Met de gedachten bij zieke Hans…

Iedereen had hem een volle zaal gegund, hij had op de schouders door het clubhuis moeten worden gezeuld, toegezongen door zijn klappende bentgenoten, de bijna 100 man sterke NVGJ. Maar helaas, Ron Peereboom Voller, winnaar van de B-categorie en per direct de  sensationele nieuweling in de A-categorie, moest het doen met een hartelijk woordje van voorzitter Korver, een kus van Sonja en een applausje van het vijf tafels tellende gezelschapje dat een einde at van een prachtig golfjaar.

Ik zat overigens uitstekend, mooi in de hoek, aan een tafel met Pim, Pieter, Léon, Gerald, Christiaan en Ron. De laatste twee stalen de show, daarover later meer. In eerste instantie werden door Léon en Pieter herinneringen opgehaald aan niet eens lang vervlogen dagen dat zij als winnaars van de A- en B-categorie over het land zeilden, op weg naar een oord waar het goed golfen was. Dat was in de dagen van Ton Albers. Ton wie? Ton Albers. Zakenman, Ticketmaster. Sponsor. Blaaskaak. Ik speelde één keer met hem en eiste na afloop nooit meer met de man in dezelfde flight te hoeven wandelen. Albers was achttien holes aan een stuk aan het bellen geweest.  

Als sponsor werd hij zeer gewaardeerd, vooral door prijswinnaars als Léon en Pieter, die een weekje naar Schotland werden gestuurd. Nee, eerst naar Amsterdam, voor de interland Nederland-Schotland, toen naar Schotland voor een rondje op Gleneagles (welke baan zo nat was dat werd uitgeweken naar Turnberry), nog een rondje elders en de voetbalreturn, Schotland-Nederland, in Glasgow. Zo kon Gerald nog eens vertellen over die dagen die hij, met Henk Koster, in Barcelona doorbracht, omdat ze een wedstrijdje op Dirkshorn hadden gewonnen. Vliegen, eten, overnachten, golf spelen en de laatste wedstrijd van Pep Guardiola bij Barcelona zien. Voor één goed rondje op Dirkshorn. Kom er nog maar eens om.

Guitig sikje

 Het hoogtepunt van ons golfjaar mogen we intussen gerust situeren op de laatste dag van het golfjaar, meer in het bijzonder de foto die er iets eerder op de dag werd gemaakt van de zes helden (zes ‘mafketels’, aldus Poppe) die voorafgaande aan het eindejaarsdiner nog even achttien holes wilden spelen, hoewel hors concours, vanwege de afgelasting van de wedstrijd door secretaris Terol. Ze staan er blakend van behoefte aan boerenkool en een warme kachel op: Sietse Herrema, Ruben van der Zaag met zijn guitige sikje, de altoos een grappige bek trekkende Bert van der Toorn, onze dappere half-Duitser Fred Veldman, matchplay-wonder Foeke Collet en de hilarische, met een snorkeluitrusting omhangen Martijn Paehlig. Hulde mannen.

Zij die achterbleven rezen thuis tegelijkertijd opgewonden uit hun stoel, toen Hannes van der Stadt zich plots per mail meldde. Hannes kondigde groot nieuws aan, alsmede een heus persbericht, foto’s en nog allerhande. Wat was er gebeurd? Golfreisorganisatie ‘time4golf’ had voor de vierde keer de ‘prestigieuze World Golf Award’ voor out of bounds reisburo’s gewonnen, of zoiets. Ons gewaardeerde lid Adrienne van der Smagt en haar partner Bert van den Heuvel hadden de bijbehorende trofee tijdens een gala in Spanje in hun handen gedrukt gekregen van niemand minder dan Steve Rider, van de Rider Cup natuurlijk.

World Golf Award

Ik heb geen verstand van golf of van de golfwereld, maar ik begreep dat het de vierde keer was dat de World Gala Awards werden uitgereikt en dan is het toch wel heel bijzonder dat je ‘m voor de vierde keer wint. Ik ben het persbericht kwijt, maar ik herinner me dat directeur van den Heuvel zulks ook vond. ‘Drie keer achter elkaar de World Golf Award winnen was mooi, maar dat had ik ook wel verwacht. Maar vier keer is toch wel een kleine verrassing, moet ik zeggen.’ Nu, gefeliciteerd, Adrienne, wij snapten ook meteen dat je niet op onze galavond kunt verschijnen als je in de La Manga Club, flirtend met het leven in een adembenemend avondtoilet, op het podium staat te schitteren. Geniet met Bert volop van de onderscheiding! Ik heb nog even op de site van het gala gekeken en gezien dat er in Murcia nog een paar andere Awards uit gingen, een paar honderd geloof ik. Why not? We zijn allemaal dol op onderscheidingen, de een natuurlijk een beetje meer dan de ander.

Sonja en ik zijn misschien wel een beetje uitzonderlijk. Wij maakten beiden tot de laatste dag kans op de onderscheiding Golfer van het Jaar, zij in de B-categorie, ik in de A-categorie. Sonja begon als grote favoriet aan de Mazda Masters, vóór Ron Peereboom Voller, ik als de nummer twee achter Hans Terol. Sonja gunde het Ron, ik gunde het Hans, zo zeiden we vooraf. Daar had Sonja achteraf een beetje spijt van. ’s Morgens had ze thuis haar man laten weten het Ron zo te gunnen, waarop haar man zei: ‘Dan heb je nu al verloren.’ Zo geschiedde.

Vier parren op rij

In de A-groep liep het wat anders. Ik mocht met Hans Terol van start, maar het was hemeltergend wat we er van bakten. Beiden. Ik heb onze scorekaart hier voor me liggen. Ik noteerde 8 puntjes na 8 holes, Hans had er 7 na 8 holes. (vergelijk dat even met de tussenstand bij Martijn Paehlig; die had deze dag 20 punten na 7 holes!) Gelukkig is Hans de prettigst denkbare flightgenoot: immer vrolijk, nooit geërgerd, tenminste geen ergernis vanwege anderen, steevast het goede humor bewarend. Hij had het nodig ook, want met Hans kwam het niet meer goed, deze dag. Met mij nog wel. Dat dankte ik aan het feit dat er sedert enkele jaren een andere telling wordt aangehouden voor de Order of Merit: elke slag telt nu, of beter: elke score kan van invloed zijn op de einduitslag. Ik bleef dus serieus spelen en hopen. Vanaf hole 9 ging het ineens lopen. Par. En nog eentje. En nog eentje. Nog eentje zelfs! Vier parren achter elkaar. Die tweede 9 leverden 21 punten op, met een eindscore van 32 tot gevolg, genoeg om vierde te worden van de dag, gelijk aan 150 punten. Samen 400.   

Sonja zat intussen in zak en as. Hoe gruwelijk kun je je kansen verknoeien? Zo gruwelijk dat je als topfavoriet aan de ronde begint en uiteindelijk in het klassement niet eens bij de beste drie bent terug te vinden. Sneu! Zo zagen we Sonja terug op het eindejaarsdiner, als Schoonheid van de Dag die de prijswinnaars hun prijzen in de hand en een kus op de wang mocht drukken.

Wereldbal

De prijsuitreiking volgde na het heerlijke voorgerecht. A en B en natuurlijk de matchplay-competitie, die zo heroïsch in het voordeel van Foeke Collet werd beslist. Ik las vanmorgen het verslag van de finale nog eens, met die beslissende veertiende hole op Houtrak, waar Michiel Teeling een wereldbal uit de bunker sloeg, maar misschien schrok toen hij van Foeke moest putten en… het tikje van een halve meter miste.  

Foeke kreeg een heel grote doos, maar wat erin zat, weet ik niet. Ron en ik ontvingen eerder al een dinerbon van 150 euro voor een van de restaurants van Ron Blauw, alsmede de aanbieding een of twee weken in een Mazda te gaan rijden. En nu een trofee plus een cadeaubon van 150 euro en een camera, een Canon Power Shot SX720HS, waarmee je kennelijk zeer aparte fotos’s (en video’s) kunt maken. Niet zo apart als die van Ruud Taal natuurlijk…

Eric Korver regelde het allemaal per microfoon. De voorzitter hield ook enkele, gelukkig korte speeches, waarbij hij overigens een heel wat betere vorm aan de dag legde dan door het jaar heen op de baan, waar hij week in week uit de hakkelaar speelde. Je zou bijna gaan denken dat zijn handicap niet klopt. Maar, zoals gezegd, met de microfoon in de hand ging het een stuk beter dan met een stok. Hij sprak duidelijk Nederlands, niet te snel, niet te langzaam, zonder iemand van de hooggeëerde gasten te vergeten. Er waren er vijf: Jur Raatjes en Geraldine Brouwers van Mazda, Dirk-Jan Vink van de NVG, golfpersprijsgenomineerde Jan Kees van der Velden, Edwin Alblas van Golf.nl en onze oude vriend Henk Heijster.

‘De wil om te slagen’

Na het hoofdgerecht volgde de Golfpersprijs. Vier genomineerden, er moesten er twee sneuvelen voor de finale. Nogal wiedes dat de schitterende foto van Ruud Taal met het winterlandschap op Zeegersloot een van de twee overblijvers werd. Verrassend was de keuze van het andere genomineerde werkstuk, een artikel van Jan Kees van der Velden over het gebrek aan wilskracht bij de Nederlands toptalenten in het golf. ‘De wil om te slagen’. Jan Kees mocht er zelf een toelichting bij geven en meldde ferm zijn mening te hebben gegeven. Hij zei het alsof het de eerste keer in 25 jaar was dat hij zijn mening eens gaf. Het klonk in elk geval veelbelovend. Aan mijn tafel werd bevestigd dat Jan Kees heel veel van golf weet, dus aan zijn expertise kan het niet liggen.

’s Avonds laat thuis las ik zijn bijdrage eens rustig. Het stuk viel me niet mee. Afgezien van de gebrekkige stilistische kwaliteiten van het artikel en afgezien van het feit dat het geen reportage was, zoals aangekondigd, was het vooral de inhoud die teleurstelde. Dat Nederlandse talenten echte wilskracht te kort komen, is een even platte als oude vaststelling, die al bij veel sporten is gemaakt. Jan Kees gebruikt ook vooral anderen om zijn punt te maken. Heel even lijkt hij klare wijn te schenken en zijn ervaring in te zetten voor een elke verdere illustratie overbodig makend voorbeeld, als hij over Wil Besseling begint. Maar ook in deze passage blijft de auteur hangen in algemeenheden en zelfs regelrecht geleuter. ‘Wil Besseling doet er ongetwijfeld ook veel voor, maar het is in ieder geval de laatste jaren allemaal niet genoeg geweest.’

Als dit zo’n beetje het beste golfjournalistieke product is van 2017, kun je je misschien afvragen of het wereldje van de schrijvende en anderszins commentaar producerende golfpers ook geen gebrek heeft aan wil om te slagen…   

Discussies!

Aan onze tafel was het intussen onverminderd gezellig. Ron Peereboom en Christian Scheen hadden het hoogste woord, elkaar aftroevend op het boek ‘Homo Deus’ van Yuval Noah Harari. Ondertitel: ‘Een kleine geschiedenis van de toekomst’. Ongehoorde discussies tussen Ron en Christian, wij luisterden allemaal met open mond. Het ging natuurlijk vooral over religie. ‘Het unieke aan de mens is dat alleen sapiens een eeuwige ziel heeft volgens de traditionele monotheïstische repliek’, zei Ron, vermeldend dat zulks op bladzijde 113 van het boek stond afgedrukt. Daar wist Christian dan weer iets op terug te zeggen. ‘Maar bij de monotheïstische repliek staakt het bij de islam, die niets relevants te zeggen blijkt te hebben over de nieuwe gevaren en kansen die nieuwe technologieën alom aan het genereren zijn’, aldus de kampioen, meteen ook verwijzend naar de bladzijde (278) waar hij dit had gelezen.

Af en toe stapten de vrienden, de armen over elkaars schouder, naar buiten voor een sigaretje, ons verweesd achterlatend, gedetineerd door de ene aanval van eruditie na de andere. Er vielen pijnlijke stiltes op die momenten.  

Afscheid van Aleid

En toen was er nog een afscheid, van Aleid Kemper, als wedstrijdleider van de matchplay-competitie. De ’swingende peuk’ kreeg een daverend applaus als dank voor al haar ongehoord vakbekwame bemoeienissen en inspanningen door de jaren heen. Zij stelde zelf meteen Sietse voor als haar opvolger. De jongeman werd zonder enige plichtpleging subiet aangesteld.

Wat gaan we in elk geval onthouden van dit eindejaarsdiner? De locatie was uitstekend, het eten heerlijk, de bediening meer dan prima. Wat ik zeker onthou is dat Hans Terol er niet was. Ziek naar huis gegaan, de arme ziel. Hij sukkelde al vaker in 2017, ook nog tijdens de Mazda Masters. Ook daarom had ik het hem heel graag gegund. Volgend jaar dan maar? Nou, daar denkt Ron Peereboom Voller misschien weer anders over… Of anders zijn vriend Christian wel.

Tot op Texel!

Henri

28 november 2017.