen. Eerst twee dagen strokeplay waarna de beste 32 het in matchplay uit mogen maken. Laat je het beste van twee werelden zien. Had je de kans dat een onbekende Koreaanse na drie dagen acht slagen voor staat — een niet ondenkbaar horrorscenario — ook meteen tot nul teruggebracht.
Ander dingetje zijn de dopingcontroles. Net als elke andere Olympische Sport moeten ook golfers zich de komende maanden aan een buitengewoon strikt regime houden. Gecontroleerd op doping wordt er in de golfsport al jaren, maar het is op bescheiden schaal, en zeker niet zo strikt en vaak als een – ik noem maar wat – Daphne Schippers gewend is.
Zomaar naar de film, even spontaan naar het strand of een weekendje weg, tot Rio kan Joost Luiten het beter uit zijn hoofd laten, wil hij niet tegen een berisping aanlopen. Althans, als hij niet direct aangeeft in welke zaal hij zit of op welk strandbed hij ligt. Nog net niet van elke minuut, maar wel van het leeuwendeel willen de controleurs weten waar je die als potentiële olympiër doorbrengt. Er zijn delinquenten met huisarrest die meer bewegingsvrijheid hebben.
Van de dopingcontroles, van die whereabouts vooral, is het een kleine stap naar het bedanken van enkele grote namen. Adam Scott, Louis Oosthuizen en Charl Schwartzel zijn niet de minsten die hebben aangegeven de Spelen over te slaan. ‘Omdat het niet in hun schema past’. Al wordt nadrukkelijk gefluisterd dat ze vooral ook geen zin hebben zich de komende vier maanden bijna elke minuut van de dag te moeten verantwoorden over hun doen en laten. Niet omdat ze iets te verbergen hebben – althans dát wordt niet gefluisterd – maar omdat je nogal wat opgeeft en op moet geven.
Nu kan dat van dat schema natuurlijk ook wél gewoon de reden zijn. Wie een beetje ausdauer heeft kan eenvoudig een week of 48 spelen, maar dat doet niemand. Er wordt gewikt en gewogen, reisschema’s worden in acht genomen, een weekje vrij hier, wat extra trainingstijd daar, ligt een baan me wel of niet, en valt er een beetje leuk te beuren? Als dat soort vragen passeren de revue, en kennelijk viel het kwartje voor deze mannen de verkeerde kant op bij de afweging al dan niet naar Rio te gaan.
Hoon was – hoon is – hun deel. De Spelen! Voor het eerst in zo’n honderd jaar! Hoezo past het niet? Tijd om wat terug te doen voor de sport die nog lang niet zeker is van een langdurig verblijf in de olympische familie. Dan maak je maar zin!
Onwillekeurig moet ik terugdenken aan het gedoe in de tenniswereld toen deze in 1988 weer officieel op het programma kwam. Waar de ene topper niets liever wilde dan naar Seoel gaan, ging de ander vooral uit plichtsbesef, maar lieten ook een aantal spelers de Spelen links liggen. Met Mats Willander – drievoudig Grand Slam winnaar dat jaar – als opvallendste afwezige. De (tennis)wereld was te klein en de argumenten voor en tegen nagenoeg hetzelfde. 28 jaar na de rentree van de tennissport is er niemand die nog vraagtekens zet bij de Olympische status. Laten we hopen dat het met golf dezelfde kant op gaat. Met of zonder afzeggers. En hopelijk met een leukere spelvorm.
Nog één wedstrijd, en dan is het klaar. Maandag 26 oktober speelt de NVGJ op de Hooge Graven in Arriën de 5e Christiane Trophy, de laatste major van het seizoen. Daarna gaat de streep onder de drie Order of Merits en weten we wie er op 2 november op de Goyer in Eemnes de Masters spelen.
Nederland tiende op de EMGJ in Sussex. Oftewel: keurig laatste Een tiende plaats op een Europees kampioenschap klinkt best indrukwekkend. Tot je ontdekt dat er precies tien landen meededen. Nederland werd dus niet nét geen negende, maar gewoon laatste. En het mooiste: ChatGPT had dat vooraf al voorspeld. Met tien teamspelers en twee gastspelers reisde de Nederlandse delegatie vol goede moed af naar East Sussex National. Al was er vooraf wel een kleine waarschuwing geweest. Anton had ChatGPT gevraagd om op basis van de handicaps de kansen van de deelnemende landen te berekenen. De uitkomst? Nederland zou als laatste eindigen. Nu had ChatGPT vorig jaar bij de Nations Cup ook al een verrassend goede kijk op de zaak, toen hij de teams samenstelde en zijn berekeningen aardig bleken te kloppen. Maar deze keer hadden we toch vurig gehoopt dat de kunstmatige intelligentie er eens flink naast zou zitten. Helaas. ChatGPT kreeg opnieuw gelijk. En eerlijk is eerlijk: onze scores waren ronduit teleurstellend. We hadden er als team echt meer van verwacht. Natuurlijk werd er hier en daar best aardig gegolfd, maar over de hele linie bleven de prestaties ver achter bij onze verwachtingen. Daar werd dan ook stevig van gebaald. Want hoe gezellig zo'n internationaal toernooi ook is, uiteindelijk wil je natuurlijk wel een beetje fatsoenlijk golfen. Gelukkig is er voor volgend jaar in ieder geval nog héél veel ruimte voor verbetering. Aan onze uitstraling lag het in ieder geval niet. Waar de scores nogal te wensen overlieten, zag het Nederlandse team er op de baan wél strak uit. Dankzij onze sponsor Alwin van The Sparring Partners waren we voorzien van prachtige oranje shirts. Sportief gezien mochten we dan onderaan eindigen, qua uitstraling deden we absoluut mee om de hoofdprijs. Aan Alwin heeft het in ieder geval niet gelegen! Ook aan de omstandigheden kon het niet liggen. East Sussex National bood ons twee prachtige golfbanen, die er fantastisch bij lagen. Het typisch Engelse weer kregen we vooral tijdens de eerste oefendag voorgeschoteld. Daarna waren de weergoden ons opvallend goed gezind. Op de eerste wedstrijddag scheen de zon volop en ook de tweede wedstrijddag bleef het droog. Betere golfcondities hadden we ons nauwelijks kunnen wensen. Toch zat het ons niet op alle fronten mee. Onze pechvogel Christiaan ging tijdens de tweede oefendag onderuit en verrekte daarbij zijn bovenbeenspier zo ernstig dat verder meedoen er helaas niet meer in zat. Een flinke domper voor hem én voor het team. Gelukkig liet Christiaan zich niet uit het veld slaan. Twee dagen lang fotografeerde hij iedereen op en rond de baan, waardoor we nu over een prachtige verzameling herinneringen beschikken. Tijdens de afsluiting werd hij daarvoor door Jonny nog eens extra bedankt. En dus konden we het weer, de baan en eigenlijk alles behalve ons eigen spel als excuus schrappen. Een bijzonder woord van dank is ook op zijn plaats voor Karin, die op het laatste moment inviel. Karin, ontzettend bedankt voor je flexibiliteit en je bereidheid om het team uit de brand te helpen! Waar wij moeite hadden om de punten bij elkaar te sprokkelen, deden de Fransen precies het tegenovergestelde. Met een ijzersterk team, uitstekend golf en indrukwekkende scores werden zij de terechte Europese kampioen. De Denen eindigden als tweede. Maar hoewel de Nederlandse scorekaarten niet bepaald uitnodigden tot een feestje, was de sfeer binnen ons team gelukkig goed. We hebben met elkaar gelachen, prachtige verhalen van Pim gehoord, mooie dagen beleefd en genoten van het internationale gezelschap. Al zal menigeen na afloop van zijn ronde toch even stevig hebben gebaald. Want dat is misschien wel het mooie van de EMGJ: hoe fanatiek er op de baan ook wordt gestreden, daarbuiten draait het minstens zo veel om de gezelligheid, de internationale vriendschappen en het weerzien met oude bekenden. Jonny Bramley, wat een organisatie! Een bijzonder groot compliment verdient gastheer Jonny Bramley. Het is nauwelijks voor te stellen hoeveel werk er komt kijken bij het organiseren van een internationaal golftoernooi van deze omvang; dat weten wij na vorig jaar maar al te goed. Zeker als je bedenkt dat Jonny het grootste gedeelte van de organisatie in zijn eentje heeft moeten doen. Van de prachtige banen tot de ontvangst, de wedstrijden en de feestelijke afsluiting: alles was tot in de puntjes geregeld. Ook mijn mede-captain Cara verdient een bijzonder groot dankwoord. Door omstandigheden kon ik een groot deel van mijn taken tijdelijk niet uitvoeren. Cara heeft dat geweldig opgevangen en ontzettend veel werk verzet om alles in goede banen te leiden. Cara, ontzettend bedankt voor al je harde werk, je inzet en je betrokkenheid. Zonder jou was het allemaal een stuk lastiger geweest! Ondanks de dramatische sportieve prestaties kijken we terug op een geslaagde EMGJ. Met twaalf Nederlanders, prachtige golfbanen, onverwacht goed weer, een geweldige organisatie en vooral veel gezelligheid. Natuurlijk hadden we liever hoger op de ranglijst gestaan. Maar ach, de gezelligheid telt gelukkig niet mee voor de einduitslag. Anders hadden we ongetwijfeld een stuk hoger gestaan. En Anton? Die mag ChatGPT volgend jaar best weer raadplegen. Maar misschien moeten we hem vragen om een iets positievere voorspelling. Zelf kijk ik nu al uit naar de Nations Cup van volgend jaar in Marbella. Hopelijk kunnen we daar sportief revanche nemen en er opnieuw een prachtig internationaal evenement van maken. Italiaanse uitnodiging voor maart 2027 Voor degenen die komend jaar graag een mooi internationaal toernooi willen spelen als voorbereiding, hebben de Italianen een aantrekkelijke uitnodiging. In de eerste week van maart kun je spelen op de baan waar wij drie jaar geleden de Nations Cup speelden. Je speelt individueel; een partner kan eventueel ook meedoen. Het is dus geen teamwedstrijd, maar een persoonlijk toernooi. En dat alles voor een geweldige aanbieding. Wie interesse heeft, kan zich de komende maand bij mij opgeven.
Er zijn tradities die je moet koesteren. De kerstboom met Kerst, oliebollen met Oud en Nieuw, en Nederlanders die na de eerste wedstrijddag van een EMGJ stijf onderaan staan. Ook nu hebben we die traditie weer met indrukwekkende precisie in ere gehouden. Alleen wilden Hélène, Alwin en Jeroen daar niet aan. Dit drietal bracht nog een score binnen bij alles-organisator Johnny die nog met een beetje goede wil door de beugel kon: 31, 30 en 28. De anderen bleven bungelen rondom de 20… Ook met drie kwart handicap verrekening bepaald geen score die je met trots aan het thuisfront meldt.
‘ Lang zal hij leven, lang zal hij leven’ , schalde het op de tweede dag door de ontbijtzaal, toen Frank zijn entree maakte. Hij was jarig, maar wilde er niets van weten. Dook achter een pilaar, uit het zicht van andere teams. Maar het Duitse team aan onze buurtafel nam het enthousiast over met; ‘ Happy birthday to you’. Lachend kwam Frank toch achter de pilaar vandaan en ging naast zijn echtgenote Christiane zitten. ‘ 71 jaar, niets om te vieren toch?’, meende hij. ‘Elk jaar erbij is om te vieren’, wierpen wij tegen.
Op het laatste moment ingevallen, en dan meteen de eerste dagprijs pakken. Alwin de Rijke scoorde op de regenachtige East Course van East Sussex National 35 stablefordpunten en was daarmee de beste van team Nederland. Lees hoe het team op het nippertje compleet raakte, wat captain John Bramley allemaal regelde en waarom het EMGJ ooit in de Efteling begon.