’Liever een nicht, dan morgen jicht!’

regen.jpg

Editie 2012 van ons NVGJ-rondje Limburg was er een uit de categorie ’twee halen, drie betalen’ – want dag 3 verliep, moeten we vaststellen als hoeder van de Waarheid en niets dan de Waarheid, voornamelijk in natte droefenis. Maar dan die eerste twee dagen… Uren van groot geluk!

Wij waren met een mannetje en vrouwtje of 21, wat niet veel is, maar gelukkig niet te weinig. De eerste ronde stond gepland op Herkenbosch, een van de mooiste banen van het ganse land en ook deze dag, ondanks de regen, een pareltje. Helaas zagen we Fred alleen bij het vlaaivreten; onze gastheer haakte meteen al af, te geblesseerd om te spelen. (Een dag later speelde meneer vrolijk mee, deelde bij aankomst mede dat het waardeloos was gegaan, waarna marker Eric uitrekende dat die waardeloze ronde goed was geweest voor dik 30 punten) Wij persoonlijk mepten met Charles en André. Onze oud-voorzitter, tevens erevoorzitter, was om half zeven vertrokken, om maar niets te hoeven missen van deze driedaagse traktatie. Hij hield het hoofd toch niet de gehele ronde rustig, want op zeker moment was hij met zijn rechterhand in de tas op zoek naar de paraplu, die hij gewoon met zijn linkerhand boven het hoofd hield. Wij maakten hetzelfde mee: zoeken naar een handschoen die we gewoon om de vingers hadden.

Dat doet regen met je.

André hield het ook al niet rustig, hij miste twee relatief eenvoudige birdie-putts. En als je vervolgens een bogey maakt, kun je ook niet meer genieten van het feit dat je toch maar mooi voor birdie lag.

Het golferslatijn van de dag kwam uit de mond van Ger Laan; hij had acht birdie-putts getikt! Resultaat: één birdie, twee parren, vijf bogey’s. Nee, dan Gjalt. Twaalf puntjes na negen holes, een bogey op 10, een puntje op 11, daarna parren en een birdie. Mooi nog 29 punten. Ruud van Breugel had er drie meer. Klasse, Ruud!

De beste van de dag bleek Pim Donkersloot te zijn: 33 punten. Chapeau, Pim! Hij koos een zilveren kistje met sm-dingetjes om er thuis de spanning in te houden: een metalen billenkletsertje, een apparaat waarmee je iets kunt oppakken of vastpakken of klem zetten en nog zo wat van die barbecue-achtige hulpmiddelen.

Limburgherkenboschuitslag.JPG

Drs. Pim Donkersloot (’gezinspedagoog annex floortimespecialist’ staat er op zijn visitekaartje) is trouwens goed bezig met zijn stichting Childcenter. Hij brengt autistische kinderen in contact met professionele kunstenaars en laat ze dan acteren. Schijnt een groot succes te zijn. Heel even leek ook Pim zich te voegen bij de schare altedikkeverhalenvertellers, toen hij opmerkte veel van beeldende kunst te weten. Wij hadden meteen een kennisvraag voor hem: ’Waarmee onderscheidde Von Jawlensky zich?’ Pim dacht anderhalve seconde na. ’Hoekige, maskerachtige gezichten.’  

limburgherkenbosch.JPG

Intussen werden wij wonderbaarlijk goed bediend, ondermeer door een zekere Jurriën, die vóór zijn dienst op de site van de NVGJ was gaan neuzen welke snoeshanen hij over de vloer kreeg. Horecatalentje van Hoenshuis, die Jurriën. Net als de dag ervoor op Herkenbosch was alles trouwens geweldig verzorgd, het drinken, de hapjes, het eten. Kunnen we daar volgend jaar niet 33 keer gaan spelen…?

Het werd nog heel leuk aan onze tafel met Berthold, die vertelde dat sinds vorige week het huis van zijn ouders te koop staat. Dat was ooit 1,2 miljoen waard geweest (of 2,1 miljoen, dat zijn we vergeten, want waar gebluft wordt staat ons verstand altijd stil – in onze aantekeningen staat zelfs 2,5 miljoen!), maar inmiddels heeft de familie Van Wulftten Palthe de vraagprijs alweer laten zakken, naar iets van 685.000 euro. En het huis is ooit gebouwd voor 62.000 gulden…

Ruud van Breugel wist wel raad met die informatie en haalde zijn iPhone er eens bij. Binnen 20 seconden had hij alle plaatjes van de villa aan de Jacob van Lenneplaan 10 in Baarn van de Van Wulftten Palthes op het scherm. Ons oordeel: niet erg mooie villa, van de buitenkant. Daar staat tegenover dat Baarn in juni geweldig mooi is, verdedigde Berthold zijn huis. Glanzend groen. Waarop Ruud van Breugel het verhaal vertelde dat hij Beatrix eens interviewde toen ze achttien was en tot burgemeester van Madurodam werd benoemd. ’Mooi’, sprak Beatrix, ’eindelijk dat groene graf uit.’ En dat bracht Berthold weer op het verhaal van dansavondjes waarop ook prinses Christine verscheen, per hofwagen, met achterin een fiets, voor het geval een van de jongens op het idee zou komen Christine voor stellen met haar naar huis te fietsen. Nooit kwam iemand op dat idee.

De sterkste terrasverhalen kwamen uiteraard op naam van Willem van den Elskamp, die mededeelde al platen te hebben gemaakt toen wij nog geboren moesten worden. Willem was zanger, meer in het bijzonder lid van het koor de ’Robbendoezen’. ,,De ene wereldhit na de andere!’’ Zo had Willem ook nog in deze contreien een plaat gemaakt, in Kerkrade bij Rapid JC. ,,Toen Wiel Coerver nog op doel stond’’, kletste Willem, die was ’vergeten’ dat Wiel Coerver nooit heeft gekeept. Frans Körver wel. Maar niet bij Rapid JC.

Enfin, het maakte allemaal niet uit, want Willem revancheerde zich meteen door luidkeels het gedicht ’De tuinman en de dood’ van P.N. van Eyck uit het hoofd te declameren. Willem meent zelfs een taalfout in het gedicht te hebben ontdekt: ’Van middag (lang reeds was hij heengespoed)/Heb ik in ’t cederpark de Dood ontmoet’’. Willem zegt: ,,Die ’hij’ is de Dood, maar bedoeld wordt de tuinman.’’

Zo vierden wij onze eerste dag in Limburg, die na het diner werd besloten met een ritje door Duitsland naar ons hotel, Rolduc. Een sliert automobielen zette zich in beweging, aangevoerd door de bolide van Ronald Speyer, die ons op werkelijk grandioze wijze naar ’huis’ loodste. Toen wij hem daarvoor bij aankomst een compliment maakten, riep de Verlosser, de handen ten hemel gestrekt: ’Ik ben de weg, de waarheid en het leven!’

Wat er verder in Rolduc gebeurde, kunnen wij moeilijk vertellen, omdat wij alleen nog even in de bar verschenen om er een flesje rood aan te schaffen. Aldus konden wij een schitterende dag besluiten met de laatste bladzijden van ’Dode zielen’ van Nikolaj Gogol en heel tevreden in slaap sukkelen.

Limburghoenshuiszwaan.jpg

De volgende dag begon met zon, vlaai, koffie en prettige gezichten alom. Ook op het Hoenhuis wordt het personeel kennelijk opgedragen gasten vooral blij en vriendelijk tegemoet te treden. Nou, dat lukte heel goed. Ook wij droegen geen ander dan een vriendelijk, blij gezicht. Wij dronken eerst maar eens gezellig koffie met Toussaint en bespraken het onderwerp ’nieuws’. Toussaint is zeer geïnteresseerd in nieuws, wij totaal niet. Wij lezen het allemaal de volgende dag wel in de krant, Toussaint wil het allemaal van minuut tot minuut volgen, via zijn iPhone en iPad. Nieuws over Toussaint zelf: hij gaat na de zomer de gehele WK-kwalificatie van het Nederlands elftal doen, alsmede, waarschijnlijk, ook het eindtoernooi in Brazilië. Voor het ANP. Mooi, man – en dik verdiend!

Limburgherkenboschflight1.JPG

Ons, arguably, meest eloquente lid kwam weer eens wat wijsheid spuien. Wie weet er meer dan Ger Laan, vragen wij ons wel eens af. Ger leerde ons deze keer weer een nieuw woord kennen: nefroloog. Dat is een nierkundige. Ger weet dat omdat zijn vrouw Inez aan de lopende band nierstenen produceert. Ger vertelde het allemaal, zodat hij lekker op stoom kwam en ons nog meer ging leren. Wisten wij dat er in chips ’eetversnellers’ zitten? Nee. ,,Daarom kun je niet stoppen met chips eten, er zit een e-nummer in die chips dat het verzadigingsgevoel onderdrukt.’’ Tjee. Ger kweekt trouwens tegenwoordig zijn eigen sla. Superlekker!

Ruud van Breugel zat er inmiddels bij als een te gekke pik uit het Gooi, met een kek petje op de kop. Berthold kwam weer overdrijven. ,,Ik had bijna niet meegedaan!’’ Hij had een buggy besteld en buggy’s mochten vandaag niet in de baan, maar toch weer wel, toen bleek dat er slecht was gecommuniceerd binnen het Hoenhuisbedrijf. Ruud Taal kwam ook al overdrijven. ,,Ik was bijna gearresteerd.’’ Ruud was die ochtend aan het fotograferen geweest: rotondes met kunstwerken. En dat deed-ie bij een Navo-basis, wat een bezoekje van twee extreem ijverige militaire beambten tot gevolg had, met het bekende zeikverhaal. ,,Wat is uw naam?’’ ,,Ik zie niet in waarom ik u mijn naam zou moeten geven.’’

Geinig genoeg stak Ruud op zeker moment de straat over, net toen Pieter Landman en Ruud van Breugel passeerden, op weg naar Herkenbosch, waar vriend Friso Leunge de dag ervoor een pak had laten liggen. ,,Verrek, daar loopt Ruud!’’

Spelen op het Hoenhuis was een groot genoegen. Mooie baan, goed onderhouden, geweldige greens. En een zonnetje dus. Wij speelden met Ruud Taal en Hilda. Het viel ons op dat Ruud een enigszins trage speler is. Dat duiden we hem niet euvel, want wij zelf zijn weer veel te snel, dat is ook niet goed. Na afloop stroopte Ruud zijn broek trouwens even op, zodat een brace zichtbaar wordt. ,,Ik heb gevoetbald vroeger. Ze noemden me ’Het scheermes’, maar ik heb zelf toch ook wat schopjes gehad.’’

Op het terras zat Pieter doodmoe te zijn. Hij voorspelde dat er veel scores van 15 tot 25 zouden vallen deze dag. En de volgende dag zou het gaan regenen, welke predictie ondermeer Karel van de Graaf deed besluiten het mooi voor gezien te houden.

De bijdrage van Karel bleef (wat onze oortjes betreft) dus helaas beperkt tot een mop in de kleedkamer over een man die jarenlang elke zaterdag met twee vrienden ging vissen, tot zijn vrouw het spuugzat werd en hij dus de eerste de beste afspraak maar afzegde. Maar wie zat er die zaterdag als eerste aan het water: deze man. Hij zei: ,,Mijn vrouw heeft me gisteravond totaal verwend, zo blij was ze dat ik niet zou gaan vissen. Pikante kleding, hulpmiddeltjes, ik mocht haar vastbinden en ze zei: ’Je mag doen wat je wilt, alles, wat je maar wilt.’ Nou, toen heb ik haar vastgebonden en ben ik maar komen vissen.’’

Ruud beleefde nog een momentje van glorie, ten koste van Ronald Speyer, die als lid van de wedstrijdcommissie antwoord moest geven op de vraag wat je moet doen met een bal die embedded ligt. Nou, volgens Ronald en Pieter zijn er twee mogelijkheden: onbespeelbaar verklaren of slaan. De vraag was van Ruud die in een waterhindernis embedded had gelegen. Maakt niet uit, zelfde antwoord. Maar dat ging Ruud toch eens even nakijken. En wat bleek: in de baan, op de fairway, mag je zo’n bal oppakken, schoonmaken, droppen en zonder straf weer slaan.

Ronald herstelde zich overigens keurig door te scoren met de mededeling dat hij tegenwoordig warme betrekkingen onderhoudt met de weduwe van Gadaffi. ,,Die heeft me gisteren nog een mail gestuurd met de vraag of ze even 30 miljoen op mijn rekening mag parkeren.’’

Aan onze tafel ging het met Berthold heel fijn over Céline en Hermans en andere literaire mastodonten, waarbij wij de indruk kregen dat Berthold wel heel erg veel boeken moet hebben. Dat klopt, hij heeft er duizenden. Enige honderden bevinden zich in een schitterende boekenkast uit 1902, een erfstuk. Hilda, die Berthold altijd komt ophalen, heeft boeken noch kast ooit gezien. ,,Hij heeft me nog nooit gevraagd binnen te komen.’’

Dat leidde uiteraard tot enkel intieme vragen over de heer en mevrouw Van Wulftten Palthe, die Berthold bekwaam pareerde met verhalen uit de goede oude doos. Wat wij allemaal niet wisten en nu wel! Bijvoorbeeld: de vader van Berthold was directeur van Phonogram, zodat er lui als Johnny Hallyday (’Feitelijk een Belgische circusjongen’) bij de Van Wulftten Palthes een vorkje meeprikten, als dat zo uitkwam. En de kleine Berthold was dan natuurlijk van de partij.

Het was niet vreemd dat Berthold ook in de muziek terecht kwam. Hij vroeg of pa niet een geinige stage kon regelen en dat kon pa, in Schotland: een op dat moment enigszins anoniem bandje promoten dat wel wat bekendheid kon gebruiken: Roxy Music. Later kwam hij in Canada terecht waar hij een tournee van Slade en Focus moest begeleiden. Onbegonnen werk, aldus Berthold. ,,Een drama. Die van Slade waren elke dag om tien uur al dronken, die van Focus elke dag stoned. Ik moest zorgen voor radiozendtijd en had in elke binnenzak iets voor de mannen die ik moest verleiden tot het draaien van muziek van Focus en Slade. In mijn linkerbinnenzak zat een plak hasj, in mijn rechterbinnenzak had ik de telefoonnummers van een paar call-girls.’’ Hij is 61 inmiddels, maar nog altijd uitstekend op de hoogte van de muziekindustrie, zelfs van de hard rock. Tip van Berthold: de nieuwe cd van ’Black Keys’, getiteld ’El camino’. Berthold: ,,Eenzaam hoog niveau.’’

Wisten wij overigens dat Berthold een bestseller op zijn naam heeft staan? Er zijn volgens onze vriend 55.000 boeken verkocht van ’Harde ballen’, geschreven door Richard Krajicek, maar van anekdotes voorzien door Berthold!

Ger Laan was best een beetje trots op zijn ronde: slecht geputt, maar hij had zich niet uit zijn spel laten lullen door Willem van den Elskamp, hoewel die al op de eerste tee zijn eerste raadselmopje debiteerde. ’Het hangt aan de muur en het tikt’. Antwoord: een vleermuis met een druiper. Ger: ,,Acht jaar geleden speelden we match-play. Toen liet ik me nog wel door Willem uit mijn spel halen, toen stond ik na negen holes zeven down.’’

De laatste uren van de dinsdag bracht de meerderheid door in de bar. Wij gingen er ook eens kijken. Onderweg zagen wij diverse jonge meisjes met opvallend veel been. Er bleek een gala-avondje te zijn van plaatselijke scholieren. De eerste die zulks in de gaten bleek te hebben was uiteraard Willem van den Elskamp. Wij zagen hem evenwel op enig moment teleurgesteld door de gang sjokken, de kop tussen de schouders, duidelijk aangeslagen. Hij bleek te zijn verwijderd van het gala, omdat hij één enkele vraag niet behoorlijk kon beantwoorden: wat hij hier te zoeken had. Waar haalt de man de erotische ambitie vandaan, vraag je je af. En hoe komt het toch dat hij zo veel weet, terwijl hij volgens onze ruime schatting negentig procent van de tijd achter de meiden aan zit? Zo wist hij in de bar even later Gjalt weer opgewekt te melden dat hij wist waar diens naam vandaan kwam. Van geld. Gjalt heet eigenlijk geld. Ja, dat vindt Gjalt zelf trouwens ook een rare naam.

Limburgspeyerintrouble.JPG

Er werden nog meer raadsels opgelost deze dag. Is het Speijer of Speyer? Ronald vertelde gloedvol over een zekere Jaap (Jacob) Speyer (of Speijer), een filmregisseur, die in 1934 een hit scoorde met ’de Jantjes film’. Honderdduizend bezoekers! Speijer (of Speyer) overtrof dat aantal later nog met ’Een koninkrijk voor een huis’. Daarom is er in Amsterdam een Speyerstraat. En waar komt die naam vandaan? Van het plaatsje Speyer aan de Rijn.

Speyer (of Speijer) aan de bar is weer een ander verhaal. Onze onovertroffen wedstrijdregelneef hadden wij gevraagd om een aardige flight voor de volgende dag: Gjalt, Ger en wij. In zijn toespraakje bij de prijsuitreiking zei hij nog even dat iedereen gerust een voorstel voor een flightgenoot bij hem kon inleveren. Wij hadden dat dus al gedaan. Welke flight even later bekend werd gemaakt, niet die met Gjalt, Ger en ons. Protest! Ronald loste het de volgende dag op geheel eigen wijze op: hij verklaarde plechtig dat iedereen zich naar de eerste tee mocht begeven om het daar verder zelf lekker uit te zoeken. Dat deden we dus maar. Nu wilde het geval dat het regende. Regende? Het goot. En het woei. En we dachten allemaal: wat doen we hier? Ronald dacht dat ook en handelde: hij zei goede dag en verdween, naar huis, pleite. Wij gingen van start, in de zeikregen, in tweetallen, drietallen, met buggy, zonder buggy, vrijwel zonder uitzondering met weinig fiducie in de naaste toekomst.

 

Limburgponchos.jpg

Na negen holes hield de meerderheid het voor gezien. Gjalt ook. Gekke man. Eenzelvig, zoals ook wij zijn, maar met een fabelachtige kennis van dingen. Hij wenste er na negen holes mee op te houden, terwijl hij fenomenaal speelde! Wij speelden eigenlijk al vele holes alleen om Gjalt aan een ordentelijke scorekaart ter helpen, maar de gedoodverfde winnaar van de dag had er geen enkele lol meer in. Hij niet alleen. ,,Liever een nicht, dan morgen jicht’’, juichte André bij binnenkomst in droge kringen. Enkele dapperen speelden door, hulde voor hen. Eric Korver had natuurlijk uitgerekend dat zo’n beetje elke score goed was voor een hoop punten in de Order of Merit, Marijke sloeg ook stug door. Hulde aan deze helden:  Eric, Marijke, Ruud Taal, Ruud van Breugel, Pim, Andy.

(Voor onze Gjalt twee boekentips, recent door ons gelezen + goed bevonden, boeken die  - deels - in Groningen spelen: ’Hotel Sofia’ van Arthur Umbgrove en ’Het boek ONT’ van Anton Valens.)

Om half drie gingen we aan het buffet met een select gezelschapje diehards en we prezen ons gelukkig twee à drie geweldige dagen te hebben beleefd. Het was goed Louky weer eens te zien en het speet ons dat we zo kort van mooie gedachten wisselden, over programma’s die er toe doen. Zij geeft ons, in haar eentje, het goede gevoel dat Hilversum niet alleen maar door meepraters, betweters, carrièrejagers, ijdeltuiten, liplezers, fantasten, lulvragenstellers en jasjesfetisjisten wordt bevolkt. Het was goed dat Pieter er was, onze voorzitter die alles een ontspannen draai geeft en ons ook in het laatste uur weer voortreffelijk representeerde.  Het was jammer dat we Fred maar één dag zagen, en anderen niet alle dagen.

En we misten enkele wandelvrienden toch wel in het bijzonder: Leo van der Ruit, die uiteraard in onze gedachten was. We misten ook enkele belangwekkende meubelstukken annex clubiconen: Hans Terol voorop, maar ook Leon en Rob Hoogland en Kostertje en Poppe en John Dekker en Ben. Eentje werd niet gemist, tenminste niet door Eric Korver. Als het aan Eric ligt, mag Michiel Teeling nog wel een paar keer wegblijven, vermoedelijk. Maar of dat helpt als het straks november wordt en de beste der besten aan het licht treedt…

Voila, 3000 woorden over twee à drie geweldige dagen. Tot gauw, tot bij onze goede Wim!

Tekst: Henri van der Steen
Foto’s: Ronald Speyer, Ruud Taal 

Frenoloog?

madelon barenbrug

 

Goede vrienden, wat is een frenoloog?? Gingen de vingers iets te snel over het toetsenbord, goede Henri? Het is een nefroloog, een internist gespecialiseerd in nieren. Morgen gaan we er weer heen met mijn Loek.

Groet, Madelon

Nefroloog

Madelon,

mij treft alle blaam. Het is inderdaad nefroloog ipv frenoloog. Ik heb het Henri in mijn stortvloed aan woorden verkeerd voorzegd. Ik zei er nog bij dat het woord van het Griekse ‘nefros’=’nieren’ afkomstig is maar hield het toch stug bij die frenoloog. Een ander woord dat ik noemde over het dinsdagavondtuniek van Marijke Brouwers heeft Henri niet gebruikt: ‘ravissant’.