HORE!

HORE!

Met de nakende finale om de Joop van der Flier-trofee is het weer tijd voor een resumé van de matchplay-verslagen die eraan vooraf gingen. Willekeurig gegrabbel in de ton met vele duizenden woorden levert een kijkje op in de zielen en bijbehorende roerselen van de NVGJ’ers die onder het straffe regime van Aleid Kemper, maar verder zonder rang of stand, de strijd met elkaar aangingen.
Sommige namen zijn vanwege hun originaliteit gehandhaafd, andere zijn zeer bewust niet eens gefingeerd, maar om diverse - vaak voor de hand liggende … - redenen in het geheel weggelaten. Corresponderen mag uiteraard, maar het zal geen zin hebben.Het zijn immers uw eigen woorden.

Ruud Taal

 

The Sheriff is back in Town!

Goede Vrijdag houden wij, gerenommeerde Heren en Dames, gewoonlijk beschikbaar voor familie en de Mattheus Passion in de Grote Kerk van Naarden. Ik krijg dat woord echter amper meer uit mijn strot en ook met moeite op papier. Om gelukkig te zijn moet je iets doen waar je gelukkig van wordt. Dan is de lijdensweg iets korter.
Wij boffen, we hebben nog geen kaarten. Dat heeft een specifieke reden, te weten de vakantieplanning naar mijn geliefde Puglia, waar ik me te buiten ga aan cultuur, zon, architectuur, drank en voedsel – kortom, La Dolce Vita. En ik kan U zeggen: zo’n voorbereiding doet wonderen. 

- - -

In het hof van Gethsemane kon je zo Jezus en zijn discipelen tegen het lijf lopen. Hij had als voorbereiding op zijn reis naar het Heilige Land de kinderbijbel weer tevoorschijn gehaald. Dergelijke clubjes zijn heilig; Envégéjérs, ofwel voor 50% nog actief journaille. Ik heb geen idee of de zondvloed van afgelopen vrijdag onderdeel was van het strijdplan, maar hij wenste me ‘veel historisch besef’ toe. Waarna hij subiet weer wat duivels op gebied van psychologische oorlogsvoering bedacht, want als onze eminente oud-voorzitter zich daaraan waagt, volgt uiteraard een kleine bloemlezing met alle toeters en bellen. 
Een dier schrok zich lam en maakte een bokkensprongetje. Het zou zijn laatste stuiptrekking zijn, met als pijnlijk sluitstuk een salto-mortale.
Ik ben trouwens nog even met een snoeischaar teruggegaan.

- - -

De Noordwijkse kwam met een mooie glimlach en een kadootje aanlopen. “Als je wilt mag je wel bij mij komen spelen”. Ik weet dat ik nu mijn kans kan pakken. De perfecte combinatie om het leven groots en meeslepend te vieren. En dat gebeurt dan ook. Ik ben namelijk een ‘angstgegner’, zoals dat zo mooi heet. En als de zon dan ook nog uitbundig schijnt, zoals deze middag, dan is het helemaal een cadeautje. De blauwe lucht, de bloesem, het zonnetje… Zuid Afrikaanse Chenin Blanc met Parelhoen, broodjes ei, drinken.., er was genoeg. Roer goed door en breng de massa aan de kook. Houd hierbij het katoenen lapje omhoog zet ze circa 10 minuten omgekeerd op een doek.
We genoten volop en bij het beklimmen van het het zadel gewaar ik Asparagus officinalis; gewoon groen, waar tegenwoordig bruin meer de norm is.

Ook wel fijn dat ik na jaren niet zelf meer de jongste ben, terwijl ik met mijn ijzertje liep te zwaaien. Ik houd mijn exemplaar doorgaans goed aangebonden, maar het wordt, snookered tussen de bomen, voor allebei gewoon ‘staan en slaan’ en evenzovele keren kreeg ik een pak slaag van jewelste. Er zat in de knuffelkoning ergens een klein duiveltje verborgen, waarna hij gelukkig zelf het meest effectief de hoornen pootjes onder zijn innerlijke plaaggeest vandaan sloeg. Het verzachtte de pijn enigszins maar niet volledig.

Wij delen onze liefde voor de zon. We hadden plezier en zij bleef tot het laatst haar best doen, waarbij wij onze smaakpapillen verwenden met een ‘glipper’. Wie weet is de derde keer daadwerkelijk scheepsrecht. En trek je haar uit de comfortzone van de Leusdener bossen, dan is dat een wereld van verschil. Maar de sympathieke fotograaf uit Loenen wenste daar niet van te profiteren. 
De regenhandschoenen (en onderbroek) waren inmiddels precies nat genoeg. Het is toch een serieus spel, waarbij ik - die liefst voor de gezelligheid gaat - altijd moet opletten dat ik mijn aandacht niet laat verslappen. Misschien heb ik hier als ‘rookie’ iets te vroeg een grote mond, want we beginnen allebei niet zo succesvol. Zij krijgt de kans om mij in te pakken, maar helaas voor Sonja. Zij is nog niet echt in goeden doen, dat zal duidelijk zijn, behalve diep, en dan ook echt diep, onder de indruk van de ogen van dit heerschap.

Het werd helaas nooit écht spannend en hij omschreef de situatie als ‘zinloos geweld’. Dat gebrek aan voorbereiding breekt ons op. Om niet te zeggen: het mes werd ons door Aleid al aardig op de keel gezet. Een kwestie van conditie, denk ik of omdat ik mijn leesbril niet had gebruikt. Het bleek maatgevend voor de rest van de dag. Maar ik kan het mis hebben. Het kon nog steeds, maar dan moest het wel nu gebeuren. Waar hij zeer waarschijnlijk recht had op de gifbeker van ons aller Heleen, maar dat terzijde.
Een tijdelijke opklaring zorgde voor een opleving. Door omstandigheden als een gekneusde teen, rug- en oogprobleem moesten wij als twee kneusjes Aleid alsnog verzoeken om ons iets langer de tijd te geven. Overdag probeerden we niet eens dus werd het – na overleg met zijn hoofd huishoudelijke dienst – ‘s ochtends vroeg. Op ons niveau is een foutje dodelijk.
We zijn aan elkaar gewaagd op deze ‘vermoedelijk laatste zomerse dag van dit jaar’, wat ik het weermeisje van de NOS later die dag op tv hoor zeggen. Hoe het ook zij, hij draait in ieder geval nòg een rondje mee in het circus van Aleid en dat stemt tevreden.

‘Waarom begin ik nu weer met pochen?’, vroeg hij zich luidkeels af. Was het van hoog niveau? Tragisch! Nog erger, de flessen kwamen binnen maar werden niet geopend. Nee. Al vijf jaar niet’, zuchtte de voorzitter, die sprak van een probleem dat ‘ook tussen mijn oren is gaan zitten’. ‘Kolder’, was mijn eerste reactie.

“Zijn we al klaar?’’, verzuchtte Ruud. Vorig jaar had hij immers niemand minder dan het blonde golfbeest Pamela aan zijn zegekar weten te binden en ik kan niet anders zeggen dan dat elke kilometer die ik er voor heb moeten afleggen om de achtertuin van Hannes te bereiken meer dan het rijden waard is geweest. Al had het wat hem betreft best eerder afgelopen mogen zijn…
Uitgewaaid genoten we nog na. Zonder paraplu, mét zonnebrand. Was het spannend? Het is maar net hoe jet het bekijkt.  

In zijn rug deed ik mijn pet af, stak ik mijn hand uit en vloekte ik een beetje op mezelf voor het rommeltje dat ik er van had gemaakt.
Onze wegen gingen uiteen: zij richting Frankrijk, ik richting Engeland. 
Hij verwijdert als taakstraf Amerikaanse Vogelkersen, maar er zijn er onder ons ook die echt nog hard werken voor hun dagelijks brood.
Geen idee wie die wetmatigheid heeft uitgevonden, maar hij is spot-on. 

Noteer je dat wel even, president?’’