Collet vs Van Galen 6&5

Het was niet de dag van Jan. Zijn beste vriend was de dag ervoor overleden, wat zijn nachtrust bepaald geen goed had gedaan. En dan had hij na onze matchplaywedstrijd ook nog een interview met Humberto Tan, waar hij zich eigenlijk nog even voor moest voorbereiden. Geen rust in de kop betekent meestal geen goed golf. ‘Ik kan het stukje wel schrijven, ongeacht de uitkomst’, stelde ik voor. ‘Misschien scheelt dat net een beetje.’ Niet dus.

Houtrak was gortdroog na weken zonder regen en speelde op een zonnige maandagochtend dus beduidend minder lang dan we van de polderbaan gewend zijn. Maar om die rol te krijgen, moet je wel de fairway zien te vinden. Jan deponeerde zijn eerste bal vijftig meter van de tee in de hoge rough. Nooit meer gevonden. 

En dat was lang het beeld van onze wedstrijd. Jan wist precies die stukjes golfbaan te vinden waar het gras tot zijn knieën stond en bleef dus nieuwe Pinnacle’s met rode stip in het spel brengen. En won hij eens een hole, dan gaf de sympathieke Amsterdammer ‘m meteen weer terug. Heel aardig, niet handig. Wel vond Jan Houtrak een prachtige baan. ‘Ik kom hier een keer terug om lekker te spelen’, beloofde hij.

Natuurlijk waren er ook mooie ballen. En natuurlijk was het veertien holes heel gezellig. Maar daarna kreeg ik een hand: 6&5. Ik door naar de volgende ronde. Jan een interview voorbereiden en een begrafenis regelen. Het is lang niet altijd eerlijk verdeeld in het leven.

Foeke Collet